2.004 uitspraken gevonden
Sorteer op: Relevantie
- Civiel recht overigHoger beroepHuur woonruimte. Buitengerechtelijke ontbinding huurovereenkomst op grond van art. 7:231 lid 2 BW tijdens…
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden|14 februari 2023|ECLI:NL:GHARL:2023:1291
buitengerechtelijke ontbinding in strijd is met de eisen van redelijkheid en billijkheid (artikel 6:248 BW). [appellant] voert aan een goed huurder te zijn die geen overlast of schade veroorzaakt bij Portaal
- Civiel recht overigHoger beroepDoorlopend krediet en later verhoging van het krediet. Bank heeft bij het aangaan de kredietnemer voldoende…
Gerechtshof Amsterdam|11 april 2017|ECLI:NL:GHAMS:2017:1279
Amro de hierbedoelde contractsbepaling niet hanteerde op een wijze die aan de krachtens artikel 6:248 BW geldende eisen voldeed. 3.6. [appellant] heeft voorts onder verwijzing naar (onder meer) artikel
- Civiel recht overigHoger beroepbeperkende werking redelijkheid en billijkheid (art. 6:2 BW), verkoop woning M, hoofdelijke aansprakelijkheid…
Gerechtshof 's-Hertogenbosch|25 juni 2019|ECLI:NL:GHSHE:2019:2284
wordt beheerst door de eisen van redelijkheid en billijkheid (art. 6:2 BW en 6:248 BW). Zij heeft vervolgens de belangen van [geïntimeerde] bij ontslag uit hoofdelijke aansprakelijkheid en verkoop
- Civiel recht overigHoger beroepServicekosten, afrekening nakosten, nagekomen kosten, redelijkheid en billijkheid, rechtsverwerking
Gerechtshof 's-Gravenhage|30 juni 2009|ECLI:NL:GHSGR:2009:BJ1398
beroep op de aanvullende/beperkende werking van de redelijkheid en billijkheid gebaseerd op art. 6:248 BW. 7. Uitgangspunt is dat een beroep op rechtsverwerking slechts kan slagen indien sprake is van uitzonderlijke
- Civiel recht overigHoger beroepPensioenverzekering. Uitvoeringsovereenkomst werkgever met pensioenverzekeraar inzake belegging…
Gerechtshof Amsterdam|16 oktober 2018|ECLI:NL:GHAMS:2018:3786
Pensioenverzekering. Uitvoeringsovereenkomst werkgever met pensioenverzekeraar inzake belegging pensioengelden. Gesepareerd beleggingsdepot. Bijstortingen in beleggingsdepot wegens te lage dekkingsgraad. Bijstortingen in strijd met de pensioenwet? Gezag van gewijsde van ECLI:NL:GHAMS:2016:862. Zie ook…
- Burgerlijk procesrechtHoger beroepArt. 332 Rv, vordering onder de appelgrens. Niet-ontvankelijk.
Gerechtshof 's-Hertogenbosch|14 september 2021|ECLI:NL:GHSHE:2021:2849
BW nietig is; Meer subsidiair III. vernietiging van de vaststellingsovereenkomst op grond van artikel 6:248 BW; Meest subsidiair IV. ontbinding van de vaststellingsovereenkomst op grond van artikel 6:258 BW; Zowel
- Civiel recht overigHoger beroepZoals hiervoor in rechtsoverweging 4.9 is overwogen is het hof met Haskoning en SPH van oordeel dat de…
Gerechtshof Arnhem|26 augustus 2008|ECLI:NL:GHARN:2008:BH1421
tegen de vorderingen in conventie (met name het verweer op grond van artikel 6:248 BW) zal worden verworpen, dat het hof voor recht zal verklaren dat: a. in de relatie tussen
- Civiel recht overigHoger beroep(duur)overeenkomst voor informaticiprestaties. Reflexwerking Colportagewet. Dwaling. Twee-conclusieregel.
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden|5 maart 2013|ECLI:NL:GHARL:2013:1333
algemene voorwaarden naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid onaanvaardbaar is (artikelen 6:2 en 6:248 BW). Ter onderbouwing daarvan zijn geen andere stellingen aangevoerd dan die welke in de voorgaande rechtsoverwegingen
- Civiel recht overigEerste aanleg - enkelvoudigreorganisatie Wegener. Ontbindingsverzoek afgewezen. Onvoldoende aannemelijk dat geen passende functie voor…
Rechtbank Gelderland|19 december 2013|ECLI:NL:RBGEL:2013:6189
gevallen ‘naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid onaanvaardbaar’ zijn en daarmee de toets van 6:248 BW halen. Van een dergelijke zeer bijzondere situatie is niet gebleken. De situatie van Wegener lijkt
- Civiel recht overigHoger beroepUitleg overeenkomst. Overdracht van vorderingen op consumenten die voortvloeien uit telefoonabonnementen met…
Gerechtshof Amsterdam|10 september 2019|ECLI:NL:GHAMS:2019:3446
dragen vorderingen. Hoist baseert deze verplichting op de artikelen 6:2 BW en 6:248 BW waaruit volgt dat de schuldeiser en de schuldenaar zich jegens elkaar dienen te gedragen overeenkomstig
- Civiel recht overigHoger beroepProcedure na verwijzing Hoge Raad. Collectieve actie (305a-procedure) van Stichting SDB tegen ABN AMRO. ABN…
Gerechtshof Den Haag|11 oktober 2022|ECLI:NL:GHDHA:2022:1983Aangehaald in 11 uitspraken
Procedure na verwijzing Hoge Raad. Collectieve actie (305a-procedure) van Stichting SDB tegen ABN AMRO. ABN AMRO heeft in haar leningdocumentatie voor Euribor-hypotheken wijzigingsbedingen opgenomen uit hoofde waarvan zij eenzijdig de opslag kan wijzigen die zij, naast de Euribor-rente, in rekening brengt. Op grond…
- VerbintenissenrechtEerste aanleg - enkelvoudigVraag of er sprake is van onrechtmatig handelen door een niet overeengekomen renteopslag (hypotheek) in…
Rechtbank Midden-Nederland|15 maart 2017|ECLI:NL:RBMNE:2017:1231
niet meer als winkel in gebruik is, geldt dat artikel 6:2 BW noch 6:248 BW ertoe kunnen leiden dat de kantonrechter de overeenkomst wijzigt in die zin dat [eiseres
- InsolventierechtHoger beroepSchadevergoeding wegens om het leven brengen van een persoon is een schuld niet te goeder trouw, waarbij…
Gerechtshof Leeuwarden|10 januari 2001|ECLI:NL:GHLEE:2001:AE9995
BW of de redelijkheid en billijkheid als bedoeld in artikel 6:2 en 6:248 BW, maar om een gedragsmaatstaf. Bij de toetsing van deze weigeringsgrond kan de rechter alle (relevante) omstandigheden
- BelastingrechtHoger beroepOp grond van een door de gemeente in 1959 met een waterleidingbedrijf gesloten overeenkomst is het Hof van…
Gerechtshof Amsterdam|14 september 2017|ECLI:NL:GHAMS:2017:4035
Daarnaast kan van de gemeente naar de maatstaven van redelijkheid en billijkheid (artikel 6:248 BW) niet worden gevergd dat zij in de onderhavige jaren nog is gehouden tot nakoming
- Civiel recht overigHoger beroepUitleg van de terugbetalingsregeling die is opgenomen in een studieovereenkomst. Is ook sprake van een…
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden|8 september 2015|ECLI:NL:GHARL:2015:6643
door wettelijke bepalingen, door de eisen van goed werkgeverschap en de norm van art. 6:248 BW (Hoge Raad 10 juni 1983 NJ 1983/796; Muller/Van Opzeeland). De Hoge Raad heeft
- Civiel recht overigHoger beroepgrondhuur vergoeding aan moeder voor een door haar op grond van dochter gebouwd huis
Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba|14 mei 2019|ECLI:NL:OGHACMB:2019:80
geweest - is er ook anderszins geen beletstel om [appellante] op grond van artikel 6:248 BW een vergoeding toe te kennen die niet is gebonden aan de strikte beperkingen van artikel 6
- ArbeidsrechtEerste aanleg - enkelvoudigArbeidsrecht. cao Particuliere Beveiliging. ORT-regeling. Gebruikelijke werkzaamheden. Nietige cao-bepaling…
Rechtbank Noord-Holland|18 juli 2018|ECLI:NL:RBNHO:2018:11695Aangehaald in 5 uitspraken
vordering naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid onaanvaardbaar moet worden geacht (artikel 6:248 BW). Verder voert Securitas aan dat aan enige nietigheid of vernietigbaarheid terugwerkende kracht dient te worden ontzegd
- Civiel recht overigHoger beroepOngevallenverzekering met werkgever als verzekeringnemer en de werknemers als verzekerden. Geen begunstigde…
Gerechtshof 's-Hertogenbosch|15 november 2016|ECLI:NL:GHSHE:2016:5121
appellant] heeft zich verder nog beroepen op de artikelen 7:611, 6:2 en 6:248 BW. Volgens [appellant] vloeit uit de aard van de overeenkomst voort dat de schadeuitkering aan [appellant
- Civiel recht overigHoger beroepHuwelijksvermogensrecht; dwaling ten aanzien van de verdeling; afstand van recht; redelijkheid en…
Gerechtshof 's-Hertogenbosch|19 juni 2012|ECLI:NL:GHSHE:2012:BW9156
grond van dwaling ingevolge artikel 3:196 BW en subsidiair op grond van artikel 6:248 BW. Tevens heeft hij vaststelling van de verdeling van de huwelijksgoederengemeenschap gevorderd. 4.2.2.De vrouw heeft verweer
- Civiel recht overigHoger beroepAmbtshalve toetsing. Eenzijdig rentewijzigingsbeding voorshands oneerlijk geoordeeld. Partijen dienen zich…
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden|16 juli 2019|ECLI:NL:GHARL:2019:5887
wederzijdse instemming van partijen of – onder bijzondere omstandigheden – met een beroep op artikel 6:248 BW (aanvullende of beperkende werking van de redelijkheid en billijkheid) of 6:258 BW (onvoorziene omstandigheden). Voorts
Zoektips
Een ECLI (ook kort, zoals HR:2020:2020), LJN of vindplaats (NJ 2019/123) opent direct de uitspraak. Gebruik aanhalingstekens voor een exacte woordgroep (“ontslag op staande voet”), OR voor alternatieven (huur OR pacht), een sterretje voor woorddelen (huur* vindt ook huurder) en een minteken om een woord uit te sluiten.