767 uitspraken gevonden
Sorteer op: Relevantie
- Civiel recht overigEerste aanleg - enkelvoudigRechtbank Zutphen · Eerste aanleg - enkelvoudig · Civiel recht overig
Rechtbank Zutphen|7 maart 2002|ECLI:NL:RBZUT:2002:AE0124
melden, nu gesteld noch gebleken is dat het bepaalde in art. 28 lid 4 Fw. van toepassing zou zijn. 2.4 Ook Granietberg B.V. (gedaagde sub 9) verkeert sedert 6 april
- InsolventierechtEerste aanleg - meervoudigWHOA; afwijzing homologatieverzoek; informatie in het akkoord en bijlagen niet toereikend en correct…
Rechtbank Den Haag|22 augustus 2024|ECLI:NL:RBDHA:2024:13480
meer van de afwijzingsgronden als bedoeld in artikel 384 lid 2 tot en met 4 Fw voordoet. De rechtbank zal op grond van artikel 384 lid 2 Fw het homologatieverzoek van [naam
- InsolventierechtWSNP; afgewezen verzoek tot het uitspreken van de toepassing van de schuldsaneringsregeling op grond van art…
Parket bij de Hoge Raad|22 december 2006|ECLI:NL:PHR:2006:AZ2595
april 2006 is op diezelfde datum (en derhalve binnen acht dagen; vgl. art. 292 lid 4 Fw) bij de griffie van de Hoge Raad ingekomen. 5 In zijn brief van 28 december
- InsolventierechtInsolventierecht. Opheffing van faillissement en gelijktijdig uitspreken schuldsaneringsregeling, afgewezen…
Parket bij de Hoge Raad|12 oktober 2007|ECLI:NL:PHR:2007:BA7958
verbaal van 1 december 2006, p. 2. 5 De cassatietermijn bedraagt ingevolge art. 15c lid 4 Fw acht dagen. Het cassatierekest is op 12 januari 2007 per fax ingekomen
- Civiel recht overigWSNP. Ontnemen schone lei, art. 358a Fw. Is rechter-commissaris ‘belanghebbende’ die verzoek in de zin van…
Parket bij de Hoge Raad|6 maart 2015|ECLI:NL:PHR:2015:191
maart 2014 van de curator aan de rechter-commissaris. Ingevolge art. 358a lid 4 Fw is de cassatietermijn acht dagen. Het verzoekschrift tot cassatie vermeldt (op p. 12) als datum
- Civiel recht overig12 augustus 2005 Eerste Kamer Nr. C04/144HR RM Hoge Raad der Nederlanden Arrest in de zaak van: [Eiser]…
Parket bij de Hoge Raad|12 augustus 2005|ECLI:NL:PHR:2005:AT7799
commissaris (onder bepaalde voorwaarden) een aangeboden akkoord vaststelt als ware het aangenomen (art. 332 lid 4 Fw). Kenmerk van al deze akkoorden uit de Faillissementswet is het gerechtelijke toezicht. 3.3 Ook buiten
- Civiel recht overigInsolventierecht. Schuldsanering. Hoger beroep tegen beslissing rechter-commissaris (art. 315 Fw)…
Parket bij de Hoge Raad|6 september 2021|ECLI:NL:PHR:2021:809
Insolventierecht. Schuldsanering. Hoger beroep tegen beslissing rechter-commissaris (art. 315 Fw). Ontvankelijkheid
- Civiel recht overigFaillissementsrecht. Ten onrechte geen schorsing geding in hoger beroep na faillietverklaring; gevolgen voor…
Parket bij de Hoge Raad|27 mei 1994|ECLI:NL:PHR:1994:22
eiseres] toekomende salaris een boedelschuld (art. 36 Fb en art. 40 lid 4 FW), die niet aan verificatie is onderworpen. Geschillen daarover moeten rechtstreeks door of tegen de curator worden ingesteld
- InsolventierechtEerste aanleg - meervoudigWHOA, Toewijzing verzoek homologatie van een akkoord
Rechtbank Amsterdam|2 augustus 2023|ECLI:NL:RBAMS:2023:6160
juli 2023 heeft Diebold Dutch Holding een verzoekschrift met bijlagen ex artikel 383 lid 4 Fw ingediend, strekkend tot homologatie van een door haar aangeboden akkoord. 1.7. Bij beschikking van 17 juli
- InsolventierechtEerste aanleg - enkelvoudig1) Voorlopige surseance van betaling: bezwaren van schuldeisers ex artikel 252 Fw dat géén akkoord is…
Rechtbank Rotterdam|3 augustus 2021|ECLI:NL:RBROT:2021:8742
aanzien van overige weigeringsgronden van artikel 272 tweede lid (onder 3 en 4 Fw) Het is de rechtbank niet gebleken dat een van deze weigeringsgronden in deze (voorlopig verleende) surséance van betaling
- InsolventierechtFaillissementsrecht. Procesrecht. Subjectieve cumulatie en voortzetting geding ex art. 29 Fw door betwistende…
Parket bij de Hoge Raad|9 december 2022|ECLI:NL:PHR:2022:1148
Faillissementsrecht. Procesrecht. Subjectieve cumulatie en voortzetting geding ex art. 29 Fw door
- InsolventierechtFaillissementsrecht, in hoger beroep bekrachtigde faillietverklaring (81 RO); niet-ontvankelijk…
Parket bij de Hoge Raad|20 april 2007|ECLI:NL:PHR:2007:BA3413
moet verzet worden ingesteld bij het hof en is hoger beroep ingevolge art. 11 lid 4 Fw uitgesloten. 2.9 Art. 12, eerste lid Fw bepaalt vervolgens dat van het arrest(16) door
- InsolventierechtEerste aanleg - meervoudigHomologatie (gestaffeld) akkoord in surseance.
Rechtbank Rotterdam|18 december 2018|ECLI:NL:RBROT:2018:11068
voldoende gewaarborgd, ook ten aanzien van salaris bewindvoerder (artikel 272 lid 2 onder 2 en 4 Fw) De rechtbank stelt vast dat schuldenares kennelijk met de Belastingdienst heeft afgesproken dat de verschuldigde
- Personen- en familierechtArt. 81 lid 1 RO. Executierecht. Vordering tot tenuitvoerlegging bij lijfsdwang ter incasso van…
Parket bij de Hoge Raad|7 november 2014|ECLI:NL:PHR:2014:2109
Art. 81 lid 1 RO. Executierecht. Vordering tot tenuitvoerlegging bij lijfsdwang ter incasso van kinderalimentatie, art. 585-590 Rv. Mogelijkheid tot verhaal; begrip ‘woonplaats’, art. 440 lid 1 onder a Rv, art. 1:10-11 BW. Feitelijke grondslag.
- Insolventierecht13 februari 2004 Eerste Kamer Rek.nr. R03/061HR JMH/AS Hoge Raad der Nederlanden Arrest in de zaak van…
Parket bij de Hoge Raad|13 februari 2004|ECLI:NL:PHR:2004:AO1334
verzoekschrift in cassatie is, in overeenstemming met de cassatietermijn van art. 292 lid 4 Fw, op 19 mei 2003 bij de Hoge Raad binnengekomen. 3 NJ 2000 567, m.nt. PvS. De belangrijkste
- InsolventierechtWSNP, definitieve toepassing van de schuldsaneringsregeling, goede trouw als bedoeld in art. 288 lid 2 onder…
Parket bij de Hoge Raad|31 maart 2006|ECLI:NL:PHR:2006:AV6064
4 Het verzoekschrift tot cassatie is, in overeenstemming met de cassatietermijn van art. 292 lid 4 Fw, op 7 april 2005 bij de Hoge Raad binnengekomen. 5 Op 29 september 2005, derhalve
- InsolventierechtHoger beroepHoger beroep op grond van Faillissementswet door schuldeisers, vennootschap en aandeelhouders tegen…
Rechtbank Rotterdam|31 oktober 2013|ECLI:NL:RBROT:2013:8691
Tele en Fabory niet om een beslissing in de zin van artikel 127 lid 4 Fw, waarvan, zoals de curator op zich terecht stelt, geen hoger beroep mogelijk is. Tegen de beslissing
- Civiel recht overigBodemzaakOnrechtmatige daad. Partijen zijn afkomstig uit Somalië. De vrouw wil dat de man zijn medewerking verleent…
Rechtbank Oost-Brabant|16 september 2026|ECLI:NL:RBOBR:2026:6660
artikel 2 Familiewet, hierna: FW), een religieus (artikel 3 FW) en een traditioneel huwelijk (artikel 4 FW). Een huwelijk wordt geacht religieus te zijn als het bruidspaar religieuze handelingen voor het huwelijk
- InsolventierechtConclusie · Parket bij de Hoge Raad · Insolventierecht
Parket bij de Hoge Raad|22 november 2002|ECLI:NL:PHR:2002:AE8474
reden voor de uitzondering met betrekking tot "ouderlijk vruchtgenot" uit art. 21 sub 4° Fw. Soortgelijke overwegingen gelden voor onder bewind gesteld vermogen (art. 60a en art 21 onder 6 Fw
- Civiel recht overigEerste aanleg - meervoudigDe rechtbank wijst het verzoek om een afkoelingsperiode af nu onduidelijk blijft of de schuldeisers niet in…
Rechtbank Midden-Nederland|21 juli 2026|ECLI:NL:RBMNE:2026:5032
verzoek van [verzoeksters] moet worden beoordeeld aan de hand van artikel 376 lid 4 Fw. Daarin is bepaald dat een afkoelingsperiode wordt afgekondigd als aan drie vereisten is voldaan, namelijk
Zoektips
Een ECLI (ook kort, zoals HR:2020:2020), LJN of vindplaats (NJ 2019/123) opent direct de uitspraak. Gebruik aanhalingstekens voor een exacte woordgroep (“ontslag op staande voet”), OR voor alternatieven (huur OR pacht), een sterretje voor woorddelen (huur* vindt ook huurder) en een minteken om een woord uit te sluiten.