2.004 uitspraken gevonden
Sorteer op: Relevantie
- Civiel recht overigArt. 81 RO. Verbintenissenrecht. Aandelenoverdracht. Uitleg akte.
Parket bij de Hoge Raad|22 juni 2012|ECLI:NL:PHR:2012:BW5354
dividendaanspraken vanaf 1 januari 2005. De in art. 8.4 voorkomende verwijzing naar art. 6:248 BW maakt het voorgaande volgens het hof niet anders, nu eventuele aan de overdracht klevende gebreken enkel
- Civiel recht overigConclusie · Parket bij de Hoge Raad · Civiel recht overig
Parket bij de Hoge Raad|27 juni 1997|ECLI:NL:PHR:1997:AM1905Aangehaald in 6 uitspraken
Rolnummer 16.384 Zitting 27 juni 1997 mr. Bakels Conclusie inzake [eiser] tegen [verweerder] Edelhoogachtbaar college, 1. Inleiding en procesverloop 1.1 In deze procedure gaat het om de beroepsaansprakelijkheid van een advocaat ( [verweerder] ), die heeft verzuimd tijdig hoger beroep in te stellen tegen een voor zijn…
- Civiel recht overigHoger beroepKernpunt van het geschil is de vraag of Emté aan haar in artikel 7:658 lid 1 BW bedoelde zorgplicht heeft…
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden|23 juni 2015|ECLI:NL:GHARL:2015:4552
over het afwijzen door de kantonrechter van haar beroep op het bepaalde in artikel 6:248 BW. Ook in hoger beroep heeft [appellante] haar stellingen op dit punt slechts zeer summier onderbouwd
- Civiel recht overigHoger beroep kort gedingKoop boerderij. Verkoper krijgt spijt. Dat is geen reden om de koop te ontbinden.
Gerechtshof Arnhem|23 juni 2009|ECLI:NL:GHARN:2009:BI9731
niet. Het uitgangspunt van het Nederlandse contractenrecht is dat overeenkomsten moeten worden nagekomen (artikel 6:248 BW, eerste lid). De tussentijdse verbreking van een contract - zoals de (buitengerechtelijke) ontbinding - is veeleer uitzondering
- VerbintenissenrechtKort gedingkort geding; opzegging duurovereenkomst; succesvol beroep opdrachtnemer op opzegtermijn in algemene…
Rechtbank Midden-Nederland|6 februari 2023|ECLI:NL:RBMNE:2023:471
beroep op de aanvullende werking van de redelijkheid en billijkheid als bedoeld in artikel 6:248 BW lid 1. De door Vitus Zuid aangehaalde de jurisprudentie is evenmin van toepassing. Die gaat
- Civiel recht overigHoger beroepWas schikking al dan niet vaststellingsovereenkomst in de zin van art. 7:900 lid 1 BW?
Gerechtshof Amsterdam|20 juli 2021|ECLI:NL:GHAMS:2021:2295
grief betoogt [appellant] dat voldoende grond bestaat om de vaststellingsovereenkomst op grond van artikel 6:248 BW ‘open te breken’. Voor zover [appellant] zich daarbij beroept op stellingen die in het kader
- Civiel recht overigHoger beroepVerjaring vordering tot betaling exploitatiebijdrage.
Gerechtshof Den Haag|28 januari 2020|ECLI:NL:GHDHA:2020:1752
zijn. De rechtbank zal deze leemte met inachtneming van het bepaalde in artikel 6:248 BW invullen. Partijen hebben zich in 2006 kennelijk niet bekommerd om het exacte moment van opeisbaarheid omdat
- Civiel recht overigKort gedingKort geding. Overeenkomst van opdracht.
Gerechtshof Leeuwarden|3 augustus 2010|ECLI:NL:GHLEE:2010:BN3297
moeten motiveren waarom de derogerende werking van de redelijkheid en billijkheid ingevolge artikel 6: 248 BW niet van toepassing zou zijn op de opzegging van de onderhavige overeenkomst. 12. De grief miskent
- Civiel recht overigKort gedingMondelinge arbeidsovereenkomst, niet op geldige wijze opgezegd. Partijen verschillen van mening over de…
Rechtbank Almelo|10 februari 2011|ECLI:NL:RBALM:2011:BP3985
arbeid. Indien de loonvordering wordt toegewezen, dient deze te worden beperkt op grond van 6:248 BW. [eiser] heeft in strijd met artikel 7:611 BW niet aan [gedaagde] gemeld
- Civiel recht overigEerste aanleg - enkelvoudigOvereenkomst van opdracht. De opdrachtgever die tot zijn verweer zich enkel beroept op een ondeugdelijke…
Rechtbank Noord-Nederland|16 oktober 2013|ECLI:NL:RBNNE:2013:5669
zich verzetten tegen de betaling van de tot zover onbetaald gelaten facturen (art. 6:248 BW). Het voorgaande in onderling verband en samenhang beschouwd, leidt tot de slotsom dat [X] een verweer
- Civiel recht overigHoger beroepVVR-regeling Martinair. Op ontslagvergoeding bleek na het sluiten van een vaststellingsovereenkomst geen RVU…
Gerechtshof Amsterdam|20 juli 2021|ECLI:NL:GHAMS:2021:2197
grondslag gelegd dat Martinair hem, op grond van artikel 7:611 BW dan wel 6:248 BW, in plaats van het toegekende bedrag van € 268.532,91 bruto, een bedrag had moeten betalen
- Civiel recht overigEerste aanleg - enkelvoudigVordering tot onder meer vernietiging van aandeelhoudersbesluiten. Eiser legt aan zijn vordering ten…
Rechtbank Gelderland|30 juli 2014|ECLI:NL:RBGEL:2014:5637
gewoonte en de redelijkheid en billijkheid als bedoeld in artikel 6:248 BW, mogelijk is. Dat is in de onderhavige zaak slechts het geval als kan worden aangeknoopt
- ArbeidsrechtEerste aanleg - enkelvoudigBedrijfsarts in opleiding moet aanzienlijk deel van studiekosten aan werkgever terugbetalen. Geen verplichte…
Rechtbank Overijssel|24 januari 2023|ECLI:NL:RBOVE:2023:336
goed werkgeverschap als bedoeld in artikel 7:611 BW en de norm van artikel 6:248 BW. Richtinggevend in dit kader is ook het arrest van de Hoge Raad van 10 juni
- Civiel recht overigHoger beroepKoop warme grond. Bestemmingswijziging laat erg lang op zich wachten. Het hof ziet zich voor de vraag gesteld…
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden|17 december 2019|ECLI:NL:GHARL:2019:10844
artikel 6:258 BW of een tekortkoming gevorderd, subsidiair de toepassing van artikel 6:248 BW. Meer subsidiair stelt hij dat NPB een onrechtmatige daad pleegt. De rechtbank heeft de vorderingen afgewezen
- Civiel recht overigHoger beroepNietige schenkingsovereenkomst; werking artikel 81 OBW
Gerechtshof 's-Hertogenbosch|11 september 2012|ECLI:NL:GHSHE:2012:BX7381
doen op de beperkende werking van de redelijkheid en billijkheid als bedoeld in artikel 6:248 BW is het hof van oordeel dat de man onvoldoende feiten en omstandigheden voor een geslaagd
- Civiel recht overigHoger beroepDerdenbeslag op voorwaardelijke vordering. Beroep op artikel 6:23 BW
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden|13 juni 2017|ECLI:NL:GHARL:2017:4996
heeft verkocht. 5.6 Het beroep dat [appellante] ter zitting in hoger beroep op artikel 6:248 BW heeft gedaan leidt, gelet op het voorgaande, niet tot een ander oordeel. Daar komt
- Civiel recht overigHoger beroepredelijkheid verzoek tot het stellen van extra zekerheden bij uitbreiding krediet
Gerechtshof 's-Gravenhage|17 juli 2008|ECLI:NL:GHSGR:2008:BF1230
bank zich jegens LCN niet in overeenstemming met de ingevolge art. 6:2 en 6:248 BW geldende eisen van redelijkheid en billijkheid heeft gedragen. LCN werd door de bank gedwongen
- Civiel recht overigHoger beroepHet gegeven dat niet tijdig bezwaar is gemaakt tegen die naheffingsaanslag brengt niet automatisch met zich…
Gerechtshof Arnhem|7 oktober 2008|ECLI:NL:GHARN:2008:BG2095
gematigd op grond van redelijkheid en billijkheid verwerpt het hof dit, kennelijk op artikel 6:248 BW, tweede lid gestoelde verweer, nu geen toereikende feiten en omstandigheden zijn gesteld die een dergelijke
- Civiel recht overigHoger beroepfranchise- en vaststellingsovereenkomst GSM-shopformule
Gerechtshof Den Haag|31 maart 2015|ECLI:NL:GHDHA:2015:1139
onderdeel in aanmerking nemende, aldus worden uitgelegd, althans met toepassing van artikel 6:248 BW worden aangevuld, dat de onderhavige door de providers toegekende door Unicom ontvangen bonussen, met name
- Civiel recht overigHoger beroepGerechtshof Leeuwarden · Hoger beroep · Civiel recht overig
Gerechtshof Leeuwarden|21 augustus 2002|ECLI:NL:GHLEE:2002:AE6801
stelt voorop dat de rechter bij toepassing van lid 2 van artikel 6:248 BW de nodige terughoudendheid dient te betrachten. In casu doet zich de situatie voor dat [appellant] destijds
Zoektips
Een ECLI (ook kort, zoals HR:2020:2020), LJN of vindplaats (NJ 2019/123) opent direct de uitspraak. Gebruik aanhalingstekens voor een exacte woordgroep (“ontslag op staande voet”), OR voor alternatieven (huur OR pacht), een sterretje voor woorddelen (huur* vindt ook huurder) en een minteken om een woord uit te sluiten.