116 uitspraken gevonden
Sorteer op: Relevantie
- Personen- en familierechtHoger beroep“Huwelijkse voorwaarden, koude uitsluiting, woning juridisch eigendom van vrouw, economische eigendom van man…
Gerechtshof Amsterdam|18 juni 2024|ECLI:NL:GHAMS:2024:1688
verjaringstermijn van vijf jaar na levering van de woning, maar op grond van artikel 3:320 BW geldt een verlengingstermijn tot zes maanden na de ontbinding van het huwelijk
- OndernemingsrechtHoger beroepBW art. 2:9; 3:310 lid 1. Aansprakelijkheid voormalig bestuurders verzekeringsmaatschappij. Décharge…
Gerechtshof Den Haag|19 februari 2019|ECLI:NL:GHDHA:2019:682
BW art. 2:9; 3:310 lid 1. Aansprakelijkheid voormalig bestuurders verzekeringsmaatschappij
- Civiel recht overigBodemzaakGeldlening, hoofdelijke aansprakelijkheid of borgtocht, beroep op 7:853 BW.
Rechtbank Zeeland-West-Brabant|5 oktober 2022|ECLI:NL:RBZWB:2022:6435
relevant, als volgt overwogen. “Art. 2:23c lid 2 BW in verbinding met art. 3:320 BW geeft een regel voor het tijdstip waarop een verjaringstermijn van een vordering op een rechtspersoon
- Civiel recht overigEerste aanleg - enkelvoudigDiverse vragen met betrekking tot de dwangsom: bevoegdheid, verjaring, onmogelijkheid om aan…
Rechtbank Den Haag|19 maart 2014|ECLI:NL:RBDHA:2014:7629
betoogd is in geval van schorsing van de verjaringstermijn geen stuiting vereist (vergelijk artikel 3:320 BW). Eén en ander brengt mee dat, tenzij hierna op de voet van artikel 611d
- Civiel recht overigHoger beroepin deze zaak is de vraag aan de orde of appellanten onder het toepassingsbereik van het…
Gerechtshof Amsterdam|16 december 2025|ECLI:NL:GHAMS:2025:3646
in deze zaak is de vraag aan de orde of appellanten onder het toepassingsbereik van het verplichtstellingsbesluit tot deelneming in Bpf MITT valt en verplicht is aangesloten bij Bpf MITT. Het hof ziet aanleiding om de behandeling van deze zaak aan te houden in afwachting van het arrest van de Hoge Raad op het…
- Civiel recht overigHoger beroepSchadestaatprocedure. In de hoofdprocedure heeft de rechtbank geoordeeld dat sprake is van een onrechtmatige…
Gerechtshof Amsterdam|9 september 2025|ECLI:NL:GHAMS:2025:2365
handelen van [appellant] is in lijn met doel en strekking van de (huidige) artikelen 3:320 BW en 3:321 lid 1 sub f BW. Ook dat draagt bij aan het oordeel
- Civiel recht overigBodemzaakFaillissement van het Vilenzo concern. Aansprakelijkheid bestuurders en commissarissen. Onderzoek naar de…
Rechtbank Zeeland-West-Brabant|5 november 2014|ECLI:NL:RBZWB:2014:9203
geschiedt onverminderd het bepaalde in art. 3:319 BW lid 2 en in art. 3:320 BW. – Bij brief van 11 december 2009 heeft mr. J. Garvelink van Blaisse Advocaten te Amsterdam
- Civiel recht overigHoger beroepAanneming van werk; garantie; UAV 1989; verjaring; contractspartij.
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden|23 juni 2020|ECLI:NL:GHARL:2020:4758
verjaringstermijn is immers op grond van artikel 7:761 lid 3 BW en 3:320 BW verlengd tijdens de onderzoeksperiode. Op grond van artikel 3:319 BW is door deze stuiting
- Civiel recht overigEerste aanleg - enkelvoudigVerzoek tot het houden van een voorlopig getuigenverhoor. Vordering verjaard? Volgens bestendige…
Rechtbank Utrecht|28 september 2011|ECLI:NL:RBUTR:2011:BT6206
Deze stuiting geschiedt onverminderd het bepaalde in artikel 3:319 lid 2 en artikel 3:320 BW. Indien en voor zover de rente over de schadeposten niet per datum van de schadeveroorzakende
- Civiel recht overigHoger beroepOnrechtmatige daad – artikel 2:9 BW – onbehoorlijke taakvervulling penningmeester van een stichting – niet…
Gerechtshof Amsterdam|28 mei 2019|ECLI:NL:GHAMS:2019:1766
stichting als rechtspersoon en [geïntimeerde] als een van haar bestuurders. Op grond van artikel 3:320 BW heeft de verjaringstermijn doorgelopen tot 22 augustus 2016, zes maanden nadat [geïntimeerde] als bestuurder
- Civiel recht overigConclusie · Parket bij de Hoge Raad · Civiel recht overig
Parket bij de Hoge Raad|1 november 2002|ECLI:NL:PHR:2002:AE7347
opzettelijk het bestaan van de schuld of de opeisbaarheid daarvan verborgen houdt. Art. 3:320 BW bepaalt dat wanneer een verjaringstermijn zou aflopen tijdens het bestaan van een verlengingsgrond of binnen
- Civiel recht overigConclusie · Parket bij de Hoge Raad · Civiel recht overig
Parket bij de Hoge Raad|7 december 2001|ECLI:NL:PHR:2001:AD3954
schuldenaar die opzettelijk het bestaan van de schuld of de opeisbaarheid verborgen houdt; art. 3:320 BW bepaalt dat wanneer de verjaringstermijn zou aflopen tijdens het bestaan van een verlengingsgrond of binnen
- VerbintenissenrechtRechtspersonenrecht. Verbintenissenrecht. Reikwijdte van décharge en art. 2:9…
Parket bij de Hoge Raad|16 februari 2024|ECLI:NL:PHR:2024:185
Rechtspersonenrecht. Verbintenissenrecht. Reikwijdte van décharge en art. 2:9 BW-bestuurdersaansprakelijkheid. Reikwijdte
- BelastingrechtEerste aanleg - meervoudigArtikel 41 en 49 van de Invorderingswet 1990. Aansprakelijkstelling zetelverplaatser is mogelijk zonder dat…
Rechtbank Arnhem|20 oktober 2009|ECLI:NL:RBARN:2009:BK3270
tijdvak waarin de rechtspersoon heeft opgehouden te bestaan een verlengingsgrond als bedoeld in 3:320 BW aanwezig en zou ook in zoverre geen sprake kunnen zijn van verjaring. Het beroep van eiser
- Civiel recht overigEerste aanleg - enkelvoudigCiviel. Algemeen verbintenissenrecht. Langdurige affectieve relatie van partijen wordt gekwalificeerd als…
Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba|8 januari 2025|ECLI:NL:OGEAA:2025:21
BW grond voor verlenging van de verjaring. Die wettelijke bepaling in verbinding met artikel 3:320 BW brengt met zich dat een gedurende het huwelijk of gedurende een geregistreerd partnerschap aflopende verjaringstermijn
- Civiel recht overigHoger beroepIndiening memorie van grieven. Cessie. Verweermiddelen. De memorie van grieven kan ook per e-mail worden…
Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba|6 mei 2025|ECLI:NL:OGHACMB:2025:115
verjaringstermijn van artikel 7:761 lid 1 BW is verlengd op basis van artikel 3:320 BW. Bovendien zijn er in de door het Gerecht aangenomen verjaringsperiode meerdere sommaties geweest. Daarnaast
- Civiel recht overigEerste aanleg - enkelvoudigafwikkeling huwelijkse voorwaarden; afwijzing alle verzoeken wegens onvoldoende onderbouwing. Eindresultaat…
Rechtbank Amsterdam|13 november 2020|ECLI:NL:RBAMS:2020:7564
vordering tot betaling jegens de man in. Voor echtgenoten geldt op grond van artikel 3:320 BW en 3:321 BW een verlengde verjaringstermijn van zes maanden na de datum van ontbinding
- OndernemingsrechtHoger beroepHeropening vereffening van een in 2011 door ‘turboliquidatie’ ontbonden stichting.
Gerechtshof 's-Hertogenbosch|26 november 2020|ECLI:NL:GHSHE:2020:3638
Heropening vereffening van een in 2011 door ‘turboliquidatie’ ontbonden stichting.
- VerbintenissenrechtEerste aanleg - enkelvoudigExpeditie-overeenkomst. Tegenvordering tot betalen schadevergoeding verjaard op grond van Fenex-voorwaarden…
Rechtbank Oost-Brabant|5 december 2013|ECLI:NL:RBOBR:2013:6729
verjaring doelt op verlenging van de verjaringstermijn in de zin van artikel 3:320 BW oordeelt de kantonrechter dat [L.] onvoldoende heeft onderbouwd dat aan de in dat artikel genoemde vereisten
- Civiel recht overigVermogensrechtelijke afwikkeling bij informeel samenlevenden. Stilzwijgende afspraak die recht geeft op helft…
Parket bij de Hoge Raad|9 februari 2024|ECLI:NL:PHR:2024:139
Vermogensrechtelijke afwikkeling bij informeel samenlevenden. Stilzwijgende afspraak die recht geeft op helft overwaarde woning van de ander? Ongerechtvaardigde verrijking? Verjaring? Redelijkheid en billijkheid? Toepassing verlengingsregel voor echtgenoten en geregistreerde partners (art. 3:320 jo. 3:321 lid 1 sub a…
Zoektips
Een ECLI (ook kort, zoals HR:2020:2020), LJN of vindplaats (NJ 2019/123) opent direct de uitspraak. Gebruik aanhalingstekens voor een exacte woordgroep (“ontslag op staande voet”), OR voor alternatieven (huur OR pacht), een sterretje voor woorddelen (huur* vindt ook huurder) en een minteken om een woord uit te sluiten.