167 uitspraken gevonden
Sorteer op: Relevantie
- Civiel recht overigConclusie · Parket bij de Hoge Raad · Civiel recht overig
Parket bij de Hoge Raad|21 december 2001|ECLI:NL:PHR:2001:AB2739
Rolnr. C99/348 HR Zitting 11 mei 2001 Conclusie mr J. Spier inzake [Eiser] tegen De Staat der Nederlanden (Ministerie van Landbouw, Natuurbeheer en Visserij) (hierna: de Staat) Edelhoogachtbaar College, 1. Inleiding 1.1 Deze zaak heeft betrekking op (de rechtmatigheid van) de Wet herstructering varkenshouderij…
- Civiel recht overigCassatieHoge Raad · Cassatie · Civiel recht overig
Hoge Raad|16 februari 2001|ECLI:NL:HR:2001:AA9955
bewijsaanbod is een aanbod tot het leveren van tegenbewijs zoals bedoeld in art. 178 lid 2 Rv., welke bepaling ook van toepassing is in een procedure als de onderhavige. Dit tegenbewijs staat
- Civiel recht overigCassatieHoge Raad · Cassatie · Civiel recht overig
Hoge Raad|7 september 2001|ECLI:NL:HR:2001:AB2555
terugvordering van bijstand de algemene regel van bewijsrecht geldt, neergelegd in art. 178 lid 2 Rv., dat tegenbewijs vrijstaat tenzij de wet het uitsluit en dat een aanbod tot tegenbewijs niet behoeft
- Civiel recht overigCassatieHoge Raad · Cassatie · Civiel recht overig
Hoge Raad|30 maart 2001|ECLI:NL:HR:2001:AB0810
cassatie leiden omdat het niet voldoet aan de eisen die ingevolge art. 407 lid 2 Rv. aan een cassatiemiddel moeten worden gesteld. 3.6 Middel IV heeft betrekking op het volgende. Voor
- Civiel recht overigCassatieHoge Raad · Cassatie · Civiel recht overig
Hoge Raad|5 januari 2001|ECLI:NL:HR:2001:AA9310
Tegen het vonnis van de Rechtbank heeft [eiser] op de voet van art. 398 onder 2° Rv. beroep in cassatie ingesteld. De cassatiedagvaarding is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel
- InsolventierechtCassatieVerweerster in cassatie - verder te noemen: NTM - heeft tezamen met Ingenieursbureau [A] B.V. - verder te…
Hoge Raad|23 maart 2001|ECLI:NL:HR:2001:AB0700Aangehaald in 6 uitspraken
Verweerster in cassatie - verder te noemen: NTM - heeft tezamen met Ingenieursbureau [A] B.V. - verder te noemen: [A B.V.] - bij exploit van 23 december 1994 (1) eiseres tot cassatie - verder te noemen: Ofasec - alsmede (2) Mrs. F. Meeter en A.A.M. Deterink, in hun hoedanigheid van curatoren in de faillissementen van…
- Personen- en familierechtCassatieHoge Raad · Cassatie · Personen- en familierecht
Hoge Raad|9 november 2001|ECLI:NL:HR:2001:AD5300
daarvan is afgeweken. Het onderdeel voldoet niet aan de eisen van art. 426 lid 2 Rv., nu het niet stelt dat en evenmin waar het Hof van de vaststaande feiten zou zijn
- Civiel recht overigCassatieHoge Raad · Cassatie · Civiel recht overig
Hoge Raad|15 juni 2001|ECLI:NL:HR:2001:AB2148
onbesproken heeft gelaten, voldoet deze klacht niet aan de daaraan ingevolge art. 407 lid 2 Rv. te stellen eis dat het middel moet aangeven welke stellingen het op het oog heeft
- Civiel recht overigCassatieHoge Raad · Cassatie · Civiel recht overig
Hoge Raad|29 juni 2001|ECLI:NL:HR:2001:AB2434
zijn aangevoerd. Het onderdeel voldoet derhalve niet aan de eisen van van art. 407 lid 2 Rv. en kan daarom niet tot cassatie leiden. 3.7 De overige in middel II naar voren
- Civiel recht overigCassatieHoge Raad · Cassatie · Civiel recht overig
Hoge Raad|30 november 2001|ECLI:NL:HR:2001:AD2679
behoeft geen behandeling. Onderdeel 3e voldoet niet aan de eisen van art. 407 lid 2 Rv. en kan daarom niet tot cassatie leiden. 3.9 In rov. 41 van het tussenarrest heeft
- InsolventierechtCassatieHoge Raad · Cassatie · Insolventierecht
Hoge Raad|23 maart 2001|ECLI:NL:HR:2001:AB0698
23 maart 2001 Eerste Kamer Nr. C99/051HR Hoge Raad der Nederlanden Arrest in de zaak van: Mrs. F. MEETER en A.A.M. DETERINK, in hun hoedanigheid van curatoren in de faillissementen van: 1. DAF N.V., 2. VAN DOORNE’S BEDRIJFSWAGENFABIEK DAF B.V., 3. DAF ONROEREND GOED MAATSCHAPPIJ B.V., 4. DAF NEDERLAND B.V., 5. DAF…
- Civiel recht overigConclusie · Parket bij de Hoge Raad · Civiel recht overig
Parket bij de Hoge Raad|23 februari 2001|ECLI:NL:PHR:2001:AB0200
onrechte zou zijn. Aldus voldoet het middel niet aan de in art. 407, lid 2, Rv besloten eisen, zodat eiser van cassatie niet in zijn beroep kan worden ontvangen
- Civiel recht overigHoger beroepGerechtshof 's-Gravenhage · Hoger beroep · Civiel recht overig
Gerechtshof 's-Gravenhage|22 november 2001|ECLI:NL:GHSGR:2001:AD6041
dient te worden aangemerkt als een incidenteel vonnis, waarvan ingevolge art. 337 lid 2 Rv appèl openstaat. [D.] is derhalve ontvankelijk in haar hoger beroep. 3. Bij de beoordeling van het hoger
- Civiel recht overigConclusie · Parket bij de Hoge Raad · Civiel recht overig
Parket bij de Hoge Raad|2 maart 2001|ECLI:NL:PHR:2001:AB0381
vonnis van de kanton rechter in strijd is met art. 194 en art. 178, lid 2, Rv. Ook zou de kantonrechter in strijd hebben gehandeld met een regel van ongeschreven recht, inhoudend
- Personen- en familierechtHoger beroepGerechtshof 's-Gravenhage · Hoger beroep · Personen- en familierecht
Gerechtshof 's-Gravenhage|7 januari 2001|ECLI:NL:GHSGR:2001:AA9967
generaal. 3. Het hof merkt nog op, dat ingevolge het bepaalde in artikel 429o lid 2 Rv. de verzoekers zo spoedig mogelijk, doch in ieder geval voor de dag van de behandeling
- InsolventierechtConclusie · Parket bij de Hoge Raad · Insolventierecht
Parket bij de Hoge Raad|14 december 2001|ECLI:NL:PHR:2001:AD5362
belang, onderdeel iiii omdat het niet voldoet aan de eisen van art. 407 lid 2 Rv. De conclusie strekt tot vernietiging van het bestreden arrest van het Gerechtshof te Amsterdam
- InsolventierechtConclusie · Parket bij de Hoge Raad · Insolventierecht
Parket bij de Hoge Raad|21 december 2001|ECLI:NL:PHR:2001:AD5365
Hier komt nog bij dat de klacht niet aan de eisen van art. 426a lid 2 Rv. voldoet omdat zij blijft steken in een stelling die in geen enkel opzicht wordt onderbouwd
- Personen- en familierechtConclusie · Parket bij de Hoge Raad · Personen- en familierecht
Parket bij de Hoge Raad|2 november 2001|ECLI:NL:PHR:2001:AB3102
zijn verzoek tot cassatie. 2.2 Ingevolge art. 340 Rv. in verbinding met art. 429n lid 2 Rv.(3) zou alsnog hoger beroep kunnen worden ingesteld tegen de bestreden beschikking binnen twee maanden
- Civiel recht overigHoger beroepGerechtshof 's-Gravenhage · Hoger beroep · Civiel recht overig
Gerechtshof 's-Gravenhage|22 maart 2001|ECLI:NL:GHSGR:2001:AB1200
hetzelfde vonnis onder haar derdenbeslag had gelegd maar de termijn (genoemd in artikel 477a, lid 2 Rv.) voor het betwisten van de door Field Work afgelegde verklaring, had laten verlopen. Dit standpunt
- Civiel recht overigHoger beroep kort gedingGerechtshof 's-Gravenhage · Hoger beroep kort geding · Civiel recht overig
Gerechtshof 's-Gravenhage|23 mei 2001|ECLI:NL:GHSGR:2001:AB1789
incidentele vordering op dit punt een andere regel te aanvaarden dan artikel 429p lid 2 Rv. voor verzoekschriftprocedures kent, welke bepaling de schorsing van de uitvoerbaarverklaring bij voorraad in hoger beroep uitdrukkelijk
Zoektips
Een ECLI (ook kort, zoals HR:2020:2020), LJN of vindplaats (NJ 2019/123) opent direct de uitspraak. Gebruik aanhalingstekens voor een exacte woordgroep (“ontslag op staande voet”), OR voor alternatieven (huur OR pacht), een sterretje voor woorddelen (huur* vindt ook huurder) en een minteken om een woord uit te sluiten.