191 uitspraken gevonden
Sorteer op: Relevantie
- Personen- en familierechtCassatieHoge Raad · Cassatie · Personen- en familierecht
Hoge Raad|6 december 2002|ECLI:NL:HR:2002:AE9402
artikel, stond tussentijds cassatieberoep tegen deze tussenbeschikking niet open (art. 401a lid 2 Rv. in verbinding met art. 426 lid 4 Rv.). 4. Beslissing De Hoge Raad verklaart [verzoeker] niet-ontvankelijk
- OndernemingsrechtCassatieHoge Raad · Cassatie · Ondernemingsrecht
Hoge Raad|4 oktober 2002|ECLI:NL:HR:2002:AE8320
zijn, zodat het in zoverre niet voldoet aan de op grond van art. 426a, lid 2 Rv. aan een cassatiemiddel te stellen eisen en dus tevergeefs is voorgesteld. Hieruit volgt
- Personen- en familierechtHoger beroepGerechtshof 's-Gravenhage · Hoger beroep · Personen- en familierecht
Gerechtshof 's-Gravenhage|17 april 2002|ECLI:NL:GHSGR:2002:AE2389
daarbij behorende stukken over te leggen, zodat zij op grond van artikel 429o lid 2 Rv in principe niet ontvankelijk verklaard dient te worden. Nu evenwel van de zijde van Jeugdzorg deze
- Civiel recht overigEerste aanleg - enkelvoudigRechtbank Amsterdam · Eerste aanleg - enkelvoudig · Civiel recht overig
Rechtbank Amsterdam|3 september 2002|ECLI:NL:RBAMS:2002:AE7153
rekening houdend met een dagvaardingstermijn van drie maanden als vermeld in artikel 115 lid 2 Rv. De behandeling van de zaak zal na het uitbrengen van de dagvaarding of dagvaardingen worden voortgezet
- Civiel recht overigConclusie · Parket bij de Hoge Raad · Civiel recht overig
Parket bij de Hoge Raad|8 februari 2002|ECLI:NL:PHR:2002:AD7364
getuigenverhoor ingeleid en is dus een interlocutoir vonnis(2). Uit art. 337, leden 1 en 2, Rv. volgt dat tegen zo'n vonnis hoger beroep kan worden ingesteld voordat het eindvonnis
- Civiel recht overigConclusie · Parket bij de Hoge Raad · Civiel recht overig
Parket bij de Hoge Raad|15 november 2002|ECLI:NL:PHR:2002:AE8465
geformuleerde probandum. 3. De klacht voldoet niet aan de ingevolge art. 407 lid 2 Rv aan een cassatieklacht te stellen eisen, nu niet wordt aangegeven waarom de Kantonrechter ten onrechte heeft geoordeeld
- Civiel recht overigHoger beroepGerechtshof 's-Hertogenbosch · Hoger beroep · Civiel recht overig
Gerechtshof 's-Hertogenbosch|24 oktober 2002|ECLI:NL:GHSHE:2002:AF1063
niet in het gewone bankverkeer". 4.2.4. Overeenkomstig het bepaalde in artikel 157 lid 2 Rv (artikel 184 lid 2 oud Rv) levert de pandakte dwingend bewijs op ten aanzien van voormelde daarin
- Civiel recht overigConclusie · Parket bij de Hoge Raad · Civiel recht overig
Parket bij de Hoge Raad|18 januari 2002|ECLI:NL:PHR:2002:AD5321
middel moet falen. Het voldoet niet aan de eisen van art. 407 lid 2 Rv, nu het niet aangeeft waarom de redelijkheid en billijkheid meebrengen dat in het onderhavige geval behoort
- Civiel recht overigBodemzaakciviele zaak, enkelvoudige kamer
Rechtbank 's-Hertogenbosch|31 juli 2002|ECLI:NL:RBSHE:2002:79
door het hof alsnog werd afgewezen. Het hof besliste krachtens art. 355 lid 2 Rv definitief over de nog openstaande rente over de nota's van de raadsman en [naam] en over
- Civiel recht overigConclusie · Parket bij de Hoge Raad · Civiel recht overig
Parket bij de Hoge Raad|25 januari 2002|ECLI:NL:PHR:2002:AD7363
motivering heeft gepasseerd, voldoet niet aan de eisen die op grond van art. 407, lid 2, Rv, aan een cassatiemiddel moeten worden gesteld. Het middel verduidelijkt immers niet op welke stellingen
- Civiel recht overigHoger beroepGerechtshof 's-Hertogenbosch · Hoger beroep · Civiel recht overig
Gerechtshof 's-Hertogenbosch|7 november 2002|ECLI:NL:GHSHE:2002:AF1064
incidentele vonnissen als de onderhavige geen tussenvonnis zijn in de zin van artikel 337 lid 2 Rv. Volgens haar wordt met deze vonnissen het tussengeding afgedaan en zijn ze in zoverre
- Personen- en familierechtHoger beroepGerechtshof 's-Gravenhage · Hoger beroep · Personen- en familierecht
Gerechtshof 's-Gravenhage|13 februari 2002|ECLI:NL:GHSGR:2002:AE2885
verrichten van een onderzoek door het ABJ, thans FORA, op grond van art. 810a lid 2 Rv. toegewezen en FORA verzocht zo spoedig mogelijk onderzoek te verrichten, gericht op de beantwoording
- Civiel recht overigConclusie · Parket bij de Hoge Raad · Civiel recht overig
Parket bij de Hoge Raad|4 oktober 2002|ECLI:NL:PHR:2002:AE4077
vonnis op onvoldoende gronden berust, voldoet niet aan de eisen van art. 407 lid 2 Rv. 2.2. Overigens zou de klacht over schending van de regel van hoor en wederhoor n.m.m. niet
- Civiel recht overigConclusie · Parket bij de Hoge Raad · Civiel recht overig
Parket bij de Hoge Raad|19 april 2002|ECLI:NL:PHR:2002:AD9335
bedoeld zijn." 2.3 Indien deze klacht al voldoet aan de daaraan ingevolge art. 407 lid 2 Rv te stellen eisen, faalt zij merendeels omdat zij berust op feitelijke nova in cassatie(2
- Civiel recht overigConclusie · Parket bij de Hoge Raad · Civiel recht overig
Parket bij de Hoge Raad|25 januari 2002|ECLI:NL:PHR:2002:AD5773
voorgestelde middel, zo het al voldoet aan de eisen van art. 407 lid 2 Rv, faalt. Waar de aangevoerde klachten naar mijn mening niet tot cassatie kunnen leiden en niet nopen
- Civiel recht overigEerste aanleg - enkelvoudigRechtbank Maastricht · Eerste aanleg - enkelvoudig · Civiel recht overig
Rechtbank Maastricht|31 oktober 2002|ECLI:NL:RBMAA:2002:AE9627
deze omstandigheid dient, aldus de [eiseres], de [gedaagde] met inachtneming van artikel 476b, lid 2 Rv nader te verklaren en te documenteren dat thans geen rechtsverhouding meer bestaat tussen haar
- Civiel recht overigConclusie · Parket bij de Hoge Raad · Civiel recht overig
Parket bij de Hoge Raad|15 november 2002|ECLI:NL:PHR:2002:AF0585
middel voldoet dus niet aan de daaraan op de voet van artikel 407 lid 2 Rv te stellen eisen.(2) 2.3 Ten overvloede teken
- SocialezekerheidsrechtEerste aanleg - enkelvoudigRechtbank Leeuwarden · Eerste aanleg - enkelvoudig · Socialezekerheidsrecht
Rechtbank Leeuwarden|6 juni 2002|ECLI:NL:RBLEE:2002:AE3781
Voorts acht de rechtbank de wijze waarop verweerder onder toepassing van art. 479a lid 2 Rv de aan eiser toe te rekenen inkomsten heeft vastgesteld niet onaanvaardbaar. Verweerder heeft aanknopingspunten gevonden
- Civiel recht overigConclusie · Parket bij de Hoge Raad · Civiel recht overig
Parket bij de Hoge Raad|4 oktober 2002|ECLI:NL:PHR:2002:AE4552
Naar mijn middel mening voldoet het middel niet aan de daaraan ingevolge art. 407 lid 2 Rv te stellen eisen. Ten eerste geeft het niet aan tegen welke specifieke overwegingen
- Civiel recht overigEerste aanleg - enkelvoudigRechtbank 's-Gravenhage · Eerste aanleg - enkelvoudig · Civiel recht overig
Rechtbank 's-Gravenhage|27 maart 2002|ECLI:NL:RBSGR:2002:AE7266
beslissing worden aangehouden. De rechtbank wijst erop dat ingevolge het bepaalde in artikel 337 lid 2 Rv zoals dat sedert 1 januari 2002 luidt, hoger beroep van dit tussenvonnis is uitgesloten totdat
Zoektips
Een ECLI (ook kort, zoals HR:2020:2020), LJN of vindplaats (NJ 2019/123) opent direct de uitspraak. Gebruik aanhalingstekens voor een exacte woordgroep (“ontslag op staande voet”), OR voor alternatieven (huur OR pacht), een sterretje voor woorddelen (huur* vindt ook huurder) en een minteken om een woord uit te sluiten.