1.993 uitspraken gevonden
Sorteer op: Relevantie
- Civiel recht overigEerste aanleg - enkelvoudigDe rechtbank wijst de vorderingen af. Eiser huurt een pand van gedaagde. De vraag was of de partijen naast…
Rechtbank Overijssel|20 december 2023|ECLI:NL:RBOVE:2023:5274
toekennen en op hetgeen zij redelijkerwijs van elkaar mochten verwachten (artikelen 3:33 en 3:35 BW; HR 13 maart 1981, ECLI:NL:HR:1981:AG4158 Haviltex). Bij deze uitleg zijn alle
- ArbeidsrechtBeschikkingDe werknemer heeft vóór het sluiten van de schriftelijke arbeidsovereenkomst twee proefdagen in het café…
Rechtbank Noord-Holland|13 januari 2026|ECLI:NL:RBNHO:2026:592
geval is moet worden beantwoord aan de hand van de artikelen 3:33 en 3:35 BW (de wilsvertrouwensleer). Bij een opzegging door de werkgever geldt dat ‘ de wil en de verklaring
- Civiel recht overigHoger beroepIntermediairovereenkomst tussen verzekeringsmaatschappij en vennootschap onder firma als…
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden|16 juni 2015|ECLI:NL:GHARL:2015:4383
instantie wordt ingeleid. Ingevolge art. 3:59 BW zijn de artikelen 3:33 en 3:35 BW op deze uitleg overeenkomstig van toepassing. In verband met de aard van dat stuk
- ArbeidsrechtEerste aanleg - enkelvoudigRelatiebeding wordt geschorst omdat werkgever geen (door een relatiebeding te beschermen) belang heeft bij de…
Rechtbank Noord-Holland|31 augustus 2022|ECLI:NL:RBNHO:2022:8357
heeft ondertekend, mocht afleiden dat [eiser] met de arbeidsovereenkomst (waaronder het relatiebeding) instemde (artikel 3:35 BW). De kantonrechter is voorshands van oordeel dat het antwoord op deze vraag bevestigend luidt
- Civiel recht overigHoger beroepKoop – aanneming van werk – verzuim – opschorting bij meer overeenkomsten – Kersen en ardbeienarrest.
Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba|1 juni 2021|ECLI:NL:OGHACMB:2021:159
extra 322 m2 (onder c). In elk geval mocht PHV daarop redelijkerwijze vertrouwen (artikel 3:35 BW). 4.9. [ [Appellanten c.s.] hebben aangevoerd dat PHV tekort is geschoten in de nakoming
- Civiel recht overigArt. 81 lid 1 RO. Huwelijksgoederenrecht. Huwelijkse voorwaarden. Uitleg verrekenbeding.
Parket bij de Hoge Raad|23 februari 2018|ECLI:NL:PHR:2018:183
ECLI:NL:HR:2004:AO8198, NJ 2005/169 m.nt. Spoor. Zie Groene Serie, Vermogensrecht, art. 3:35 BW, aant. 7.1 (F.M. van Cassel-van Zeeland), met vindplaatsen van rechtspraak. Vgl. de door
- Civiel recht overigArt. 81 lid 1 RO. Vervolg op HR 22 oktober 2010, ECLI: NL: HR: 2010: BM8933. Bewijsopdracht ten aanzien van…
Parket bij de Hoge Raad|24 mei 2013|ECLI:NL:PHR:2013:CA1744
overeenkomstig de zin die zij daaraan in de gegeven omstandigheden redelijkerwijs mocht toekennen (art. 3:35 BW). Indien het hof heeft geoordeeld dat [eiseres] de verklaring van [verweerster] niet zo heeft opgevat
- Civiel recht overigGeschil tussen ex-echtelieden, die onder huwelijkse voorwaarden met algehele uitsluiting waren gehuwd…
Parket bij de Hoge Raad|24 maart 2006|ECLI:NL:PHR:2006:AV3019
aangevoerde onderdeel, de paragraaf onder het hoofdje "Artikel 3:33 BW; 3:34 BW. 3:35 BW", is gericht tegen rov. 4.3 van het bestreden arrest. Daarin verwerpt het hof het verweer
- Civiel recht overigEerste aanleg - enkelvoudigSpoorwissel 69 Rv. Opzegging arbeidsovereenkomst door werknemer? Wilsgebrek? Meerdere eiswijzigingen…
Rechtbank Rotterdam|3 december 2021|ECLI:NL:RBROT:2021:11838
Support komt bovendien geen beroep toe op gerechtvaardigd vertrouwen als bedoeld in artikel 3:35 BW, omdat zij haar onderzoeksplicht als werkgever niet is nagekomen. Indien de kantonrechter van oordeel
- Burgerlijk procesrechtHoger beroep kort gedingvordering tot opheffing conservatoir beslag; onderliggende vorderingen van drie fysiotherapeuten tegen…
Gerechtshof 's-Hertogenbosch|23 juli 2020|ECLI:NL:GHSHE:2020:2321
aanvaard, moet worden beoordeeld aan de hand van de artikelen 3:33 en 3:35 BW. Het hangt af van wat partijen hebben verklaard en uit elkaars verklaringen en gedragingen hebben afgeleid
- Civiel recht overigKort gedingRechtbank Amsterdam · Kort geding · Civiel recht overig
Rechtbank Amsterdam|17 juli 2024|ECLI:NL:RBAMS:2024:4333
hadden [gedaagde 1] en [gedaagde 2] ook niet zomaar mogen aannemen (artikel 3:35 BW). Juist omdat Jo-Jo een levend wezen is, kan niet snel worden aangenomen dat zijn baasje daarvan
- Civiel recht overigEerste aanleg - meervoudigBestuurder/buitendienstmedewerker van een assurantiekantoor zou klanten van zijn assurantiekantoor hebben…
Rechtbank Breda|29 september 2010|ECLI:NL:RBBRE:2010:BN8670
verklaring overeenstemt met de wil van degene die haar aflegt, zoals bedoeld in artikel 3:35 BW. In het onderhavige geval heeft [eisers] er gerechtvaardigd op mogen vertrouwen
- VerbintenissenrechtProcesrecht. Caribische zaak (Curaçao). Mocht hof voorbijgaan aan aanbod tot horen van partij als getuige?…
Parket bij de Hoge Raad|21 mei 2021|ECLI:NL:PHR:2021:598
erop vertrouwen dat de fondsen bestemd waren voor aanzuivering van het tekort. Zie artikel 3:35 BW. […]. 4.11 4.11 Met het Gerecht (bestreden vonnis rov. 4.5) is het Hof van oordeel
- Civiel recht overigBodemzaakVerhuur woning. Hennepplantage. Aanbod en aanvaarding. Geen bemiddelingsovereenkomst tot stand gekomen met…
Rechtbank Den Haag|15 juli 2020|ECLI:NL:RBDHA:2020:7090
moet worden beoordeeld aan de hand van de zogeheten wilsvertrouwensleer (artikel 3:33 en 3:35 BW). Dat wil zeggen dat een en ander afhangt van de bedoeling van partijen, waarbij
- VerbintenissenrechtEerste aanleg - enkelvoudigIs een van de overeenkomst afwijkende afspraak gemaakt?
Rechtbank Midden-Nederland|21 juli 2021|ECLI:NL:RBMNE:2021:3231
hand van de wilsvertrouwensleer, zoals neergelegd in de artikelen 3:33 en 3:35 BW. Dit betekent dat het aankomt op de zin die partijen redelijkerwijs aan elkaars verklaringen hebben mogen hechten
- Civiel recht overigHoger beroepaansprakelijkheid woningmakelaar
Gerechtshof 's-Hertogenbosch|17 januari 2017|ECLI:NL:GHSHE:2017:121
bewoner in het buitenland verbleef en dat over hypotheken contact is geweest. 6.8.3. Artikel 3:35 BW bepaalt dat tegen hem die eens anders verklaring of gedraging, overeenkomstig
- Civiel recht overigHoger beroepbewijswaardering; vervangende prestatie
Gerechtshof 's-Hertogenbosch|2 januari 2018|ECLI:NL:GHSHE:2018:24
bewijswaardering; vervangende prestatie
- ArbeidsrechtEerste aanleg - enkelvoudigOvereenkomstenrecht. Geschil over de totstandkoming, beëindiging en afwikkeling van een overeenkomst van…
Rechtbank Midden-Nederland|14 september 2022|ECLI:NL:RBMNE:2022:4118
ligt in gedragingen van de vertegenwoordigde, zoals bijvoorbeeld nakoming van de overeenkomst. Uit artikel 3:35 BW volgt dat de vertegenwoordigde is gebonden, indien de wederpartij zijn verklaring of gedraging heeft opgevat
- Civiel recht overigHoger beroepTussenarrest. Werkzaamheden zandwinlocatie. Geen schending art. 21 jo 22 Rv. Afsluiten CAR verzekering niet…
Gerechtshof Amsterdam|28 januari 2025|ECLI:NL:GHAMS:2025:196
gedragingen hebben afgeleid en in de gegeven omstandigheden redelijkerwijs mochten afleiden (artikelen 3:33 - 3:35 BW en de Haviltex-norm). Hierbij zijn alle omstandigheden van het geval van betekenis. 4.11. Voorafgaand
- Civiel recht overigOp tegenspraakDeze zaak gaat over de vraag of tussen [eiser] en [gedaagden] een overeenkomst tot stand is gekomen. [Eiser]…
Rechtbank Oost-Brabant|1 oktober 2020|ECLI:NL:RBOBR:2020:4536
redelijkheid van elkaar mochten verwachten (artikelen 3:33 en 3:35 BW). Expliciete afspraken zijn dus niet altijd nodig om van een overeenkomst te kunnen spreken. De totstandkoming van een overeenkomst
Zoektips
Een ECLI (ook kort, zoals HR:2020:2020), LJN of vindplaats (NJ 2019/123) opent direct de uitspraak. Gebruik aanhalingstekens voor een exacte woordgroep (“ontslag op staande voet”), OR voor alternatieven (huur OR pacht), een sterretje voor woorddelen (huur* vindt ook huurder) en een minteken om een woord uit te sluiten.