Zoekresultaten

Voor “"1 Sr"”

Naar resultaten Uitgebreid zoeken

22 uitspraken gevonden

Sorteer op: Relevantie
  • Strafrecht overig
    Conclusie · Parket bij de Hoge Raad · Strafrecht overig

    Parket bij de Hoge Raad5 februari 2002ECLI:NL:PHR:2002:AD6981

    slot bezie ik de vraag of art. 1 WvSrNA, dat gelijkluidend is aan art. 1 Sr, implicaties heeft voor de toepassing van art. 438b lid 1 WvSrNA, welke bepaling als gezegd … mede) bepalend zijn voor het bestempelen van de recidive als zodanig. Het legaliteitsbeginsel van art. 1 Sr en WvSrNA - nullum crimen, nulla poena sine lege - brengt immers niet alleen met zich

  • Civiel recht overigEerste aanleg - meervoudig
    Rechtbank 's-Gravenhage · Eerste aanleg - meervoudig · Civiel recht overig

    Rechtbank 's-Gravenhage24 april 2002ECLI:NL:RBSGR:2002:AE7301

    tegen [eiser] aangifte gedaan wegens oplichting (artikelen 326 en 225 lid 1 Sr juncto 45 lid 1 Sr). Het Openbaar Ministerie heeft afgezien van vervolging. 1.6 In opdracht van Nationale-Nederlanden heeft

  • Strafrecht overig
    Conclusie · Parket bij de Hoge Raad · Strafrecht overig

    Parket bij de Hoge Raad12 november 2002ECLI:NL:PHR:2002:AE9045

    Hoge Raad zal kunnen uitleggen waarom het verweer niet kan worden aanvaard. Art. 55 lid 1 Sr is niet van toepassing omdat het gaat om twee feiten die los van elkaar kunnen … toepassing is en dat zich de situatie als voorzien in art. 55 lid 1 Sr voordoet. De politierechter heeft het bewezenverklaarde enkel naar art. 19 RVV 1990 gekwalificeerd. Naar mijn mening

  • Strafrecht overig
    Conclusie · Parket bij de Hoge Raad · Strafrecht overig

    Parket bij de Hoge Raad28 mei 2002ECLI:NL:PHR:2002:AE1511

    Verdrag inzake Burgerrechten en Politieke Rechten (IVBPR). Bovendien is er strijd met art. 1, lid 1 Sr (legaliteitsbeginsel): de (lagere) wetgever dient in het formuleren van delictsomschrijvingen zo bepaald mogelijk te zijn … zich op andere wijze onbehoorlijk te gedragen", niet in strijd was met art. 1 Sr en art. 7 EVRM. De Hoge Raad oordeelde dat van strijd met het bepaaldheidsgebod geen sprake

  • Strafrecht overig
    Conclusie · Parket bij de Hoge Raad · Strafrecht overig

    Parket bij de Hoge Raad28 mei 2002ECLI:NL:PHR:2002:AE1490

    Verdrag inzake Burgerrechten en Politieke Rechten (IVBPR). Bovendien is er strijd met art. 1, lid 1 Sr (legaliteitsbeginsel): de (lagere) wetgever dient in het formuleren van delictsomschrijvingen zo bepaald mogelijk te zijn … zich op andere wijze onbehoorlijk te gedragen", niet in strijd was met art. 1 Sr en art. 7 EVRM. De Hoge Raad oordeelde dat van strijd met het bepaaldheidsgebod geen sprake

  • Strafrecht overig
    Conclusie · Parket bij de Hoge Raad · Strafrecht overig

    Parket bij de Hoge Raad28 mei 2002ECLI:NL:PHR:2002:AE1494

    Verdrag inzake Burgerrechten en Politieke Rechten (IVBPR). Bovendien is er strijd met art. 1, lid 1 Sr (legaliteitsbeginsel): de (lagere) wetgever dient in het formuleren van delictsomschrijvingen zo bepaald mogelijk te zijn … zich op andere wijze onbehoorlijk te gedragen", niet in strijd was met art. 1 Sr en art. 7 EVRM. De Hoge Raad oordeelde dat van strijd met het bepaaldheidsgebod geen sprake

  • Civiel recht overigCassatie
    Hoge Raad · Cassatie · Civiel recht overig

    Hoge Raad14 juni 2002ECLI:NL:HR:2002:AE0629Aangehaald in 6 uitspraken

    uitbreidingsverbod, hoewel dit, zoals de Staat thans ook zelf stelt, gelet op art. 1 lid 1 Sr. een loze bedreiging is. Nu de toegewezen rectificatie inmiddels in de Trog is gepubliceerd, terwijl

  • Strafrecht overigCassatie
    Hoge Raad · Cassatie · Strafrecht overig

    Hoge Raad12 maart 2002ECLI:NL:HR:2002:AD5499

    wettelijke klachttermijn reeds was verstreken. De officier van justitie heeft overtreding van artikel 245 lid 1 Sr ten laste gelegd, zoals dat artikel toen luidde. De termijn voor de klacht ten tijde

  • Strafrecht overig
    Conclusie · Parket bij de Hoge Raad · Strafrecht overig

    Parket bij de Hoge Raad28 mei 2002ECLI:NL:PHR:2002:AE1194

    verzwaard. Dat levert wél een gewijzigd inzicht van de wetgever op waarop art. 1 lid 1 Sr van toepassing is. Daarom heeft het hof zowel art. 140 (oud) Sr

  • Strafrecht overigEerste aanleg - meervoudig
    Rechtbank 's-Gravenhage · Eerste aanleg - meervoudig · Strafrecht overig

    Rechtbank 's-Gravenhage27 september 2002ECLI:NL:RBSGR:2002:AE8218

    zeggen dat hij die lijsten had gekregen van de onderaannemers. Het door artikel 225, lid 1 Sr vereiste misleidingsoogmerk was bij verdachte dan ook aanwezig. Ten aanzien van het onder 2 telastgelegde

  • Strafrecht overig
    Conclusie · Parket bij de Hoge Raad · Strafrecht overig

    Parket bij de Hoge Raad3 december 2002ECLI:NL:PHR:2002:AE8908

    dubbel huwelijk door de wederpartij - begrepen. Daarentegen verstaat de Hoge Raad art. 363 sub 1' Sr aldus dat voor de in die bepaling gevorderde wetenschap van de verdachte ten aanzien

  • Strafrecht overigHoger beroep
    Gerechtshof 's-Gravenhage · Hoger beroep · Strafrecht overig

    Gerechtshof 's-Gravenhage11 juli 2002ECLI:NL:GHSGR:2002:AE8251

    bewezenverklaring terzake van feit 2 Gelet op de tekst van artikel 250a, eerste lid, sub 1 Sr, alsmede gelet op de feitelijke uitwerking van het onder 2 bewezenverklaarde, kan het niet anders

  • Strafrecht overigEerste aanleg - meervoudig
    Rechtbank 's-Hertogenbosch · Eerste aanleg - meervoudig · Strafrecht overig

    Rechtbank 's-Hertogenbosch25 juni 2002ECLI:NL:RBSHE:2002:AE4711

    klaarblijkelijke bedoeling van de officier van justitie is geweest om artikel 300, lid 1 Sr., in verbinding met het derde lid, ten laste te leggen: mishandeling de dood tengevolge hebbend. Deze tenlastelegging

  • Strafrecht overig
    Conclusie · Parket bij de Hoge Raad · Strafrecht overig

    Parket bij de Hoge Raad29 januari 2002ECLI:NL:PHR:2002:AD8646

    gedragingen "vervaardigen" en "aanwezig hebben" eendaadse samenloop als bedoeld in art. 55 lid 1 Sr steeds is uitgesloten(4) en dat deze gedragingen dus meerdaadse samenloop (art. 57 Sv) opleveren

  • Strafrecht overig
    Conclusie · Parket bij de Hoge Raad · Strafrecht overig

    Parket bij de Hoge Raad22 januari 2002ECLI:NL:PHR:2002:AD6244

    onvervalst te worden gebruikt. Aldus is ten laste gelegd het misdrijf van art. 225 lid 1 Sr en/of het eerste misdrijf van art. 225 lid 2 Sr en/of het tweede misdrijf

  • Strafrecht overig
    Conclusie · Parket bij de Hoge Raad · Strafrecht overig

    Parket bij de Hoge Raad12 maart 2002ECLI:NL:PHR:2002:AD5499

    wettelijke klachttermijn reeds was verstreken. De officier van justitie heeft overtreding van artikel 245 lid 1 Sr ten laste gelegd, zoals dat artikel toen luidde. De termijn voor de klacht ten tijde

  • Strafrecht overigEerste aanleg - meervoudig
    Rechtbank 's-Hertogenbosch · Eerste aanleg - meervoudig · Strafrecht overig

    Rechtbank 's-Hertogenbosch25 juni 2002ECLI:NL:RBSHE:2002:AE4710

    klaarblijkelijke bedoeling van de officier van justitie is geweest om artikel 300 lid 1 Sr in verbinding met het derde lid ten laste te leggen: mishandeling de dood tengevolge hebbend. Deze tenlastelegging

  • Strafrecht overigEerste aanleg - meervoudig
    Rechtbank 's-Hertogenbosch · Eerste aanleg - meervoudig · Strafrecht overig

    Rechtbank 's-Hertogenbosch25 juni 2002ECLI:NL:RBSHE:2002:AE4707

    klaarblijkelijke bedoeling van de officier van justitie is geweest om artikel 300 lid 1 Sr in verbinding met het derde lid ten laste te leggen: mishandeling de dood tengevolge hebbend. Deze tenlastelegging

  • Civiel recht overig
    Conclusie · Parket bij de Hoge Raad · Civiel recht overig

    Parket bij de Hoge Raad18 januari 2002ECLI:NL:PHR:2002:AD4921

    strafvervolging tegen een onbekende verdachte welke in een verbeurdverklaring kan resulteren (art. 33 lid 1 Sr). 2.8. Over de inbeslagneming op grond van art. 209 WD en over het uitblijven

  • Strafrecht overigEerste aanleg - meervoudig
    Rechtbank Amsterdam · Eerste aanleg - meervoudig · Strafrecht overig

    Rechtbank Amsterdam27 juni 2002ECLI:NL:RBAMS:2002:AE4700

    RECHTBANK AMSTERDAM Parketnummer: 13/129370-97 Datum uitspraak: 27 juni 2002 op tegenspraak (verdachte is niet verschenen, doch de raadslieden zijn uitdrukkelijk gemachtigd hem ter terechtzitting te verdedigen) VERKORT VONNIS van de rechtbank Amsterdam, meervoudige kamer, in de strafzaak tegen: [verdachte], geboren te…

Zoektips

Een ECLI (ook kort, zoals HR:2020:2020), LJN of vindplaats (NJ 2019/123) opent direct de uitspraak. Gebruik aanhalingstekens voor een exacte woordgroep (“ontslag op staande voet”), OR voor alternatieven (huur OR pacht), een sterretje voor woorddelen (huur* vindt ook huurder) en een minteken om een woord uit te sluiten.