Zoekresultaten

Voor “"128 Fw"”

Naar resultaten Uitgebreid zoeken

54 uitspraken gevonden

Sorteer op: Relevantie
  • Civiel recht overig
    Prejudiciële vragen; vereffening nalatenschap; berekening vordering; art. 4:218 lid 5 BW; fixatiebeginsel…

    Parket bij de Hoge Raad4 juni 2021ECLI:NL:PHR:2021:556Aangehaald in 5 uitspraken

    Prejudiciële vragen; vereffening nalatenschap; berekening vordering; art. 4:218 lid 5 BW; fixatiebeginsel art. 128 Fw van overeenkomstige toepassing op vereffening nalatenschap?; onderscheid tussen ‘lichte’ en ‘zware’ vereffening? PROCUREUR-GENERAAL … vader rente berekend te worden tot het moment van uitbetaling. Het fixatiebeginsel, neergelegd in art. 128 Fw is niet van overeenkomstige toepassing op de vereffening. Ook tijdens de vereffening loopt de rente

  • Insolventierecht
    Prejudiciële vragen. Faillissementsrecht. Vallen rentevorderingen die tijdens faillissement ontstaan onder de…

    Parket bij de Hoge Raad1 juni 2023ECLI:NL:PHR:2023:554

    Vallen rentevorderingen die tijdens faillissement ontstaan onder de werking van een faillissementsakkoord? Art. 157 en 128 Fw. Acte clair en dus geen plaats voor behandeling? Zaaknr.: 23/01876 G. Snijders Parket: 1 juni … genoemde rente, nu diens faillissement is geëindigd. Deze vordering staat tegen de achtergrond van art. 128 Fw, dat bepaalt dat rente, na de faillietverklaring lopende, niet in het faillissement kan worden geverifieerd

  • Civiel recht overigPrejudiciële beslissing
    Prejudiciële vragen (art. 392 Rv). Insolventierecht. Betekenis van gehomologeerd akkoord voor niet voor…

    Hoge Raad9 februari 2024ECLI:NL:HR:2024:210

    verband met regel dat tijdens faillissement lopende rente niet vatbaar is voor verificatie (art. 128 Fw). HOGE RAAD DER NEDERLANDEN CIVIELE KAMER Nummer 23/01876 Datum 9 februari 2024 PREJUDICIËLE BESLISSING … zake van tijdens het faillissement lopende rente, hoewel deze vordering op grond van art. 128 Fw niet kan worden geverifieerd, tenzij deze door pand of hypotheek wordt gedekt. 2.2 Bij de beantwoording

  • Civiel recht overigPrejudiciële beslissing
    Prejudiciële vragen (art. 392 Rv). Vereffening van nalatenschap. Vraag of rente over schulden van de…

    Hoge Raad17 september 2021ECLI:NL:HR:2021:1272Aangehaald in 12 uitspraken

    blijven op grond van overeenkomstige toepassing (ingevolge art. 4:218 lid 5 BW) van art. 128 Fw. HOGE RAAD DER NEDERLANDEN CIVIELE KAMER Nummer 21/00615 Datum 17 september 2021 PREJUDICIËLE BESLISSING … nalatenschap buiten beschouwing dient te blijven op grond van overeenkomstige toepassing van art. 128 Fw. 2.2 Bij de beantwoording van de prejudiciële vragen gaat de Hoge Raad uit van de volgende feiten

  • InsolventierechtCassatie
    Faillissementsrecht. Tweede faillissement. Aanvang verjaringstermijn van gedurende het eerste faillissement…

    Hoge Raad24 juni 2016ECLI:NL:HR:2016:1294Aangehaald in 10 uitspraken

    Vraag of deze vorderingen, die gedurende dat faillissement niet konden worden geverifieerd (art. 128 Fw), opeisbaar waren. 24 juni 2016 Eerste Kamer 15/03666 EE/TT Hoge Raad der Nederlanden Beschikking in de zaak … laten plaatsvinden van de tijdens het eerste faillissement en daarna doorgelopen rentevorderingen, die ingevolge art. 128 Fw in het eerste faillissement niet konden worden geverifieerd. Op 27 mei 2013 heeft de rechtbank

  • Civiel recht overig
    Prejudiciële vraag (art. 392 Rv). Komt tijdens surseance vervallen rente die in de surseance buiten…

    Parket bij de Hoge Raad22 september 2017ECLI:NL:PHR:2017:1014

    artikel 260 lid 1 Faillissementswet (Fw) voor surseance van betaling hetzelfde inhoudt als artikel 128 Fw voor faillissement, te weten dat de rentevordering wordt gefixeerd op de datum waarop (voorlopig) surseance … betoogt dat artikel 260 lid 1 Fw een ander doel heeft dan artikel 128 Fw, zoals ook surseance van betaling een ander doel heeft dan faillissement. Anders dan artikel 128 Fw

  • Insolventierecht
    Prejudiciële vragen. Faillissementsrecht. Vallen rentevorderingen die tijdens faillissement ontstaan onder de…

    Parket bij de Hoge Raad19 december 2023ECLI:NL:PHR:2023:1187

    Vallen rentevorderingen die tijdens faillissement ontstaan onder de werking van een faillissementsakkoord? Art. 157 en 128 Fw. Vervolg op ECLI:NL:PHR:2023:554. PROCUREUR-GENERAAL BIJ DE HOGE RAAD DER NEDERLANDEN … goed dan wordt het voorgaande door partijen niet bestreden. 2.2 Art. 128 Fw bepaalt dat rente, na de faillietverklaring lopende, niet in het faillissement kan worden geverifieerd, tenzij door pand of hypotheek

  • Civiel recht overigCassatie
    Onteigening vermogensbestanddelen en effecten SNS Reaal en SNS Bank. Verzoek tot vaststelling…

    Hoge Raad21 april 2023ECLI:NL:HR:2023:649Aangehaald in 18 uitspraken

    Waardering achtergestelde vorderingen, uitleg achterstellingsbepalingen, verifieerbaarheid vorderingen, rangorde vorderingen in verband met art. 128 Fw en rente na datum hypothetische faillietverklaring. Te verwachten toekomstperspectief, langjarige afwikkeling faillissement (run-off), bepalen disconteringsvoet, risico … concurrente vorderingen ter zake van na de faillietverklaring opgekomen rente, die volgens art. 128 Fw niet verifieerbaar zijn. Deze uitleg volgt volgens de Minister uit de formulering van de achterstellingsbepalingen en strookt

  • Civiel recht overigBodemzaak
    Faillissementsrecht. Partijen mogen zich uitlaten over voorgenomen prejudiciële vragen aan de Hoge Raad. De…

    Rechtbank Oost-Brabant17 januari 2023ECLI:NL:RBOBR:2023:5061

    aparte opinie) Schuijling verdedigen de opvatting van [eisers] Zij wijzen op de tekst van artikel 128 Fw. Rente is volgens hen niet verifieerbaar omdat de wet dat nu eenmaal bepaalt. Zij wijzen … gehad om te bepalen dat rente, die ontstaat na faillietverklaring, ondanks de tekst van artikel 128 Fw toch verifieerbaar is en die gelegenheid niet heeft aangegrepen om een uitspraak in die richting

  • Civiel recht overigOp tegenspraak
    Prejudiciële vragen aan de Hoge Raad over toepasselijkheid van het in artikel 128 van de Faillissementswet…

    Rechtbank Noord-Holland11 januari 2021ECLI:NL:RBNHO:2021:205

    vereffening van de nalatenschap. De vraag is dan ook of het fixatiebeginsel van artikel 128 Fw van overeenkomstige toepassing is op de erfrechtelijke vereffening. De wet en de wetsgeschiedenis 4.2. In artikel … Kamerstukken II 1999-2000, 27 245, nr. 3, p. 10) Het fixatiebeginsel 4.5. Artikel 128 Fw luidt: ‘Interesten, na de faillietverklaring lopende, kunnen niet geverifieerd worden, tenzij door pand of hypotheek gedekt

  • Civiel recht overigRekestprocedure
    Erfrecht. Artikel 4:210 BW. Aanwijzing aan de vereffenaar m.b.t. rente na de overlijdensdatum. Geen…

    Rechtbank Noord-Nederland9 augustus 2017ECLI:NL:RBNNE:2017:3158

    Aanwijzing aan de vereffenaar m.b.t. rente na de overlijdensdatum. Geen analogische toepassing van artikel 128 FW. RECHTBANK NOORD-NEDERLAND Afdeling privaatrecht Locatie Leeuwarden zaak-/rolnummer: 5729963 EZ VERZ 17-22 boedelregisternummer

  • Civiel recht overigPrejudicieel verzoek
    Erfrecht, Prejudiciële vragen aan Hoge Raad. Moet artikel 4:218 lid 5 BW zo worden uitgelegd dat het in…

    Rechtbank Noord-Holland8 februari 2021ECLI:NL:RBNHO:2021:1240

    Raad. Moet artikel 4:218 lid 5 BW zo worden uitgelegd dat het in artikel 128 Fw neergelegde fixatiebeginsel van overeenkomstige toepassing is op de vereffening van een nalatenschap? RECHTBANK NOORD-HOLLAND

  • Insolventierecht
    Faillissementsrecht. Tweede faillissement. Aanvang verjaringstermijn van gedurende het eerste faillissement…

    Parket bij de Hoge Raad4 maart 2016ECLI:NL:PHR:2016:77

    Vraag of deze vorderingen, die gedurende dat faillissement niet konden worden geverifieerd (art. 128 Fw), opeisbaar waren. Zaaknummer 15/03666 Mr. Wuisman Roldatum 4 maart 2016 CONCLUSIE inzake: 1. [verzoekster 1] in liquidatie … laten plaatsvinden van de tijdens het eerste faillissement en daarna doorgelopen rentevorderingen, die ingevolge artikel 128 Fw in het eerste faillissement niet konden worden geverifieerd. Op 27 mei 2013 heeft de rechtbank

  • Civiel recht overigPrejudiciële beslissing
    Prejudiciële vraag (art. 392 Rv). Komt tijdens surseance vervallen rente die in de surseance buiten…

    Hoge Raad24 november 2017ECLI:NL:HR:2017:2991

    surseance van betaling is verleend. Volgens CS vindt een fixatie van haar rentevordering ingevolge art. 128 Fw pas plaats met ingang van de dag van faillietverklaring. 3.3. De rechtbank heeft in verband … Faillissementswet ofwel binnen een maand na het einde der surseance”. 3.4.1 Ingevolge art. 128 Fw kan rente die na de faillietverklaring loopt en niet door pand of hypotheek is gedekt, niet geverifieerd

  • Civiel recht overigEerste aanleg - enkelvoudig
    Erfrecht. Artikel 4:218 lid 3 BW. Verzet tegen uitdelingslijst deels gegrond en deels ongegrond. Beschikking…

    Rechtbank Noord-Holland9 december 2021ECLI:NL:RBNHO:2021:11864

    deels ongegrond. Beschikking na arrest Hoge Raad met antwoord op prejudiciële vragen over art. 128 Fw. RECHTBANK NOORD-HOLLAND Handel, Kanton en Bewind locatie Alkmaar zaaknummers / rolnummers: 8674876 / EJ VERZ … eerste prejudiciële vraag dient op grond van het voorgaande aldus te worden beantwoord, dat art. 128 Fw niet behoort tot de voorschriften die op grond

  • Civiel recht overigHoger beroep
    Nadat het faillissement een einde had genomen doordat aan de geverifieerde schuldeisers het volle bedrag van…

    Gerechtshof 's-Gravenhage21 augustus 2008ECLI:NL:GHSGR:2008:BE9363

    vernietigen en mr. Verburg q.q. te bevelen onder de vigeur van de Faillissementswet (waaronder artikel 128 Fw.) het volledige surplus aan TWM uit keren, althans - subsidiair- de bestuurders van TWM, voor zover … vennootschap te voldoen, waaronder de crediteuren met rentevorderingen, die zij op grond van artikel 128 Fw niet ter verificatie hebben kunnen indienen. Mr. Verburg q.q., in zijn hoedanigheid van voormalig curator

  • Civiel recht overigBodemzaak
    De rechtbank stelt de prejudiciële vragen met inachtneming van de aktes en nadere opinies van partijen…

    Rechtbank Oost-Brabant10 mei 2023ECLI:NL:RBOBR:2023:5062

    Faber wat betreft het antwoord. Schuijling schrijft: De kritiek op de uitwerking van art. 128 Fw bevestigt mijns inziens de regel dat een tijdens faillissement ontstane rentevordering naar geldend recht niet … uitzonderingen die hier aan de orde kunnen zijn, dat (1) rente niet-verifieerbaar is (art. 128 Fw) én (2) dat niet-verifieerbare vorderingen niet onder de werking van de homologatie

  • Civiel recht overigEerste aanleg - meervoudig
    Prejudiciële vraag voor HR: Komt een vordering ter zake van rente vervallen in de periode vanaf datum van…

    Rechtbank Amsterdam22 maart 2017ECLI:NL:RBAMS:2017:2006

    artikel 260 lid 1 Faillissementswet (Fw) voor surseance van betaling hetzelfde inhoudt als artikel 128 Fw voor faillissement, te weten dat de rentevordering wordt gefixeerd op de datum waarop (voorlopig) surseance … betoogt dat artikel 260 lid 1 Fw een ander doel heeft dan artikel 128 Fw, zoals ook surseance van betaling een ander doel heeft dan faillissement. Anders dan artikel 128 Fw

  • OndernemingsrechtEerste aanleg - meervoudig
    De Ondernemingskamer heeft een nader onderzoek door deskundigen bevolen naar de werkelijke waarde van de…

    Gerechtshof Amsterdam16 april 2019ECLI:NL:GHAMS:2019:1296Aangehaald in 8 uitspraken

    De Ondernemingskamer heeft een nader onderzoek door deskundigen bevolen naar de werkelijke waarde van de onteigende effecten en vermogensbestanddelen SNS Reaal en SNS Bank per 1 februari 2013. De Ondernemingskamer heeft beslist dat de waarde moet worden gelijkgesteld aan de te verwachten opbrengst bij een verkoop van…

  • Civiel recht overigEerste aanleg - enkelvoudig
    Eindvonnis over rente tijdens faillissement na prejudiciele beslissing (ECLI:NL:HR:2024:210). Beroep op…

    Rechtbank Oost-Brabant10 juli 2024ECLI:NL:RBOBR:2024:3339

    latere herzieningen van de Faillissementswet heeft de wetgever geen aanleiding gezien de artikelen 157 en 128 Fw op enig in dit verband relevant punt te wijzigen. De recente rechtspraak van de Hoge … gegeven aan het fixatiebeginsel ziet niet op het samenstel van de artikelen 157 en 128 Fw. In geen van die zaken lag de vraag voor of de verbindendheid van het gehomologeerde akkoord

Zoektips

Een ECLI (ook kort, zoals HR:2020:2020), LJN of vindplaats (NJ 2019/123) opent direct de uitspraak. Gebruik aanhalingstekens voor een exacte woordgroep (“ontslag op staande voet”), OR voor alternatieven (huur OR pacht), een sterretje voor woorddelen (huur* vindt ook huurder) en een minteken om een woord uit te sluiten.