10 uitspraken gevonden
Sorteer op: Relevantie
- BelastingrechtPrejudiciële vragen aan Hoge Raad over het berekenen van rente op achterstallen over omzetbelasting bij…
Parket bij de Hoge Raad|29 december 2023|ECLI:NL:PHR:2023:1219
gemaakt tussen de heffing van btw bij invoer op de voet van respectievelijk art. 22 Wet OB 1968 en art. 23 Wet OB (de verleggingsregeling). Hij voert aan dat omzetbelasting bij invoer … overeenkomstig art. 22 Wet OB 1968 wordt geheven volgens de wettelijke bepalingen als bedoeld in artt. 1:1(1) en 1:1(2) Adw. Nu deze bepalingen art. 114(2) DWU niet
- BelastingrechtPrejudiciële beslissingOmzetbelasting; prejudiciële vragen; art. 27ga AWR; art. 22 Wet OB 1968, art. 1:1, lid 1, Adw en art. 114…
Hoge Raad|13 september 2024|ECLI:NL:HR:2024:1177Aangehaald in 12 uitspraken
Omzetbelasting; prejudiciële vragen; art. 27ga AWR; art. 22 Wet OB 1968, art. 1:1, lid 1, Adw en art. 114, lid 2, DWU; artt. 211 en 273 van BTW-richtlijn; rente
- BelastingrechtJachtverhuurstructuren misbruik van recht? Wat is de aangewezen wijze van redres van het misbruik? Beroep…
Parket bij de Hoge Raad|29 oktober 2019|ECLI:NL:PHR:2019:1098
laten. Daarom heeft hij een uitnodiging tot betaling van omzetbelasting bij invoer (ex artikel 22 Wet OB 1968) vernietigd. Deze zaak betreft de tweede poging van de fiscus om de verhuurstructuren
- BelastingrechtCassatieHoge Raad · Cassatie · Belastingrecht
Hoge Raad|1 juli 1998|ECLI:NL:HR:1998:AA2329
importeur (B B.V.) ter zake van de invoer belastingplichtig (art. 18 en 22 Wet OB 1968). De naheffingsaanslagen omzetbelasting en bijzondere verbruiksbelasting werden echter met toepassing van art. 20, lid 2, tweede … Zesde Richtlijn wordt opgevat als lex specialis ten opzichte van art. 18 en 22 Wet OB 1968. Gelet op de historische achtergrond van art. 20, lid 2, tweede
- BelastingrechtCassatieHoge Raad · Cassatie · Belastingrecht
Hoge Raad|9 oktober 1996|ECLI:NL:HR:1996:AA1706
frauduleuze entrepotuitslag en niet-zuivering van een douanedocument. Hij betoogde voorts, verwijzend naar art. 22 Wet OB 1968: "Uit deze vaststelling van de wijze van heffing blijkt dat de omzetbelastingwetgever een begrip … voldaan of de heffing daarvan (...) is verzekerd (...)." J. . Die bepaling geldt, gelet op art. 22 Wet OB 1968, ook voor de heffing van omzetbelasting bij invoer. Is echter ten aanzien
- BelastingrechtConclusie · Parket bij de Hoge Raad · Belastingrecht
Parket bij de Hoge Raad|9 oktober 1996|ECLI:NL:PHR:1996:AA1706
frauduleuze entrepotuitslag en niet-zuivering van een douanedocument. Hij betoogde voorts, verwijzend naar art. 22 Wet OB 1968: "Uit deze vaststelling van de wijze van heffing blijkt dat de omzetbelastingwetgever een begrip … voldaan of de heffing daarvan (...) is verzekerd (...)." J. . Die bepaling geldt, gelet op art. 22 Wet OB 1968, ook voor de heffing van omzetbelasting bij invoer. Is echter ten aanzien
- BelastingrechtConclusie · Parket bij de Hoge Raad · Belastingrecht
Parket bij de Hoge Raad|1 juli 1998|ECLI:NL:PHR:1998:AA2329
importeur (B B.V.) ter zake van de invoer belastingplichtig (art. 18 en 22 Wet OB 1968). De naheffingsaanslagen omzetbelasting en bijzondere verbruiksbelasting werden echter met toepassing van art. 20, lid 2, tweede … Zesde Richtlijn wordt opgevat als lex specialis ten opzichte van art. 18 en 22 Wet OB 1968. Gelet op de historische achtergrond van art. 20, lid 2, tweede
- BelastingrechtConclusie · Parket bij de Hoge Raad · Belastingrecht
Parket bij de Hoge Raad|11 april 2003|ECLI:NL:PHR:2003:AE3220
PROCUREUR-GENERAAL BIJ DE HOGE RAAD DER NEDERLANDEN MR. J.W. ILSINK ADVOCAAT-GENERAAL Nrs. 36.822 en 36.823 Derde Kamer A BPM 1993/1996 CONCLUSIE van 22 maart 2002 inzake: X BV tegen DE STAATSSECRETARIS VAN FINANCIËN 1. Feiten en procesverloop 1.1. X BV (hierna: belanghebbende) is de Nederlandse importeur van…
- BelastingrechtDe Inspecteur heeft belanghebbende uitgenodigd de vermelde bedragen te betalen, zich op standpunt stellende…
Parket bij de Hoge Raad|11 april 2003|ECLI:NL:PHR:2003:AF0412
De Inspecteur heeft belanghebbende uitgenodigd de vermelde bedragen te betalen, zich op standpunt stellende dat belanghebbende op grond van artikel 204 van het Communautair douanewetboek belastingen bij invoer verschuldigd is geworden, nu het vermelde terugzendingsexemplaar ten onrechte is afgestempeld en afgetekend…
- BelastingrechtConclusie PG: Centraal in deze zaak staat de heffing van omzetbelasting ter zake van de invoer van een…
Parket bij de Hoge Raad|23 oktober 2012|ECLI:NL:PHR:2012:BY3227
Conclusie PG: Centraal in deze zaak staat de heffing van omzetbelasting ter zake van de invoer van een motorjacht (verder: het jacht) door belanghebbende. Het jacht is door belanghebbende gehuurd van een Arubaanse vennootschap, die het op haar beurt heeft gehuurd van de juridische eigenaar, een op Guernsey gevestigde…
Zoektips
Een ECLI (ook kort, zoals HR:2020:2020), LJN of vindplaats (NJ 2019/123) opent direct de uitspraak. Gebruik aanhalingstekens voor een exacte woordgroep (“ontslag op staande voet”), OR voor alternatieven (huur OR pacht), een sterretje voor woorddelen (huur* vindt ook huurder) en een minteken om een woord uit te sluiten.