Zoekresultaten

Voor “"288 Sv"”

Naar resultaten Uitgebreid zoeken

8 uitspraken gevonden

Sorteer op: Relevantie
  • Strafrecht overigCassatie
    Hoge Raad · Cassatie · Strafrecht overig

    Hoge Raad24 september 2002ECLI:NL:HR:2002:AE6122Aangehaald in 5 uitspraken

    tweede Boek van het Wetboek van Strafvordering en dus ook de art. 287 en 288 Sv - die ingevolge art. 299 Sv ook gelden ten aanzien van deskundigen en hun verklaringen - van overeenkomstige … 511g, tweede lid, in verbinding met art. 415 Sv zijn de art. 287 en 288 Sv eveneens toepasselijk bij de behandeling van ontnemingszaken in hoger beroep. Een redelijke uitleg van het wetssysteem

  • Strafrecht overig
    Conclusie · Parket bij de Hoge Raad · Strafrecht overig

    Parket bij de Hoge Raad24 september 2002ECLI:NL:PHR:2002:AE6122

    horen niet is gebleken. 10. Aldus heeft het Hof een onjuiste maatstaf aangelegd. Art. 288 Sv was op het betreffende verzoek van toepassing. Het verzoek was immers gedaan met inachtneming … heeft de advocaat-generaal gelet op zijn reactie tijdig bereikt. De in art. 288 Sv neergelegde regeling, en die in de artikelen 264 Sv en 280 lid 1 Sv, is eveneens

  • Strafrecht overig
    Conclusie · Parket bij de Hoge Raad · Strafrecht overig

    Parket bij de Hoge Raad10 september 2002ECLI:NL:PHR:2002:AE4155

    nemen dat door het achterwege blijven van de conform art. 415 jis 321, 263, 288 Sv geweigerde/achterwege gebleven oproeping van de tolk [betrokkene 1], de verdediging niet in haar belangen is geschaad

  • Strafrecht overig
    Conclusie · Parket bij de Hoge Raad · Strafrecht overig

    Parket bij de Hoge Raad12 maart 2002ECLI:NL:PHR:2002:AD8906

    onderhavige verzoek is geen verzoek dat het hof op grond van de criteria van art. 288 Sv kan afwijzen. Het is een weliswaar vóór de aanvang van het onderzoek ter terechtzitting gedaan

  • Strafrecht overig
    Conclusie · Parket bij de Hoge Raad · Strafrecht overig

    Parket bij de Hoge Raad12 maart 2002ECLI:NL:PHR:2002:AD8899

    bedoeld is, inhoudelijk thans het complex van de bepalingen van art. 264 en 288 Sv. 6. Het middel gaat er evenwel aan voorbij dat op de terechtzitting

  • Strafrecht overig
    Conclusie · Parket bij de Hoge Raad · Strafrecht overig

    Parket bij de Hoge Raad15 januari 2002ECLI:NL:PHR:2002:AD6228

    deskundige toegesneden invulling van het criterium onder c van het eerste lid van art. 288 Sv gegeven. 11. Eveneens naar analogie van rechtspraak van Uw Raad omtrent de mogelijkheid om een opgegeven

  • Strafrecht overig
    Conclusie · Parket bij de Hoge Raad · Strafrecht overig

    Parket bij de Hoge Raad15 oktober 2002ECLI:NL:PHR:2002:AE6876

    getuige heeft gedaan, noch dat het Hof van diens oproeping heeft afgezien (vgl. art. 288 Sv), zodat moet worden aangenomen dat dit alles niet is geschied. Weliswaar zou het beroep

  • Strafrecht overig
    Conclusie · Parket bij de Hoge Raad · Strafrecht overig

    Parket bij de Hoge Raad25 juni 2002ECLI:NL:PHR:2002:AD8843

    rechter "dominus litis" is. Ingevolge art. 287, derde lid aanhef en onder a, en art. 288 Sv beslist de rechter of een door de verdachte opgegeven getuige, die de officier van justitie

Zoektips

Een ECLI (ook kort, zoals HR:2020:2020), LJN of vindplaats (NJ 2019/123) opent direct de uitspraak. Gebruik aanhalingstekens voor een exacte woordgroep (“ontslag op staande voet”), OR voor alternatieven (huur OR pacht), een sterretje voor woorddelen (huur* vindt ook huurder) en een minteken om een woord uit te sluiten.