6 uitspraken gevonden
Sorteer op: Relevantie
- Strafrecht overigConclusie · Parket bij de Hoge Raad · Strafrecht overig
Parket bij de Hoge Raad|14 januari 2003|ECLI:NL:PHR:2003:AE9668
door het hof van het noodzakelijkheidscriterium (art. 315 Sv) in plaats van het redelijkheidscriterium (art. 288 Sv) bij de beoordeling van het al dan niet oproepen van de namens verzoeker opgegeven getuigen … andere dan de mijne. 9. Vooropgesteld zij dat art. 321 Sv niet rechtstreeks naar art. 288 Sv verwijst. Het bepaalt dat nieuwe getuigen etc. kunnen worden opgeroepen overeenkomstig art. 260, eerste
- Strafrecht overigCassatie1 april 2003 Strafkamer nr. 01736/02 P EdK/SM Hoge Raad der Nederlanden Arrest op het beroep in cassatie…
Hoge Raad|1 april 2003|ECLI:NL:HR:2003:AF4159
tweede Boek van het Wetboek van Strafvordering en dus ook de art. 287 en 288 Sv van overeenkomstige toepassing op de behandeling in eerste aanleg van de vordering tot ontneming van wederrechtelijk … 511g, tweede lid, Sv in verbinding met art. 415 Sv zijn de art. 287 en 288 Sv eveneens toepasselijk op de behandeling van die vordering in hoger beroep. Een redelijke uitleg
- Strafrecht overigConclusie · Parket bij de Hoge Raad · Strafrecht overig
Parket bij de Hoge Raad|14 januari 2003|ECLI:NL:PHR:2003:AE8779
opgeroepen, als getuige ter terechtzitting zijn verschenen. (art. 287 lid 1 Sv). Art. 287 en 288 Sv bevatten een regeling voor het geval een getuige niet is verschenen. Deze is hoofdzakelijk gelijk … horen niet is gebleken (de maatstaf van art. 315 Sv). Hoewel de wet art. 288 Sv niet met zoveel woorden van toepassing verklaart, valt moeilijk aan te nemen dat de regeling
- Strafrecht overig1 april 2003 Strafkamer nr. 01736/02 P EdK/SM Hoge Raad der Nederlanden Arrest op het beroep in cassatie…
Parket bij de Hoge Raad|1 april 2003|ECLI:NL:PHR:2003:AF4159
vermelde gronden. Het Hof heeft het verzoek echter niet op één van de in art. 288 Sv genoemde gronden afgewezen maar op de grond dat de noodzaak van het verzochte niet
- Strafrecht overig27 mei 2003 Strafkamer nr. 01464/02 ES/ABG Hoge Raad der Nederlanden Arrest op het beroep in cassatie tegen…
Parket bij de Hoge Raad|27 mei 2003|ECLI:NL:PHR:2003:AF6551
niet vast. Gelet op het voorgaande en in aanmerking genomen de eisen gesteld in artikel 288 Sv, getuigt het oordeel van het hof niet van een onjuiste rechtsopvatting en is het toereikend
- Strafrecht overigConclusie · Parket bij de Hoge Raad · Strafrecht overig
Parket bij de Hoge Raad|4 februari 2003|ECLI:NL:PHR:2003:AF1271
aantal beslissingen gedurende het proces waarvoor in de wet een motiveringsvoorschrift is opgenomen (bijv. art. 288 Sv). 4.6 In NJ 2001, 352 lijkt de Hoge Raad met betrekking tot de opgeworpen vraag
Zoektips
Een ECLI (ook kort, zoals HR:2020:2020), LJN of vindplaats (NJ 2019/123) opent direct de uitspraak. Gebruik aanhalingstekens voor een exacte woordgroep (“ontslag op staande voet”), OR voor alternatieven (huur OR pacht), een sterretje voor woorddelen (huur* vindt ook huurder) en een minteken om een woord uit te sluiten.