47 uitspraken gevonden
Sorteer op: Relevantie
- GoederenrechtArtikel 81 RO-zakenArt. 81 lid 1 RO. Goederenrecht, erfdienstbaarheid van weg, verkrijging door bevrijdende verjaring, art. 5:72…
Hoge Raad|25 september 2026|ECLI:NL:HR:2026:1542
verkrijging door bevrijdende verjaring, art. 5:72 BW, art. 3:105 BW, bezit, art. 3:108 BW. Erfdienstbaarheid van goot, uitleg, aansluiting op pompput, art. 5:75 BW. Grievenstelsel, devolutieve werking, negatieve
- GoederenrechtVermogenrecht. Goederenrecht. Extinctieve verjaring. Bezit. Art. 3:105, art. 3:108-114 BW. Stelplicht- en…
Parket bij de Hoge Raad|13 maart 2026|ECLI:NL:PHR:2026:255
grond van uiterlijke feiten (zie ook artikelen 3:107 lid 1 BW en 3:108 BW). 5.4. Uit het wettelijk systeem volgt dat bezit (van in dit geval een stuk grond
- GoederenrechtErfdienstbaarheden. Verkrijgende verjaring van erfdienstbaarheid uit hoofde van art. 3:105 BW. Geval van…
Parket bij de Hoge Raad|19 juni 2026|ECLI:NL:PHR:2026:612
Erfdienstbaarheden. Verkrijgende verjaring van erfdienstbaarheid uit hoofde van art. 3:105 BW
- GoederenrechtGoederenrecht. Erfgrenskwestie. Bezit en verjaring. Beschouwing van feiten en omstandigheden in onderling verband.
Parket bij de Hoge Raad|10 april 2026|ECLI:NL:PHR:2026:383
inachtneming van de wettelijke regels en overigens op grond van uiterlijke feiten (artikel 3:108 BW). Er geldt dus een objectieve maatstaf. Voor de beantwoording van de vraag of een niet-rechthebbende … Voor het antwoord op de vraag of sprake is van bezit moeten volgens art. 3:108 BW de omstandigheden van het geval in onderlinge samenhang worden beschouwd, tegen de achtergrond van, onder
- GoederenrechtGoederenrecht. Erfgrenskwestie. Verkrijging door verjaring.
Parket bij de Hoge Raad|16 januari 2026|ECLI:NL:PHR:2026:82
BW). Of iemand voor zichzelf een goed houdt, wordt volgens art. 3:108 BW naar verkeersopvatting beoordeeld, met inachtneming van art. 3:109-117 BW en voor het overige op grond … conclusies en uitspraken van de Hoge Raad. De hoofdlijnen daarvan zijn de volgende. Art. 3:108 BW bevat een objectieve maatstaf. Of iemand een zaak in bezit heeft genomen, hangt ervan
- GoederenrechtBodemzaakGeschil over erfgrens. Partijen zijn buren van elkaar. De vraag die partijen verdeeld houdt, is of gedaagden…
Rechtbank Noord-Holland|2 september 2026|ECLI:NL:RBNHO:2026:11618
Geschil over erfgrens. Partijen zijn buren van elkaar. De vraag die partijen verdeeld houdt, is of gedaagden door verjaring eigenaar van een strook grond zijn geworden. Het beroep van gedaagden op verjaring slaagt. De feitelijke grens tussen het perceel van eisers en het perceel van gedaagden, zoals deze tegenwoordig…
- Civiel recht overigBodemzaakBurenrecht. Eigendomsverkrijging door verjaring van strook gemeentegrond? Particulier perceel, gemeentelijk…
Rechtbank Oost-Brabant|9 september 2026|ECLI:NL:RBOBR:2026:6654
feitelijke macht over een goed met de pretentie rechthebbende te zijn. Artikel 3:108 BW bepaalt dat de vraag of iemand een goed voor zichzelf houdt, wordt beoordeeld naar verkeersopvattingen, met inachtneming … regels die in de op artikel 3:108 BW volgende artikelen worden gegeven, en op grond van uiterlijke feiten. De interne, niet naar buiten kenbaar gemaakte wil om als rechthebbende
- Civiel recht overigBodemzaakBurenrecht. Geschil over eigendom strook grond. Beroep op verkrijging door verjaring van strook tot aan gevel…
Rechtbank Oost-Brabant|9 september 2026|ECLI:NL:RBOBR:2026:6655
feitelijke macht over een goed met de pretentie rechthebbende te zijn. Artikel 3:108 BW bepaalt dat de vraag of iemand een goed voor zichzelf houdt, wordt beoordeeld naar verkeersopvattingen, met inachtneming … regels die in de op artikel 3:108 BW volgende artikelen worden gegeven, en op grond van uiterlijke feiten. De interne, niet naar buiten kenbaar gemaakte wil om als rechthebbende
- Civiel recht overigBodemzaakBurenrecht. Geschil over erfgrens en schutting. Beroep op verjaring gaat niet op. Overhangende takken. Snoeikosten.
Rechtbank Oost-Brabant|26 augustus 2026|ECLI:NL:RBOBR:2026:6222
feitelijke macht over een goed met de pretentie rechthebbende te zijn. Artikel 3:108 BW bepaalt dat de vraag of iemand een goed voor zichzelf houdt, wordt beoordeeld naar verkeersopvattingen, met inachtneming … regels die in de op artikel 3:108 BW volgende artikelen worden gegeven, en op grond van uiterlijke feiten. De interne, niet naar buiten kenbaar gemaakte wil om als rechthebbende
- Civiel recht overigVerkrijging door verjaring; bezitsoverdracht; splitsing grondstuk; erfgrens; kadastrale grens.
Parket bij de Hoge Raad|3 juli 2026|ECLI:NL:PHR:2026:675
hekwerk en de kadastrale grens hebben respectievelijk heeft (gehad). 4.10 Op grond van artikel 3:108 BW en verder wordt het antwoord op de vraag of iemand de voor bezit vereiste feitelijke … inachtneming van de wettelijke regels en overigens op grond van uiterlijke feiten (art. 3:108 BW). Voor de beantwoording van de vraag of een niet-rechthebbende een zaak in bezit heeft genomen
- Civiel recht overigHoger beroepgeschil over grondstrook: inbezitneming niet komen vast te staan
Gerechtshof Amsterdam|7 juli 2026|ECLI:NL:GHAMS:2026:1833
voor zichzelf”. Of sprake is van bezit, wordt bepaald aan de hand van artikel 3:108 BW: of iemand een goed houdt voor een ander of voor zichzelf, moet worden beoordeeld naar
- Civiel recht overigHoger beroepEigendom strook grond van twee vierkante meter. Beroep op bevrijdende verjaring slaagt niet.
Gerechtshof Amsterdam|17 februari 2026|ECLI:NL:GHAMS:2026:458
inachtneming van de wettelijke regels en overigens op grond van uiterlijke feiten (artikel 3:108 BW). Er geldt dus een objectieve maatstaf. Voor de beantwoording van de vraag of een niet-rechthebbende
- Civiel recht overigHoger beroepSint Maarten. Verkrijging van recht van erfpacht op overheidsgrond door verjaring? Artikel 3:106a BW…
Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba|28 juli 2026|ECLI:NL:OGHACMB:2026:241
ander houdt wordt beoordeeld met inachtneming van de in de wet genoemde regels (art. 3:108 BW e.v.) en overigens op grond van uiterlijke feiten. 3.3.6 [ appellant] stelt dat [echtgenote] het pereel
- VerbintenissenrechtEerste aanleg - enkelvoudigEindvonnis. Geslaagd beroep op verkrijgende verjaring ex artikel 3:99 BW.
Rechtbank Rotterdam|22 april 2026|ECLI:NL:RBROT:2026:8097
inachtneming van wettelijke regels en overigens op grond van uiterlijke feiten (artikel 3:108 BW). Met betrekking tot het vereiste van de goede trouw geldt dat daarvan sprake is, wanneer een bezitter
- GoederenrechtBodemzaakAanbouw over kadastrale erfgrens. Verjaring.
Rechtbank Zeeland-West-Brabant|10 juni 2026|ECLI:NL:RBZWB:2026:5143
ander houdt, beoordeeld naar verkeersopvatting en overigens op grond van uiterlijke feiten (artikel 3:108 BW). De rol van de verkeersopvatting brengt mee dat daarbij de aard en de bestemming
- Civiel recht overigEerste aanleg - enkelvoudigRecht van overpad. Extinctieve verjaring (artikel 3:105 BW). Bezit. Misbruik van bevoegdheid (artikel 3:13…
Rechtbank Midden-Nederland|21 januari 2026|ECLI:NL:RBMNE:2026:749
worden beoordeeld op basis van verkeersopvattingen en verder op grond van uiterlijke feiten (artikel 3:108 BW). Als de feitelijke machtsuitoefening niet voor iedereen kenbaar is, is geen sprake van bezit
- Civiel recht overigEerste aanleg - enkelvoudigVerjaring van een strook (gemeente)grond. De rechtsvoorgangers van verweerders zijn door - in ieder geval…
Rechtbank Rotterdam|25 maart 2026|ECLI:NL:RBROT:2026:4009
macht over die zaak is gaan uitoefenen (art. 3:113 lid 1 BW). Ingevolge 3:108 BW wordt het antwoord op de vraag of iemand de voor bezit vereiste feitelijke macht uitoefent
- Civiel recht overigHoger beroepBevrijdende verjaring strook grond. Geen in bezitneming door afsluiting terrein of plaatsing bouwwerk…
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden|14 april 2026|ECLI:NL:GHARL:2026:2229
over die zaak is gaan uitoefenen (artikel 3:113 lid 1 BW). Ingevolge art. 3:108 BW wordt het antwoord op de vraag of iemand de voor bezit vereiste feitelijke macht uitoefent
- Civiel recht overigHoger beroepErfgrens tussen twee buurpercelen. Verkrijgende of bevrijdende verjaring stuk grond? Meerdere…
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden|14 april 2026|ECLI:NL:GHARL:2026:2235
oordeel van het hof is naar verkeersopvattingen en overigens naar uiterlijke feiten (artikel 3:108 BW) sprake van bezit. Daarmee staat vast dat (de rechtsvoorganger van) [geintimeerden] c.s. dit stuk grond
- Civiel recht overigHoger beroepIn deze zaak gaat het om de eigendom van een strook grond. Bij kadastrale opmeting is gebleken dat de…
Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba|30 juni 2026|ECLI:NL:OGHACMB:2026:174
houden van een goed voor zichzelf, niet voor een ander. 4.3 Volgens artikel 3:108 BW wordt de vraag of iemand een goed voor zichzelf houdt, beoordeeld naar verkeersopvatting, met inachtneming
Zoektips
Een ECLI (ook kort, zoals HR:2020:2020), LJN of vindplaats (NJ 2019/123) opent direct de uitspraak. Gebruik aanhalingstekens voor een exacte woordgroep (“ontslag op staande voet”), OR voor alternatieven (huur OR pacht), een sterretje voor woorddelen (huur* vindt ook huurder) en een minteken om een woord uit te sluiten.