2 uitspraken gevonden
Sorteer op: Relevantie
- Civiel recht overigHoger beroepVaststelling vorderingen uit ouderlijke boedelverdeling (artikel 4:1167 BW oud). Uitleg uiterste…
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden|12 mei 2026|ECLI:NL:GHARL:2026:3096
datum waarop de vorderingen opeisbaar zijn geworden (zie artikelen 3:306 en 3:313 BW). Dit betekent dat de vorderingen niet verjaard zijn. Het verjaringsverweer van [appellante] wordt dan ook verworpen
- VerbintenissenrechtBodemzaakEx-samenwoners. Eindvonnis na tussenvonnis. Vergoedingsrechten, gebruiksvergoeding en partnerpensioenaanspraken.
Rechtbank Limburg|27 mei 2026|ECLI:NL:RBLIM:2026:5037
hierna uitleggen hoe zij tot dat oordeel is gekomen. 2.5.1. Op grond van artikel 3:313 BW begint, indien de wet niet anders bepaalt, de termijn van verjaring van een rechtsvordering
Zoektips
Een ECLI (ook kort, zoals HR:2020:2020), LJN of vindplaats (NJ 2019/123) opent direct de uitspraak. Gebruik aanhalingstekens voor een exacte woordgroep (“ontslag op staande voet”), OR voor alternatieven (huur OR pacht), een sterretje voor woorddelen (huur* vindt ook huurder) en een minteken om een woord uit te sluiten.