Uitspraken zoeken
Resultaten voor “"3:315 BW"”
16 uitspraken gevonden
- Civiel recht overigRechtbank Zutphen · 2 juni 2010ECLI:NL:RBZUT:2010:BM9512verdeling nalatenschap; verjaring vordering o.g.v. afspraken tussen erflaters; afwijzing vordering van…
Eerste aanleg - enkelvoudig · 106060 / HA ZA 09-1155
erflaters was toegedeeld, is niet verjaard o.g.v. art. 3:306 juncto 3:315 BW. Die vordering wordt afgewezen omdat niet is komen vast te staan: - dat er tussen de erflaters sluitende afspraken … nalatenschap van de moeder en op grond van artikel 3:306 juncto 3:315 BW verjaart een vordering tot opeising van een nalatenschap pas twintig jaar na het overlijden van erflater
- Civiel recht overigGemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba · 27 augustus 2024ECLI:NL:OGHACMB:2024:160Curaçao. Gerechtelijke vaststelling vaderschap. Vordering erfdeel. Verjaring. Gebaat.
Hoger beroep · CUR2022H00077
verjaring op 28 oktober 2002 zou zijn voltooid. Zie artikel art. 3:315 BW: De termijn van verjaring van een rechtsvordering tot opeising van een nalatenschap begint met de aanvang … vaderschap was pas mogelijk per 1 januari 2012. Voor zo’n geval is artikel 3:315 BW (verjaring begint bij overlijden) niet bedoeld. 2.15. Uit een oogpunt van individuele gerechtigheid ten opzichte
- Personen- en familierechtRechtbank Den Haag · 20 juli 2016ECLI:NL:RBDHA:2016:8442erfrecht; verjaring geldlening; voor inkorting vatbare gift?
Bodemzaak · Den Haag · C/09/501590 / HA ZA 15-1384
Eiseres betoogt dat, mocht de verjaringstermijn al zijn aangevangen, op grond van artikel 3:315 BW sprake is van een verjaringstermijn van twintig jaar. 4.9. De primaire en subsidiaire vordering van eiseres … titel van haar ouders in beginsel bevoegd tot het innen van de vordering. Artikel 3:315 BW, waar eiseres zich op beroept, ziet op een rechtsvordering tot opeising van een nalatenschap. Aangezien
- Civiel recht overigHoge Raad · 20 december 2024ECLI:NL:HR:2024:1904Procesrecht. Dwangsommen. Verjaring. Stuiting. Art. 611g lid 1 Rv. Art. 3:324 lid 1 BW. Stuit door…
Cassatie · 23/04927
onderscheid gemaakt tussen verjaring van een rechtsvordering (artikelen 3:306 tot en met 3:315 BW) en verjaring van de bevoegdheid tot tenuitvoerlegging van een uitspraak (artikelen 3:324 en 3
- Personen- en familierechtRechtbank Den Haag · 30 september 2015ECLI:NL:RBDHA:2015:11280(oud) erfrecht, diverse geschilpunten
Bodemzaak · Den Haag · C/09/470077 / HA ZA 14-850
artikel 3:316 lid 1 jo. Art. 4:183, 3:306 en 3:315 BW. Teneinde zijn vordering op de nalatenschap te kunnen bepalen wenst cliënt voorts een uitgebreid verslag te ontvangen … lijkt te betogen, een vordering als bedoeld in artikelen 4:183 BW en 3:315 BW (de hereditatis petitio, het opvorderen van een derde van goederen van de nalatenschap
- Civiel recht overigGerechtshof Amsterdam · 17 december 2013ECLI:NL:GHAMS:2013:4677Regresvordering als bedoeld in art. 6:10 BW. Ingevolge art. 3:310 BW is de verjaringstermijn vijf jaar vanaf…
Hoger beroep · Amsterdam · 200.117.290-01
315 BW, 20 jaar. 3.3.1 Het hof is, met [geïntimeerden], van oordeel dat art. 3:315 BW hier toepassing mist. Dit artikel ziet op de “opeising van een nalatenschap”. Daarvan
- VerbintenissenrechtGerechtshof 's-Hertogenbosch · 7 november 2023ECLI:NL:GHSHE:2023:3681Executiegeschil. Beroep op verjaring dwangsommen faalt.
Hoger beroep kort geding · 's-Hertogenbosch · 200.307.834_01
onderscheid gemaakt tussen verjaring van een rechtsvordering (artikelen 3:306 tot en met 3:315 BW) en verjaring van de bevoegdheid tot tenuitvoerlegging van een uitspraak (artikelen 3:324 en 3
- Civiel recht overigRechtbank Gelderland · 24 oktober 2019ECLI:NL:RBGEL:2019:5455Verzoeker kan niet worden aangemerkt als belanghebbende als bedoeld in artikel 4:203 lid 1 onder b BW. In…
Beschikking · Zutphen · C/05/357237 / HA RK 19-216
termijn van twintig jaar na het overlijden van erflater (art. 3:306 juncto 3:315 BW), aldus [verzoeker] . 3.3. [verweerster] voert verweer, waarop hierna, voor zover van belang, zal worden ingegaan
- Civiel recht overigRechtbank Rotterdam · 11 februari 2015ECLI:NL:RBROT:2015:1028Vaderschap van minderjarige vastgesteld na overlijden man. Verklaring voor recht gevorderd dat minderjarige…
Eerste aanleg - enkelvoudig · Rotterdam · C/10/440370 / HA ZA 13-1305
menen zelf erfgenaam te zijn. Gelet op het bepaalde in artikel 3:306 juncto 3:315 BW bedraagt de verjaringstermijn voor het instellen van een vordering ingevolge artikel 4:183 BW twintig
- GoederenrechtParket bij de Hoge Raad · 13 maart 2026ECLI:NL:PHR:2026:255Vermogenrecht. Goederenrecht. Extinctieve verjaring. Bezit. Art. 3:105, art. 3:108-114 BW. Stelplicht- en…
25/02214
Vermogenrecht. Goederenrecht. Extinctieve verjaring. Bezit. Art. 3:105, art. 3:108-114
- Civiel recht overigParket bij de Hoge Raad · 3 juni 2016ECLI:NL:PHR:2016:473Beroepsaansprakelijkheid van advocaat. Verzuim om verjaring van de bevoegdheid tot tenuitvoerlegging van…
15/01943
Beroepsaansprakelijkheid van advocaat. Verzuim om verjaring van de bevoegdheid tot tenuitvoerlegging van rechterlijke uitspraak (art. 3:324 BW) te stuiten? Rechtsgevolg van stuiting door daad van tenuitvoerlegging in de zin van art. 3:325 lid 2, onder c, BW: nieuwe verjaringstermijn van vijf jaar (art. 3:319 BW) of…
- Civiel recht overigParket bij de Hoge Raad · 9 februari 2018ECLI:NL:PHR:2018:141Erfrecht. Regres erfgenaam op mede-erfgenamen ter zake van voldoening boedelschuld. Passeren verweer dat…
17/01393
meer als volgt overwogen: “3.3.1 Het hof is, met (…) [eisers] , van oordeel dat art. 3:315 BW hier toepassing mist. Dit artikel ziet op de “opeising van een nalatenschap”. Daarvan
- Civiel recht overigRechtbank Amsterdam · 2 augustus 2017ECLI:NL:RBAMS:2017:5873Erfrecht. Verdeling nalatenschap. Teruggekomen beslissingen tussenvonnis (Hoge Raad 25 april 2008…
Eerste aanleg - enkelvoudig · Amsterdam · C/13/574452 / HA ZA 14-1011
overlijden van erflater en dus op 8 februari 2012 verjaren (artikel 3:306 juncto 3:315 BW), tenzij die verjaring daarvoor is gestuit. Uit de inhoud van de hiervoor onder 2.7 opgenomen
- Burgerlijk procesrechtParket bij de Hoge Raad · 4 oktober 2024ECLI:NL:PHR:2024:1005Verjaring van dwangsommen (art. 611g Rv). Dwangsomschuldenaar maakt executiegeschil aanhangig en…
23/04927
Verjaring van dwangsommen (art. 611g Rv). Dwangsomschuldenaar maakt executiegeschil aanhangig en voorzieningenrechter verbiedt de executie gedeeltelijk. Is voor de resterende dwangsommen vervolgens de regeling van art. 3:324 Rv van toepassing?
- Civiel recht overigParket bij de Hoge Raad · 3 februari 2012ECLI:NL:PHR:2012:BT8462Pensioenrecht; pensioenreglement BPF. Geen verjaring pensioenaanspraken op de voet van art. 3:307 BW…
10/02648
ware het anders, dan had de complexe regeling van de art. 3:306 - 3:315 BW tot een of twee simpele regels kunnen worden teruggebracht. 25. Van de kant
- Personen- en familierechtRechtbank Midden-Nederland · 13 februari 2019ECLI:NL:RBMNE:2019:563Erfrecht. Ouderlijke boedelverdeling (art. 4:1167 BW (oud)). Vordering uit hoofde van onderbedeling na OBV…
Eerste aanleg - enkelvoudig · Utrecht · 446894 HA ZA 17-744
sprake van de opeising van een nalatenschap door [eiseres] in de zin van artikel 3:315 BW. Met de (hiervoor onder 2.3. geciteerde) verklaring van 23 februari 1979 hebben [D (voornaam
Zoektips
Een ECLI (ook kort, zoals HR:2020:2020), LJN of vindplaats (NJ 2019/123) opent direct de uitspraak. Gebruik aanhalingstekens voor een exacte woordgroep (“ontslag op staande voet”), OR voor alternatieven (huur OR pacht), een sterretje voor woorddelen (huur* vindt ook huurder) en een minteken om een woord uit te sluiten.