18 uitspraken gevonden
Sorteer op: Relevantie
- Personen- en familierechtHoger beroepAfwikkeling nalatenschap. 6:43 BW en 6:44 BW imputatie, verjaring 3:308 BW en 3:323 BW
Gerechtshof Amsterdam|7 november 2023|ECLI:NL:GHAMS:2023:2666
nalatenschap. 6:43 BW en 6:44 BW imputatie, verjaring 3:308 BW en 3:323 BW GERECHTSHOF AMSTERDAM afdeling civiel recht en belastingrecht, team III (familie- en jeugdrecht) zaaknummer
- VerbintenissenrechtKort gedingKort geding. Verstek. Ingeschreven hypotheekrecht, maar de oorspronkelijke hypotheekhouder is niet…
Rechtbank Noord-Holland|24 juli 2026|ECLI:NL:RBNHO:2026:10300
teniet is gegaan. Afbetaald, dan wel is de vordering verjaard op grond van artikel 3:323 BW. Inschrijving hypotheekrecht is waardeloos. Art. 3:274 lid 1 BW; veroordeling tot afgifte verklaring verval … geldlening. Zo de geldlening niet zou zijn terugbetaald, moet op grond van art. 3:323 BW worden aangenomen dat de vordering al verjaard is. Dit leidt tot de conclusie dat het hypotheekrecht
- Civiel recht overigPandrecht op aandelen. Tenietgaan (substitutie)pandrecht door verjaring van gezekerde vordering?…
Parket bij de Hoge Raad|27 juni 2014|ECLI:NL:PHR:2014:682
uitbetaling van het liquidatiesaldo, welk vorderingsrecht niet meer aan het bepaalde in artikel 3:323 BW is onderworpen. Dat deze laatste vordering is verjaard is gesteld noch gebleken en kan ook overigens … feitelijke instanties beroepen op het tenietgaan van het substitutiepandrecht op de voet van art. 3:323 BW. Deze bepaling maakt deel uit van Titel 11 (Rechtsvorderingen) en regelt de gevolgen van verjaring
- Civiel recht overigHoger beroep kort gedingVerjaringstermijn voor de vordering van de bank die resteert nadat het hypothecaire zekerheidsrecht is…
Gerechtshof Arnhem|16 oktober 2012|ECLI:NL:GHARN:2012:BY1109Aangehaald in 6 uitspraken
samenstel van) de in artikel 3:307, 3:316, 3:319 en 3:323 BW neergelegde wettelijke bepalingen. In artikel 3:307 lid 1 BW is als hoofdregel geformuleerd dat een rechtsvordering … hypotheek aan de verbintenis is verbonden. 4.4 Uit de Parlementaire geschiedenis bij artikel 3:323 BW blijkt de navolgende bedoeling van de wetgever bij deze verjaringstermijn van twintig jaren: “Hypotheken zijn veelal
- Civiel recht overigEerste aanleg - enkelvoudigDe rechtbank beveelt de gedaagden om gezamenlijk één bankrekening aan te wijzen waarop de eiser een bedrag…
Rechtbank Overijssel|21 december 2023|ECLI:NL:RBOVE:2023:5283
stelt dat voor de rente in dit geval moet worden gekeken naar artikel 3:323 BW. Op grond van dit artikel verjaren ‘vorderingen tot zekerheid waarvan een hypotheekrecht strekt’ pas na verloop … hypothecaire zekerheid en dat gelet hierop niet artikel 3:308 BW maar artikel 3:323 BW van toepassing is. Het beroep van [eiser] op verjaring van een deel van het rentebedrag faalt
- VerbintenissenrechtEerste aanleg - enkelvoudigVerkrijgende verjaring teboekstaand schip. Artt. 8:791 en 3:99 BW. Koper bezitter te goeder trouw? Art. 3:118…
Rechtbank Amsterdam|17 februari 2016|ECLI:NL:RBAMS:2016:1021
Verkrijgende verjaring teboekstaand schip. Artt. 8:791 en 3:99 BW. Koper
- VerbintenissenrechtKort gedingkort geding. verklaring van waardeloosheid hypotheek ex art 3:29 BW verleend. Geen verstek tegen niet meer…
Rechtbank Amsterdam|5 september 2023|ECLI:NL:RBAMS:2023:5680Aangehaald in 6 uitspraken
opeisbaarheid daarvan in combinatie met de verjaring van hypotheken (artikel 3:307 jo. 3:323 BW) geldt dat elke vordering uit de overeenkomst van geldlening op 30 juni 1987 is verjaard
- Burgerlijk procesrechtKort gedingKort geding. Verstek. Artikel 3:29 lid 1 BW. Toewijzing van de vordering tot waardeloosverklaring…
Rechtbank Gelderland|19 december 2025|ECLI:NL:RBGEL:2025:11265
Volgens [eiseres] is het hypotheekrecht tenietgegaan op grond van artikel 3:307 BW en 3:323 BW omdat de vordering tot nakoming van de geldleningsovereenkomst ter zekerheid waarvan het hypotheekrecht is gevestigd
- Civiel recht overigHoger beroepRestschuld uit hoofde van hypothecaire geldlening na onderhandse verkoop van het onderpand. De vordering van…
Gerechtshof Amsterdam|8 februari 2022|ECLI:NL:GHAMS:2022:339
rechtbank dat de vordering van ING niet is verjaard, omdat de in art. 3:323 BW neergelegde en op 7 september 2001 (de datum van sluiten van de hypothecaire geldlening) aangevangen verjaringstermijn
- Civiel recht overigBodemzaakInhoudsindicatie pandrecht op liquidatiesaldo?
Rechtbank Amsterdam|3 februari 2010|ECLI:NL:RBAMS:2010:BM0399
uitbetaling van het liquidatiesaldo, welk vorderingsrecht niet meer aan het bepaalde in artikel 3:323 BW is onderworpen. Dat deze laatste vordering is verjaard is gesteld noch gebleken en kan ook overigens
- Civiel recht overigHoger beroep kort gedingGerechtshof 's-Hertogenbosch · Hoger beroep kort geding · Civiel recht overig
Gerechtshof 's-Hertogenbosch|25 april 2002|ECLI:NL:GHSHE:2002:AE9363
maken voor een procedure tot vernietiging van de fusie overeenkomstig het bepaalde in artikel 3:323 BW. 4.3. Met de grieven is in volle omvang aan het hof de vraag voorgelegd
- Civiel recht overigHoger beroepVordering tot nakoming van vaststellingsovereenkomst niet verzekerd met hypotheekrecht. Korte…
Gerechtshof Amsterdam|10 oktober 2023|ECLI:NL:GHAMS:2023:2617
vordering op [geïntimeerde 1] is verzekerd met een hypotheekrecht waardoor op grond van artikel 3:323 BW een verjaringstermijn van 20 jaren geldt, heeft de rechtbank verworpen. Naar het oordeel
- Civiel recht overigKort gedingKort geding. Waardeloosverklaring van een hypotheekrecht ex artikel 3:29 BW. Toewijzing. Verstek verleend…
Rechtbank Rotterdam|25 augustus 2026|ECLI:NL:RBROT:2026:10578
verjaard. Die verjaring heeft tot gevolg gehad dat het hypotheekrecht teniet is gegaan (artikel 3:323 BW). Daarom moet ervan worden uitgegaan dat er geen vordering meer bestaat waarvoor het hypotheekrecht
- Civiel recht overigBeroepsaansprakelijkheid van advocaat. Verzuim om verjaring van de bevoegdheid tot tenuitvoerlegging van…
Parket bij de Hoge Raad|3 juni 2016|ECLI:NL:PHR:2016:473
Beroepsaansprakelijkheid van advocaat. Verzuim om verjaring van de bevoegdheid tot tenuitvoerlegging van rechterlijke uitspraak (art. 3:324 BW) te stuiten? Rechtsgevolg van stuiting door daad van tenuitvoerlegging in de zin van art. 3:325 lid 2, onder c, BW: nieuwe verjaringstermijn van vijf jaar (art. 3:319 BW) of…
- Civiel recht overigKort gedingKort geding. Opheffing executoriaal beslag op woning. Bevoegdheid tenuitvoerlegging exequatur niet verjaard…
Rechtbank Gelderland|3 mei 2019|ECLI:NL:RBGEL:2019:3683
BW zijn op die verjaring de artikelen 3:319 tot en met 3:323 BW van overeenkomstige toepassing en ingevolge 3:325 lid 2 onder c BW kan die verjaring worden gestuit
- Civiel recht overigOverheidsprivaatrecht. Invordering belastingen. Gevolg verjaring voor zekerheid die met het oog op uitkomst…
Parket bij de Hoge Raad|25 maart 2022|ECLI:NL:PHR:2022:394
Overheidsprivaatrecht. Invordering belastingen. Gevolg verjaring voor zekerheid die met het oog op uitkomst van procedure is gesteld door storting van bedrag onder ontvanger. Staat verjaring aan verhaal door ontvanger op zekerheid in de weg? Voorwaardelijke verbintenissen; gevolg van vervulling voorwaarde. Werking…
- Intellectueel-eigendomsrechtKort gedingVervolg op ECLI:NL:RBDHA:2016:1626. Verpanding van octrooien. Verzoek ex 3:251 BW toegewezen tot verblijven…
Rechtbank Den Haag|3 mei 2017|ECLI:NL:RBDHA:2017:4621
Vervolg op ECLI:NL:RBDHA:2016:1626. Verpanding van octrooien. Verzoek ex 3:251 BW toegewezen tot verblijven aan pandhouder.
- Burgerlijk procesrechtVerjaring. Hypotheekrecht. Procesrecht. Verjaring restschuld lening na uitwinning hypothecair verbonden goed…
Parket bij de Hoge Raad|28 november 2025|ECLI:NL:PHR:2025:1296
Verjaring. Hypotheekrecht. Procesrecht. Verjaring restschuld lening na uitwinning hypothecair verbonden goed. Stuit de maandelijkse inning van afdracht krachtens loonbeslag de verjaring van de restschuld als een daad van rechtsvervolging in de zin van art. 3:316 lid 1 BW? Is art. 3:323 lid 3 BW van toepassing op…
Zoektips
Een ECLI (ook kort, zoals HR:2020:2020), LJN of vindplaats (NJ 2019/123) opent direct de uitspraak. Gebruik aanhalingstekens voor een exacte woordgroep (“ontslag op staande voet”), OR voor alternatieven (huur OR pacht), een sterretje voor woorddelen (huur* vindt ook huurder) en een minteken om een woord uit te sluiten.