41 uitspraken gevonden
Sorteer op: Relevantie
- Civiel recht overigEerste aanleg - enkelvoudigEen minderjarige had voor het sluiten van de overeenkomst op grond van het bepaalde in art 1:234 lid 1 en 2…
Rechtbank Maastricht|19 mei 2010|ECLI:NL:RBMAA:2010:BM8002
minderjarige verrichten van een rechtshandeling wordt de minderjarige ingevolge art 3:66 juncto 3:78 BW materiele procespartij. De rechtsvordering is ingesteld nadat de minderjarige meerderjarig is geworden waardoor deze … gedaagde] werd als handelingsonbekwame, ingevolge het bepaalde in artikel 3:66 lid 1 juncto 3:78 BW, door het door [wettelijke vertegenwoordigster] verrichten van een rechtshandeling in ieder geval namens hem, (materiele
- Civiel recht overigOnrechtmatige daad, verjaring. Aanvang verjaringstermijn (art. 3:310 lid 1 BW). Geldt wetenschap van…
Parket bij de Hoge Raad|6 maart 2020|ECLI:NL:PHR:2020:283
Onrechtmatige daad, verjaring. Aanvang verjaringstermijn (art. 3:310 lid 1 BW). Geldt
- Civiel recht overigEerste aanleg - enkelvoudigVertegenwoordigingsbevoegdheid, aanvulling rechtsgronden, aansprakelijkheid pseudovertegenwoordigers.
Rechtbank Amsterdam|29 augustus 2012|ECLI:NL:RBAMS:2012:BY0154
vertegenwoordigers, waarvan de vertegenwoordigingsbevoegdheid echter niet bleek te bestaan (vergelijk artikel 3:70 jo. 3:78 BW). 4.6.3. [D] heeft ter comparitie van partijen verklaard dat Great East al meer … volgt dat [A] c.s. en [B] op grond van artikel 3:70 BW jo. 3:78 BW aansprakelijk zijn voor de door Great East geleden schade. Uit artikel 3:70 BW volgt
- VerbintenissenrechtVerbintenissenrecht. Onverschuldigde betaling. Duiding van betaling die plaatsvindt aan een ander dan de…
Parket bij de Hoge Raad|11 november 2022|ECLI:NL:PHR:2022:1037
Verbintenissenrecht. Onverschuldigde betaling. Duiding van betaling die plaatsvindt aan een ander dan de schuldeiser. Rechtsgrond? Van belang dat betaling is gaan deeluitmaken van vermogen ontvanger? Stelplicht en bewijslast. Wie is ontvanger in de zin van art. 6:203 lid 1 BW?
- Civiel recht overigBestuurdersaansprakelijkheid. Slagende klachten tegen oordeel dat (indirect) bestuurder geen persoonlijk…
Parket bij de Hoge Raad|21 november 2014|ECLI:NL:PHR:2014:2242
deze procedure door ING gedane beroep op art. 3:70 BW jo. art. 3:78 BW om die reden ook tevergeefs is. Het onderdeel klaagt dat het hof het beroep … ambtshalve toepassing te geven aan art. 3:76 lid 2 BW jo. art. 3:78 BW. 3.2 De klachten van onderdeel 1 zijn ongegrond. Het hof heeft geoordeeld dat de faillietverklaring
- Civiel recht overigEerste aanleg - enkelvoudigBW art. 3:67. Koopovereenkomst recreatiewoning. Identiteit van de koper. De overeenkomst is door de…
Rechtbank Gelderland|3 februari 2016|ECLI:NL:RBGEL:2016:745
heeft voor zichzelf of een nader te noemen meester (artikel 3:67 BW jo 3:78 BW). Uit de stellingen van [gedaagden] volgt vervolgens dat zij de naam van de vertegenwoordigde … niet heeft genoemd. Op grond van artikel 3:67 lid 2 BW jo 3:78 BW geldt dat, wanneer degene die de overeenkomst is aangaan niet (tijdig) de naam van de vertegenwoordigde
- Civiel recht overigBodemzaakDe vereffenaar vordert van de erfgenaam, die aanvankelijk ook executeur was, schadevergoeding uit…
Rechtbank Noord-Nederland|6 november 2013|ECLI:NL:RBNNE:2013:7380
De vereffenaar vordert van de erfgenaam, die aanvankelijk ook executeur was, schadevergoeding uit onrechtmatige daad. Schadevergoeding aan de nalatenschap wordt (deels) toegewezen omdat de erfgenaam/executeur aanzienlijke bedragen van de nalatenschap naar zijn eigen rekening heeft overgemaakt zonder daarover rekening…
- VerbintenissenrechtEerste aanleg - enkelvoudigToewijzing contractuele boete. De rechtbank komt tot het oordeel dat sprake is van een overeenkomst tussen…
Rechtbank Rotterdam|14 januari 2026|ECLI:NL:RBROT:2026:564
namens de vennootschap [gedaagde 1], in de zin van artikel 3:69 BW jo 3:78 BW. In ieder geval heeft Matrix Fitness dat zo mogen opvatten. De bekrachtiging heeft op grond … artikel 3:69 jo 3:78 BW terugwerkende kracht. [gedaagde 1] komt geen beroep toe op de in de offertes opgenomen betalingsconditie 5.8. Naar de rechtbank begrijpt, betogen [gedaagden] dat de betalingsconditie
- Civiel recht overigVennootschapsrecht. Verzoek tot heropening van vereffening van een ontbonden vennootschap; tegenstrijdig…
Parket bij de Hoge Raad|21 maart 2008|ECLI:NL:PHR:2008:BC1849
Vennootschapsrecht. Verzoek tot heropening van vereffening van een ontbonden vennootschap; tegenstrijdig belang als bedoeld in art. 2:256 BW, aanwijzing van bijzonder vertegenwoordiger; beroep op onbevoegdheid door vennootschap, gevolgen onbevoegd verrichte rechtshandelingen, geen verjaring op voet van art. 3:52 BW;…
- Civiel recht overigHoger beroepEffectenlease. Appellant niet-ontvankelijk in voor eerst in hoger beroep ingestelde vordering in reconventie…
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden|16 april 2019|ECLI:NL:GHARL:2019:3369
3:69 lid 1 BW al dan niet in in samenhang met de artikelen 3:78 BW en 6:198 BW bepaalt immers dat wanneer iemand, zonder daartoe bevoegd te zijn
- Civiel recht overigHoger beroepFaillissement uitgesproken op de dag waarop eigen aangifte is gedaan. Vrijwaringszaak van HR 23-03-2012, LJN…
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden|26 maart 2013|ECLI:NL:GHARL:2013:BZ5614
positief contractsbelang. ING beroept zich op artikel 3:70 BW in verbinding met artikel 3:78 BW. ING acht daarnaast [appellant 1] aansprakelijk op grond van artikel 2:11 BW
- Civiel recht overigVerwijzing na Hoge RaadEindarrest in verzet na verwijzingsarrest HR in ECLI:NL:HR:2017:144; geen bekrachtiging koopovereenkomst door…
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden|13 juli 2021|ECLI:NL:GHARL:2021:6755
zoals geregeld in artikel 3:69 BW. Deze bepaling vindt op grond van artikel 3:78 BW overeenkomstige toepassing op artikel 2:203 BW, zodat in het laatste geval voor bekrachtiging geen
- Civiel recht overigHoger beroepOpzegging huurovereenkomst bedrijfsruimte 7:230a BW. Was de opzegger bevoegd tot opzegging? Ondertekening…
Gerechtshof 's-Hertogenbosch|15 maart 2016|ECLI:NL:GHSHE:2016:942
wijst eerst op artikel 3:71 lid 1 BW (eventueel in verbinding met artikel 3:78 BW: de vertegenwoordiging door een werknemer). De verklaring van de gevolmachtigde, hier de heer [hoofd Local
- Civiel recht overigEerste aanleg - enkelvoudigEiseres heeft niet aangetoond dat gedaagde een persoonlijke garantie voor voldoening van schulden heeft afgegeven.
Rechtbank Utrecht|7 april 2010|ECLI:NL:RBUTR:2010:BM0440
gegeven, heeft hij dit onbevoegdelijk gedaan; daarvoor is hij ex artikel 3:70 jo 3:78 BW aansprakelijk, - voor zover [gedaagde] de opdracht namens een door hem geleide vennootschap heeft gegeven
- Civiel recht overigGeschil tussen een inlener van tijdelijke arbeidskrachten en het bedrijf dat deze arbeidskrachten ter…
Parket bij de Hoge Raad|14 april 2006|ECLI:NL:PHR:2006:AV0652
heeft het hof - mede tegen de achtergrond van de in art. 3:67 jo 3:78 BW gelegen 'Schutznorm' - door te oordelen als in rov. 3 is geschied, de Haviltex-regel miskend
- Civiel recht overigEerste aanleg - enkelvoudigDe rechtbank veroordeelt de gedaagde om een bedrag aan de eiser te betalen. Eiser vorderde betaling van…
Rechtbank Overijssel|13 augustus 2024|ECLI:NL:RBOVE:2024:4329
GmbH is gebonden (artikel 3:66 eerste lid BW in samenhang met artikel 3:78 BW). [gedaagde] trad op namens zichzelf 4.3. Naar het oordeel van de kantonrechter mochten partijen over
- Civiel recht overigHoger beroepBestuurdersaansprakelijkheid. Onbevoegde vertegenwoordiging. Art. 2:9 BW; Art. 3:70 BW.
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden|3 augustus 2021|ECLI:NL:GHARL:2021:7387
weet of behoort te begrijpen dat een toereikende volmacht ontbreekt (…). Op grond van art. 3:78 BW geldt hetzelfde als iemand uit andere hoofde dan volmacht als vertegenwoordiger optreedt, zoals bestuurders
- Civiel recht overigOnbevoegde vertegenwoordiging. Schadevergoeding door pseudo-vertegenwoordiger. Maatstaf schade.
Parket bij de Hoge Raad|24 januari 1997|ECLI:NL:PHR:1997:39
Parl. Gesch. Boek 3, p. 283. Art. 3:70 is ingevolge art. 3:78 BW van overeenkomstige toepassing wanneer iemand optreedt als vertegenwoordiger uit anders voortvloeit; bij dat optreden als vertegenwoordiger
- VerbintenissenrechtEerste aanleg - enkelvoudigZorgverzekeraar vordert gedeclareerde vergoedingen terug van zorgaanbieder. Onvoldoende gemotiveerd…
Rechtbank Midden-Nederland|19 augustus 2020|ECLI:NL:RBMNE:2020:3405
3:66 lid 1 BW in samenhang met art. 3:78 BW. Vgl. HR 30 november 1990, ECLI:NL:HR:1990:ZC0065, NJ 1991/200, rov. 3.1 en punt 3.2 van de conclusie
- Civiel recht overigHoger beroepNiet-aanbrengen van een zaak na verwijzingsarrest van de Hoge Raad kwalificeert niet voor toepasselijkheid…
Gerechtshof Amsterdam|12 november 2024|ECLI:NL:GHAMS:2024:3113
Niet-aanbrengen van een zaak na verwijzingsarrest van de Hoge Raad kwalificeert niet voor toepasselijkheid van 251 Rv (verval van instantie). Persoonlijke aansprakelijkheid voor het sluiten van een overeenkomst namens een niet (meer) bestaande CV die de overeengekomen prestatie niet verricht, daarop in rechte niet…
Zoektips
Een ECLI (ook kort, zoals HR:2020:2020), LJN of vindplaats (NJ 2019/123) opent direct de uitspraak. Gebruik aanhalingstekens voor een exacte woordgroep (“ontslag op staande voet”), OR voor alternatieven (huur OR pacht), een sterretje voor woorddelen (huur* vindt ook huurder) en een minteken om een woord uit te sluiten.