5 uitspraken gevonden
Sorteer op: Relevantie
- BelastingrechtArt. 2.14, 3.119a, 10bis.1, 10bis.9 Wet IB 2001. Bestaande eigenwoningschuld. Verhouding rangorderegeling tot…
Parket bij de Hoge Raad|20 december 2024|ECLI:NL:PHR:2024:1403
renteaftrek bij een 'bestaande eigenwoningschuld' vindt niet plaats op grond van bepalingen uit Afdeling 3.6 Wet IB 2001. De basis voor deze renteaftrek is art. 10bis.10 Wet IB 2001. 2.11 De toelichting
- BelastingrechtHoger beroepArt. 3.8, Wet IB 2001. Art. 3.76, Wet IB 2001. Belanghebbende heeft niet aannemelijk gemaakt dat de door haar…
Gerechtshof Den Haag|28 mei 2024|ECLI:NL:GHDHA:2024:916
Art. 3.8, Wet IB 2001. Art. 3.76, Wet IB 2001. Belanghebbende heeft
- BelastingrechtHoger beroepBelanghebbende is in 2017 een onderneming als voetreflextherapeut begonnen. Daarvoor heeft belanghebbende de…
Gerechtshof 's-Hertogenbosch|19 juni 2024|ECLI:NL:GHSHE:2024:2008
2001), voor ondernemers die aan het urencriterium voldoen. Het urencriterium is uitgewerkt in artikel 3.6 Wet IB 2001. Aan het urencriterium wordt voldaan indien in een jaar minimaal 1225 uren
- BelastingrechtHoger beroepZelfstandigenaftrek; urencriterium.
Gerechtshof Amsterdam|28 mei 2024|ECLI:NL:GHAMS:2024:2041
bijzonder is in geschil of belanghebbende voldoet aan het urencriterium van artikel 3.6 Wet IB 2001. 3.2. Voorts is in geschil of: - de rechtbank een partijdig oordeel heeft gegeven; - de inspecteur en/of
- BelastingrechtHoger beroepHet hof is van oordeel dat de stille maatschap op 30 september 2016 met terugwerkende kracht tot 1 januari…
Gerechtshof 's-Hertogenbosch|4 september 2024|ECLI:NL:GHSHE:2024:2809
Het hof is van oordeel dat de stille maatschap op 30 september 2016 met terugwerkende kracht tot 1 januari 2016 tot stand is gekomen en dat belanghebbende recht heeft op de zelfstandigenaftrek. Het hof acht aannemelijk dat belanghebbende in ieder geval tot 30 september 2016 loon uit dienstbetrekking heeft genoten en…
Zoektips
Een ECLI (ook kort, zoals HR:2020:2020), LJN of vindplaats (NJ 2019/123) opent direct de uitspraak. Gebruik aanhalingstekens voor een exacte woordgroep (“ontslag op staande voet”), OR voor alternatieven (huur OR pacht), een sterretje voor woorddelen (huur* vindt ook huurder) en een minteken om een woord uit te sluiten.