2 uitspraken gevonden
Sorteer op: Relevantie
- BelastingrechtNr. 37.801 12 maart 2004 AB gewezen op het beroep in cassatie van de Staatssecretaris van Financiën tegen de…
Parket bij de Hoge Raad|12 maart 2004|ECLI:NL:PHR:2004:AF4956
volgende: "Volgens dit artikel [bedoeld wordt: art. 32 (oud) Wet LB 1964, thans art. 34 Wet LB 1964; ThG] zal de loonbelasting (...) mede kunnen worden geheven van lijfrenten en andere periodieke uitkeringen … alle als inkomsten uit arbeid moeten worden aangemerkt, afstuit op het delegatiekader dat art. 34 Wet LB 1964 formuleert. De onderhavige uitvoeringsbepaling moet worden gezien als een bepaling waarmee de heffing
- BelastingrechtEerste aanleg - enkelvoudigMet ingang van 1 januari 2001 zijn (ook) kosten ter verwerving, inning en behoud van diverse…
Gerechtshof Amsterdam|14 december 2004|ECLI:NL:GHAMS:2004:AR8143
opgemerkt, gebaseerd op artikel 11 Uitvoeringsbesluit loonbelasting 1965. Dit besluit is gebaseerd op artikel 34 Wet LB 1964. Deze bepaling leidt ertoe dat over onder meer een Wajonguitkering loonbelasting kan worden geheven
Zoektips
Een ECLI (ook kort, zoals HR:2020:2020), LJN of vindplaats (NJ 2019/123) opent direct de uitspraak. Gebruik aanhalingstekens voor een exacte woordgroep (“ontslag op staande voet”), OR voor alternatieven (huur OR pacht), een sterretje voor woorddelen (huur* vindt ook huurder) en een minteken om een woord uit te sluiten.