36 uitspraken gevonden
Sorteer op: Relevantie
- BelastingrechtCassatieOmzetbelasting. Artikel 21, lid 1, aanhef en letter c, Zesde richtlijn en artikel 37 Wet OB 1968. De…
Hoge Raad|5 maart 2010|ECLI:NL:HR:2010:BK1528
Omzetbelasting. Artikel 21, lid 1, aanhef en letter c, Zesde richtlijn en artikel 37 Wet OB 1968. De bepalingen kunnen van toepassing zijn in geval van vermelding van BTW op een factuur
- BelastingrechtCassatieOmzetbelasting. Art. 13, 14, 35 en 37 Wet OB 1968. Op een factuur vermelde omzetbelasting die mede omvat…
Hoge Raad|20 december 2013|ECLI:NL:HR:2013:1781
Omzetbelasting. Art. 13, 14, 35 en 37 Wet OB 1968. Op een factuur vermelde omzetbelasting die mede omvat omzetbelasting die eerder verschuldigd was in verband met een vooruitbetaling. Artikel 37
- Europees bestuursrechtCassatieArtikel 21, lid 1, aanhef en letter c, Zesde richtlijn en artikel 37 Wet OB 1968: zijn deze artikelen van…
Hoge Raad|30 november 2007|ECLI:NL:HR:2007:BB3360
Artikel 21, lid 1, aanhef en letter c, Zesde richtlijn en artikel 37 Wet OB 1968: zijn deze artikelen van toepassing in geval van diensten die buiten Nederland zijn verricht? Herstelfactuur voor
- BelastingrechtHoger beroepBelanghebbende reikt een factuur met omzetbelasting uit en voldoet die niet op aangifte. De inspecteur legt…
Gerechtshof 's-Hertogenbosch|26 juli 2023|ECLI:NL:GHSHE:2023:2475
naheffingsaanslag op met een vergrijpboete. De naheffingsaanslag blijft in stand op grond van artikel 37 Wet OB 1968, ook indien belanghebbende geen belastbare prestatie zou hebben verricht. Belanghebbende heeft het verlies … geen belaste prestatie zou hebben verricht, aangezien die verschuldigdheid dan volgt uit artikel 37 Wet OB 1968. 4.3. Belanghebbende heeft voor het eerst tijdens het onderzoek op de zitting gesteld
- BelastingrechtCONCLUSIE PG Naheffingsaanslag omzetbelasting 1995 Belanghebbende, X N.V. (hierna: X, of belanghebbende)…
Parket bij de Hoge Raad|8 februari 2008|ECLI:NL:PHR:2008:AT4921
belasting die enkel is verschuldigd vanwege vermelding daarvan op de factuur (zie artikel 37 Wet OB 1968 en onderdeel 4 van deze conclusie)(32). Teruggaaf kan alleen worden verkregen, als de belasting
- BelastingrechtTrefwoorden:- Art. 29, lid 1, letter b, van de Wet op de omzetbelasting 1968; - Door de leverancier verleende…
Parket bij de Hoge Raad|8 februari 2008|ECLI:NL:PHR:2008:AT4927
belasting die enkel is verschuldigd vanwege vermelding daarvan op de factuur (zie artikel 37 Wet OB 1968 en onderdeel 4 van deze conclusie)(31). Teruggaaf kan alleen worden verkregen, als de belasting
- BelastingrechtHoger beroepOmzetbelasting. Schending verdedigingsbeginsel? Levering perceel en vrachtwagen als ondernemer?…
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden|31 maart 2015|ECLI:NL:GHARL:2015:2569
Schending verdedigingsbeginsel? Levering perceel en vrachtwagen als ondernemer? Verleggingsregeling van toepassing? Bouwterrein? Toepassing art. 37 Wet OB 1968. GERECHTSHOF ARNHEM - LEEUWARDEN Afdeling belastingrecht Locatie Arnhem nummers 12/00507 en 12/00508 uitspraakdatum: 31 maart
- BelastingrechtHoger beroepOmzetbelasting. Aftrek voorbelasting. Aanschaf woning als belastingplichtige of als particulier? Levering…
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden|5 augustus 2014|ECLI:NL:GHARL:2014:6186
belastingplichtige of als particulier? Levering appartementsrecht. Verschuldigdheid omzetbelasting op de voet van art. 37 Wet OB 1968. GERECHTSHOF ARNHEM Afdeling belastingrecht Locatie Arnhem nummer 13/01249 uitspraakdatum: 5 augustus 2014 Uitspraak
- BelastingrechtEerste aanleg - enkelvoudigBelanghebbende heeft in 1999 twee onroerende zaken verkocht voor ƒ 5.500.000. Ter zake is geen factuur…
Rechtbank Breda|27 november 2008|ECLI:NL:RBBRE:2008:BG6906
notarisafrekening is vermeld. Belanghebbende is deze omzetbelasting op grond van artikel 37 Wet OB 1968 echter wel verschuldigd. De naheffingsaanslag is dan ook terecht opgelegd. RECHTBANK BREDA Sector bestuursrecht, enkelvoudige belastingkamer Procedurenummer
- Europees bestuursrechtArtikel 21, lid 1, aanhef en letter c, Zesde richtlijn en artikel 37 Wet OB 1968: zijn deze artikelen van…
Parket bij de Hoge Raad|30 november 2007|ECLI:NL:PHR:2007:BB3360
Artikel 21, lid 1, aanhef en letter c, Zesde richtlijn en artikel 37 Wet OB 1968: zijn deze artikelen van toepassing in geval van diensten die buiten Nederland zijn verricht? Herstelfactuur voor … Besluit geen Nederlandse procedure om tot herziening van op de voet van artikel 37 Wet OB 1968 verschuldigd geworden omzetbelasting te geraken. 3.25. Zou dit laatste anders moeten worden gezien
- BelastingrechtArtikel 13, A, lid 1, letters g-i, Zesde richtlijn, bemiddeling in kinderopvang. Artikel 37 Wet OB niet van…
Parket bij de Hoge Raad|14 december 2007|ECLI:NL:PHR:2007:AI0669
weliswaar belanghebbende de op haar facturen vermelde omzetbelasting op grond van artikel 37 Wet OB 1968 verschuldigd is geworden, maar dat gelet op het arrest Schmeink/Strobel(6) van het HvJ EG deze … rechtspersoon, andere dan ondernemer, een genummerde en gedagtekende factuur uit te reiken, (...)" 3.4. Artikel 37 Wet OB 1968 houdt vervolgens in: "Hij die op een factuur op enigerlei wijze melding maakt
- BelastingrechtEerste aanleg - meervoudigEiseres levert grond aan gemeente ter voorkoming van onteigening. In de transportakte is BTW vermeld. Rb…
Rechtbank 's-Gravenhage|2 november 2007|ECLI:NL:RBSGR:2007:BC9651
transportakte is BTW vermeld. Rb: Transportakte is factuur in de zin van art 37 wet OB 1968. Eiseres heeft het gevaar voor verlies van belastinginkomsten niet tijdig en volledig uitgeschakeld. RECHTBANK
- BelastingrechtOmzetbelasting. Artikel 21, lid 1, aanhef en letter c, Zesde richtlijn en artikel 37 Wet OB 1968. De…
Parket bij de Hoge Raad|5 maart 2010|ECLI:NL:PHR:2010:BK1528
Omzetbelasting. Artikel 21, lid 1, aanhef en letter c, Zesde richtlijn en artikel 37 Wet OB 1968. De bepalingen kunnen van toepassing zijn in geval van vermelding van BTW op een factuur
- BelastingrechtCassatieHoge Raad · Cassatie · Belastingrecht
Hoge Raad|8 juli 1996|ECLI:NL:HR:1996:AA1798
begrijp ik het betoog, ook niet op aangifte had behoeven te voldoen. 2.2. Art. 37 Wet OB 1968 schept (conform art. 21, lid 1, onder c, Zesde richtlijn) echter ook een belastingplicht … koper in rekening is gebracht. Dat is echter gesteld noch gebleken. Toepassing van art. 37 Wet OB 1968 moet daarom in dit geval, ook als de belanghebbende inderdaad in haar bezwaar ontvankelijk
- BelastingrechtCassatieHoge Raad · Cassatie · Belastingrecht
Hoge Raad|1 juli 1998|ECLI:NL:HR:1998:AA2329
1990/65 m.nt. A.L.C. Simons, waarin het ging om de vraag of art. 37 Wet OB 1968 (belastingplicht wegens het ten onrechte in rekening brengen van omzetbelasting) ook kan worden toegepast indien … betrokkene op de factuur een ander als leverancier heeft vermeld. Beslist werd dat art. 37 Wet OB 1968 kon worden toegepast, indien de betrokkene "zich bewust was van de onjuistheid
- BelastingrechtConclusie · Parket bij de Hoge Raad · Belastingrecht
Parket bij de Hoge Raad|8 juli 1996|ECLI:NL:PHR:1996:AA1798
begrijp ik het betoog, ook niet op aangifte had behoeven te voldoen. 2.2. Art. 37 Wet OB 1968 schept (conform art. 21, lid 1, onder c, Zesde richtlijn) echter ook een belastingplicht … koper in rekening is gebracht. Dat is echter gesteld noch gebleken. Toepassing van art. 37 Wet OB 1968 moet daarom in dit geval, ook als de belanghebbende inderdaad in haar bezwaar ontvankelijk
- Civiel recht overigCassatieHoge Raad · Cassatie · Civiel recht overig
Hoge Raad|10 januari 2003|ECLI:NL:HR:2003:AE9398Aangehaald in 18 uitspraken
Limburg, slechts een laatste waarschuwing van de Belastingdienst inhoudt dat aan toepassing van art. 37 Wet OB 1968 de hand zal worden gehouden, en dat die brief niets van doen heeft
- BelastingrechtConclusie · Parket bij de Hoge Raad · Belastingrecht
Parket bij de Hoge Raad|1 juli 1998|ECLI:NL:PHR:1998:AA2329
1990/65 m.nt. A.L.C. Simons, waarin het ging om de vraag of art. 37 Wet OB 1968 (belastingplicht wegens het ten onrechte in rekening brengen van omzetbelasting) ook kan worden toegepast indien … betrokkene op de factuur een ander als leverancier heeft vermeld. Beslist werd dat art. 37 Wet OB 1968 kon worden toegepast, indien de betrokkene "zich bewust was van de onjuistheid
- BelastingrechtConclusie · Parket bij de Hoge Raad · Belastingrecht
Parket bij de Hoge Raad|11 april 2003|ECLI:NL:PHR:2003:AE3220
PROCUREUR-GENERAAL BIJ DE HOGE RAAD DER NEDERLANDEN MR. J.W. ILSINK ADVOCAAT-GENERAAL Nrs. 36.822 en 36.823 Derde Kamer A BPM 1993/1996 CONCLUSIE van 22 maart 2002 inzake: X BV tegen DE STAATSSECRETARIS VAN FINANCIËN 1. Feiten en procesverloop 1.1. X BV (hierna: belanghebbende) is de Nederlandse importeur van…
- BelastingrechtCONCLUSIE PG Deze zaak is voor conclusie geselecteerd vanwege de vraag hoe de zinsnede 'omzetbelasting welke…
Parket bij de Hoge Raad|31 januari 2013|ECLI:NL:PHR:2013:BZ1320
1968 (hierna: Wet OB), artikel 35, derde lid, Wet OB (tekst 1999) en artikel 37 Wet OB 1968 doordat het Gerechtshof heeft geoordeeld dat belanghebbende in 2005 een bedrag
Zoektips
Een ECLI (ook kort, zoals HR:2020:2020), LJN of vindplaats (NJ 2019/123) opent direct de uitspraak. Gebruik aanhalingstekens voor een exacte woordgroep (“ontslag op staande voet”), OR voor alternatieven (huur OR pacht), een sterretje voor woorddelen (huur* vindt ook huurder) en een minteken om een woord uit te sluiten.