104 uitspraken gevonden
Sorteer op: Relevantie
- InsolventierechtCassatieWSNP; tussentijdse beëindiging van toepassing van schuldsaneringsregeling op de voet van art. 350 F…
Hoge Raad|17 april 2009|ECLI:NL:HR:2009:BH2958Aangehaald in 7 uitspraken
bevoegd om cassatieberoep in te stellen; strekking van art. 360 F., geen toepasselijkheid van art. 426 Rv. 17 april 2009 Eerste Kamer 08/04310 EV/TT Hoge Raad der Nederlanden Arrest in de zaak … niet in zijn beroep worden ontvangen. Anders dan de bewindvoerder betoogt, kan hij aan art. 426 Rv. geen recht op het instellen van cassatieberoep ontlenen, nu uit art. 360 F. volgt
- Civiel recht overigCassatieCassatie. Cassatieberoep tegen tussenbeschikking. Niet-ontvankelijkheid; art. 401a, 426 Rv. Door rechtbank…
Hoge Raad|9 september 2011|ECLI:NL:HR:2011:BQ2306Aangehaald in 20 uitspraken
Cassatie. Cassatieberoep tegen tussenbeschikking. Niet-ontvankelijkheid; art. 401a, 426 Rv. Door rechtbank gegeven toestemming tot tussentijds appel houdt niet tevens toestemming in tot tussentijds cassatieberoep (HR 21 oktober 2005, LJN AU3723). Cassatierekest
- Civiel recht overigCassatieEnquête; tussentijds beroep; art. 401a, 426 Rv. Beschikking ondernemingskamer waarbij verweerster in cassatie…
Hoge Raad|25 mei 2012|ECLI:NL:HR:2012:BW0242Aangehaald in 6 uitspraken
Enquête; tussentijds beroep; art. 401a, 426 Rv. Beschikking ondernemingskamer waarbij verweerster in cassatie is aangemerkt als belanghebbende is een tussenbeschikking; eiseres niet-ontvankelijk cassatieberoep. 25 mei 2012 Eerste Kamer 11/02745 EE/AS Hoge
- Civiel recht overigCassatieEnquêterecht. Is door ondernemingskamer gehoorde onderzoeker partij of belanghebbende in de zin van art. 426…
Hoge Raad|13 juni 2014|ECLI:NL:HR:2014:1403Aangehaald in 9 uitspraken
Enquêterecht. Is door ondernemingskamer gehoorde onderzoeker partij of belanghebbende in de zin van art. 426 Rv? Taak onderzoeker; art. 2:345, 351, 352 en 352a BW. Dient onderzoeker (i) een kopie
- Civiel recht overigCassatieFinancieel recht, procesrecht. Vraag of cassatieberoep openstaat tegen uitspreken overdrachtsregeling (art…
Hoge Raad|6 april 2018|ECLI:NL:HR:2018:538
cassatieberoep openstaat tegen uitspreken overdrachtsregeling (art. 3:159ij Wft). Afwijking van gewone cassatietermijn (art. 426 Rv) in verband met spoedeisend karakter; aansluiting bij cassatietermijn van 14 dagen
- InsolventierechtWSNP; tussentijdse beëindiging van toepassing van schuldsaneringsregeling op de voet van art. 350 F…
Parket bij de Hoge Raad|17 april 2009|ECLI:NL:PHR:2009:BH2958
bevoegd om cassatieberoep in te stellen; strekking van art. 360 F., geen toepasselijkheid van art. 426 Rv. 08/04310 Mr. F.F. Langemeijer Parket, 13 februari 2009 Conclusie inzake: mr. C.H.J. van der Maas … merken als een lex specialis ten opzichte van art. 426 Rv. Voor zover de beslissing van het hof betrekking heeft op het wel of niet beëindigen van de toepassing van de schuldsaneringsregeling
- Civiel recht overigFinancieel recht, procesrecht. Vraag of cassatieberoep openstaat tegen uitspreken overdrachtsregeling (art…
Parket bij de Hoge Raad|2 februari 2018|ECLI:NL:PHR:2018:75
cassatieberoep openstaat tegen uitspreken overdrachtsregeling (art. 3:159ij Wft). Afwijking van gewone cassatietermijn (art. 426 Rv) in verband met spoedeisend karakter; aansluiting bij cassatietermijn van 14 dagen
- Civiel recht overigCassatie. Cassatieberoep tegen tussenbeschikking. Niet-ontvankelijkheid; art. 401a, 426 Rv. Door rechtbank…
Parket bij de Hoge Raad|9 september 2011|ECLI:NL:PHR:2011:BQ2306
Cassatie. Cassatieberoep tegen tussenbeschikking. Niet-ontvankelijkheid; art. 401a, 426 Rv. Door rechtbank gegeven toestemming tot tussentijds appel houdt niet tevens toestemming in tot tussentijds cassatieberoep (HR 21 oktober 2005, LJN AU3723). Cassatierekest
- Civiel recht overigEnquête; tussentijds beroep; art. 401a, 426 Rv. Beschikking ondernemingskamer waarbij verweerster in cassatie…
Parket bij de Hoge Raad|25 mei 2012|ECLI:NL:PHR:2012:BW0242
Enquête; tussentijds beroep; art. 401a, 426 Rv. Beschikking ondernemingskamer waarbij verweerster in cassatie is aangemerkt als belanghebbende is een tussenbeschikking; eiseres niet-ontvankelijk cassatieberoep. Zaaknr. 11/02745 mr. E.M. Wesseling-van Gent Zitting
- Civiel recht overigEnquêterecht. Is door ondernemingskamer gehoorde onderzoeker partij of belanghebbende in de zin van art. 426…
Parket bij de Hoge Raad|21 februari 2014|ECLI:NL:PHR:2014:72
Enquêterecht. Is door ondernemingskamer gehoorde onderzoeker partij of belanghebbende in de zin van art. 426 Rv? Taak onderzoeker; art. 2:345, 351, 352 en 352a BW. Dient onderzoeker (i) een kopie
- Civiel recht overigEnquêterecht. Is door ondernemingskamer gehoorde onderzoeker partij of belanghebbende in de zin van art. 426…
Parket bij de Hoge Raad|4 april 2014|ECLI:NL:PHR:2014:287
Enquêterecht. Is door ondernemingskamer gehoorde onderzoeker partij of belanghebbende in de zin van art. 426 Rv? Taak onderzoeker; art. 2:345, 351, 352 en 352a BW. Dient onderzoeker (i) een kopie
- Civiel recht overigHoger beroepVijfde tussenbeschikking verzoek voorlopig getuigenverhoor, inzage ex artikel 843a Rv en voorlopig…
Gerechtshof 's-Hertogenbosch|10 februari 2022|ECLI:NL:GHSHE:2022:365
hierboven geciteerde brief (mail)wisseling blijkt. Het hof oordeelt als volgt. Artikel 404 Rv jo 426 Rv – dat voor cassatieberoep tegen beschikkingen sinds 1 april 2021 voortaan uitdrukkelijk (het gold al analoog … onderhavige procedure in beginsel naar zijn aard een spoedprocedure is. Artikel 404 Rv jo. 426 Rv maakt hiervoor geen uitzondering. Bovendien is van onredelijke vertraging in elk geval ook geen sprake
- InsolventierechtProcesrecht. Insolventierecht. Surseance van betaling. Akkoord aan schuldeisers aangeboden. Beslissingen…
Parket bij de Hoge Raad|14 juli 2017|ECLI:NL:PHR:2017:885
hier geen sprake is van een specifieke appel- en/of cassatietermijn, toepassing van art. 426 Rv een cassatietermijn oplevert van drie maanden. Aangenomen wordt dat deze termijn van drie maanden bijvoorbeeld geldt voor … faillissement): de appeltermijn daarvoor is vijf dagen, zodat volgens art. 426 Rv de cassatietermijn tien dagen zou bedragen. Dat was ook de termijn volgens de voorgestelde, maar uiteindelijk op dit punt niet
- Civiel recht overigEerste aanleg - meervoudigUitspraak van de Ondernemingskamer 16 juni 2011; VEB NCVB c.s./ Ageas N.V., voorheen Fortis N.V.
Gerechtshof Amsterdam|16 juni 2011|ECLI:NL:GHAMS:2011:BQ9738
worden aangemerkt als een tussenbeschikking, verzoekt Ageas de Ondernemingskamer op de voet van artikel 426 Rv jo artikel 401a lid 2 Rv te bepalen dat tegen de Beschikking onmiddellijk cassatieberoep kan worden … slechts kan worden ingesteld tegelijkertijd met cassatie van de eindbeschikking (artikel 401a lid 3 jo 426 Rv) en wel met het oog op een zo vlot mogelijke behandeling van zaken. De Ondernemingskamer
- Civiel recht overigCassatieWet verplichte geestelijke gezondheidszorg (Wvggz). Machtiging tot voortzetting crisismaatregel (art. 7:8…
Hoge Raad|5 juni 2020|ECLI:NL:HR:2020:1012Aangehaald in 65 uitspraken
crisismaatregel aanvullend van toepassing zijn. Uit art. 78 lid 6 RO in samenhang met art. 426 Rv volgt daarom dat cassatieberoep openstaat tegen de beslissing van de rechter inzake de crisismaatregel
- OndernemingsrechtOndernemingsrecht. Enquêterecht. Procesrecht. Ex parte getroffen onmiddellijke voorzieningen (art. 2:349a…
Parket bij de Hoge Raad|12 juni 2026|ECLI:NL:PHR:2026:585
Ondernemingsrecht. Enquêterecht. Procesrecht. Ex parte getroffen onmiddellijke voorzieningen (art. 2:349a BW). Schending van recht op eerlijk proces (art. 19 lid 1 Rv en art. 6 EVRM)? Staat als belanghebbende. Onaanvaardbare doorkruising van bestuursrechtelijke kader? Voorlopig oordeel dat sprake is van gegronde…
- OndernemingsrechtOndernemingsrecht. Enquêterecht. Procesrecht. Ex parte getroffen onmiddellijke voorzieningen (art. 2:349a…
Parket bij de Hoge Raad|12 juni 2026|ECLI:NL:PHR:2026:584
Ondernemingsrecht. Enquêterecht. Procesrecht. Ex parte getroffen onmiddellijke voorzieningen (art. 2:349a BW). Schending van recht op eerlijk proces (art. 19 lid 1 Rv en art. 6 EVRM) en van procedurele waarborgen art. 1 EP EVRM? Staat als belanghebbende. Onaanvaardbare doorkruising van bestuursrechtelijke kader?…
- Civiel recht overigCassatieWvggz. Beroep tegen crisismaatregel (art. 7:6 Wvggz) en verzoek tot schadevergoeding i.v.m. crisismaatregel…
Hoge Raad|20 november 2020|ECLI:NL:HR:2020:1806Aangehaald in 50 uitspraken
crisismaatregel aanvullend van toepassing zijn. Uit art. 78 lid 6 RO in verbinding met art. 426 Rv volgt daarom dat cassatieberoep openstaat tegen de beslissing van de rechter inzake de crisismaatregel
- Civiel recht overigBeschikkingNationaliteitsrecht. Verzoek tot vaststelling van het Nederlanderschap (art. 17 (oud) RWN). Is Staat…
Hoge Raad|4 maart 1988|ECLI:NL:HR:1988:AB8705
regeling van art. 18 lid 2 van de Rijkswet aan de algemene regeling van art. 426 Rv. 4. Beslissing De Hoge Raad verwerpt het beroep. Deze beschikking is gegeven door de vice
- Civiel recht overigCassatieWvggz. Zorgmachtiging. Klacht betrokkene o.g.v. art. 10:3, onder f, Wvggz over beslissing…
Hoge Raad|18 december 2020|ECLI:NL:HR:2020:2096Aangehaald in 25 uitspraken
Wvggz geen hoger beroep open. Uit art. 78 lid 6 RO in verbinding met art. 426 Rv volgt daarom dat cassatieberoep openstaat tegen die beslissing. Betrokkene is dan ook ontvankelijk in zijn
Zoektips
Een ECLI (ook kort, zoals HR:2020:2020), LJN of vindplaats (NJ 2019/123) opent direct de uitspraak. Gebruik aanhalingstekens voor een exacte woordgroep (“ontslag op staande voet”), OR voor alternatieven (huur OR pacht), een sterretje voor woorddelen (huur* vindt ook huurder) en een minteken om een woord uit te sluiten.