2 uitspraken gevonden
Sorteer op: Relevantie
- Ondernemingsrecht4 februari 2005 Eerste Kamer Nr. R04/014HR (OK 110) JMH Hoge Raad der Nederlanden Beschikking in de zaak van…
Parket bij de Hoge Raad|4 februari 2005|ECLI:NL:PHR:2005:AR8899
4 februari 2005 Eerste Kamer Nr. R04/014HR (OK 110) JMH Hoge Raad der Nederlanden Beschikking in de zaak van: 1. [Verzoeker 1], wonende te [woonplaats], 2. [Verzoeker 2], wonende te [woonplaats], 3. [Verzoeker 3], wonende te [woonplaats], 4. [Verzoeker 4], wonende te [woonplaats], 5. [Verzoekster 5], wonende te…
- Civiel recht overig17 juni 2005 Eerste Kamer Rek.nr. R05/039HR JMH Hoge Raad der Nederlanden Beschikking in de zaak van…
Parket bij de Hoge Raad|17 juni 2005|ECLI:NL:PHR:2005:AT4078
bovendien moet rekening worden gehouden met een termijn voor verweer als bedoeld in art. 426b Rv. Naar vaste rechtspraak van de Hoge Raad zou betrokkene na het verstrijken van de geldigheidsduur
Zoektips
Een ECLI (ook kort, zoals HR:2020:2020), LJN of vindplaats (NJ 2019/123) opent direct de uitspraak. Gebruik aanhalingstekens voor een exacte woordgroep (“ontslag op staande voet”), OR voor alternatieven (huur OR pacht), een sterretje voor woorddelen (huur* vindt ook huurder) en een minteken om een woord uit te sluiten.