26 uitspraken gevonden
Sorteer op: Relevantie
- Civiel recht overigHoger beroepVordering wegens ongerechtvaardigde verrijking. Geen correctie nominaal verschuldigde bedrag.
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden|28 mei 2013|ECLI:NL:GHARL:2013:3751
woning. 3.12 Het hof stelt bij de beoordeling van deze grieven voorop dat artikel 6:111 BW bepaalt dat een verbintenis tot betaling van een geldsom naar het nominale bedrag moet worden … belang kan zijn voor de vraag of plaats is voor een uitzondering op artikel 6:111 BW, zal het hof zal eerst de overige grieven bespreken en de nominale omvang
- Civiel recht overigKoerswijzigingsschade; art. 6:125 BW; relevante valuta; schadebegroting; abstractie bij schadevaststelling.
Parket bij de Hoge Raad|24 mei 2024|ECLI:NL:PHR:2024:564
beginsel naar haar nominale bedrag worden voldaan. Dit nominaliteitsbeginsel ligt ten grondslag aan art. 6:111 BW. Wijzigingen in bijvoorbeeld de koopkracht van het geld of in de koerswaarde leiden in principe
- BelastingrechtParkeerbelastingen; verplichte betaling d.m.v. chipkaart toelaatbaar? Artikel 1a Besluit gemeentelijke…
Parket bij de Hoge Raad|8 juli 2005|ECLI:NL:PHR:2005:AR8903
Parkeerbelastingen; verplichte betaling d.m.v. chipkaart toelaatbaar? Artikel 1a Besluit gemeentelijke parkeerbelastingen; Verordeningen 1103/97 en 974/98 EG.
- BelastingrechtCONCLUSIE PG Parkeerbelasting 1.1. De zaken nrs. 40.298, 40.375, 40.581, 40.582, 40.583 en 40.584, waarin ik…
Parket bij de Hoge Raad|9 september 2005|ECLI:NL:PHR:2005:AR9005
CONCLUSIE PG Parkeerbelasting 1.1. De zaken nrs. 40.298, 40.375, 40.581, 40.582, 40.583 en 40.584, waarin ik heden concludeer, betreffen alle zes gevallen waarin een naheffingsaanslag parkeerbelasting is opgelegd. In alle zaken is de naheffingsaanslag opgelegd, omdat de ter zake van het parkeren verschuldigde…
- BelastingrechtCONCLUSIE PG Parkeerbelasting 1.1. De zaken nrs. 40.298, 40.375, 40.581, 40.582, 40.583 en 40.584, waarin ik…
Parket bij de Hoge Raad|9 september 2005|ECLI:NL:PHR:2005:AR9393
CONCLUSIE PG Parkeerbelasting 1.1. De zaken nrs. 40.298, 40.375, 40.581, 40.582, 40.583 en 40.584, waarin ik heden concludeer, betreffen alle zes gevallen waarin een naheffingsaanslag parkeerbelasting is opgelegd. In alle zaken is de naheffingsaanslag opgelegd, omdat de ter zake van het parkeren verschuldigde…
- BelastingrechtCONCLUSIE PG Parkeerbelasting 1.1. De zaken nrs. 40.298, 40.375, 40.581, 40.582, 40.583 en 40.584, waarin ik…
Parket bij de Hoge Raad|9 september 2005|ECLI:NL:PHR:2005:AR9202
CONCLUSIE PG Parkeerbelasting 1.1. De zaken nrs. 40.298, 40.375, 40.581, 40.582, 40.583 en 40.584, waarin ik heden concludeer, betreffen alle zes gevallen waarin een naheffingsaanslag parkeerbelasting is opgelegd. In alle zaken is de naheffingsaanslag opgelegd, omdat de ter zake van het parkeren verschuldigde…
- BelastingrechtCONCLUSIE PG Parkeerbelasting 1.1. De zaken nrs. 40.298, 40.375, 40.581, 40.582, 40.583 en 40.584, waarin ik…
Parket bij de Hoge Raad|9 september 2005|ECLI:NL:PHR:2005:AR9289
CONCLUSIE PG Parkeerbelasting 1.1. De zaken nrs. 40.298, 40.375, 40.581, 40.582, 40.583 en 40.584, waarin ik heden concludeer, betreffen alle zes gevallen waarin een naheffingsaanslag parkeerbelasting is opgelegd. In alle zaken is de naheffingsaanslag opgelegd, omdat de ter zake van het parkeren verschuldigde…
- BelastingrechtCONCLUSIE PG Parkeerbelasting 1.1. De zaken nrs. 40.298, 40.375, 40.581, 40.582, 40.583 en 40.584, waarin ik…
Parket bij de Hoge Raad|7 december 2004|ECLI:NL:PHR:2004:AS6032
CONCLUSIE PG Parkeerbelasting 1.1. De zaken nrs. 40.298, 40.375, 40.581, 40.582, 40.583 en 40.584, waarin ik heden concludeer, betreffen alle zes gevallen waarin een naheffingsaanslag parkeerbelasting is opgelegd. In alle zaken is de naheffingsaanslag opgelegd, omdat de ter zake van het parkeren verschuldigde…
- BelastingrechtParkeerbelastingen; verplichte betaling d.m.v. chipkaart toelaatbaar? Artikel 1a Besluit gemeentelijke…
Parket bij de Hoge Raad|8 juli 2005|ECLI:NL:PHR:2005:AR8934
Parkeerbelastingen; verplichte betaling d.m.v. chipkaart toelaatbaar? Artikel 1a Besluit gemeentelijke parkeerbelastingen; Geen strijd met Europees Gemeenschapsrecht.
- Personen- en familierechtGeschil over de uitleg van een bepaling - betaling van een huwelijksgift - in een tussen partijen onder…
Parket bij de Hoge Raad|10 februari 2006|ECLI:NL:PHR:2006:AU5275
plaats klaagt het middel erover dat het hof het nominaliteitsbeginsel, als neergelegd in art. 6:111 BW, heeft miskend (onderdeel 1.3). In de derde plaats verwijt het middel het hof te hebben … huwelijk vertegenwoordigde) voor juist moet worden gehouden. Dit oordeel is niet strijdig met art. 6:111 BW: het hof heeft kennelijk en niet onbegrijpelijk geoordeeld dat uit de rechtshandeling van partijen volgt
- Civiel recht overigCassatie19 december 2003 Eerste Kamer Rek.nr. R03/020HR JMH/MD Hoge Raad der Nederlanden Beschikking in de zaak van…
Hoge Raad|19 december 2003|ECLI:NL:HR:2003:AL7076
overeenkomst tussen partijen niet is gebleken, heeft de man - ingevolge art. 6:111 BW - recht op vergoeding van het nominale bedrag van de verstrekte gelden. Op grond van art. 6:121 BW
- Civiel recht overigVoorlopige voorzieningVerzoekster verzoekt de voorzieningenrechter op grond van artikel 2:110 jo. 111 BW haar te machtigen tot het…
Rechtbank Rotterdam|13 januari 2006|ECLI:NL:RBROT:2006:AU9620
verweerster komen. Tevens heeft verzoekster ter zitting de voorzieningenrechter verzocht ambtshalve (ex art. 6:111 BW) te bepalen dat de notaris van verweerster wordt aangewezen als degene die met de leiding … belang dat verzoekster heeft geen redelijk belang in de zin van artikel 6:111 BW oplevert? 5.2 Voor wat betreft de onder a. vermelde vraag heeft verzoekster aangevoerd dat zij besluitvorming over
- Civiel recht overigHoger beroepGeschil tussen curator van een gefailleerde scheepswerf en de verfleverancier van de werf over de eigendom…
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden|12 oktober 2021|ECLI:NL:GHARL:2021:9564
verfleveranties een verbintenis tot betaling van een geldsom rustte als bedoeld in artikel 6:111 BW. 5.11 Daarnaast is een vereiste voor een geslaagd beroep op artikel 42 Fw dat de schuldeisers
- Civiel recht overig19 december 2003 Eerste Kamer Rek.nr. R03/020HR JMH/MD Hoge Raad der Nederlanden Beschikking in de zaak van…
Parket bij de Hoge Raad|19 december 2003|ECLI:NL:PHR:2003:AL7076
vrouw, althans onbegrijpelijk beslist (cassatierekest onder 3.1 en 3.2); II. het Hof heeft art. 6:111 BW (nominaliteitsbeginsel) en 6:124 BW (omrekeningskoers bij eigenlijke valutaschulden) geschonden (cassatierekest onder
- InsolventierechtHoger beroepHet hof heeft de uitspraak van de rechtbank Midden-Nederland, locatie Utrecht van 4 juli 2023, waarbij het…
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden|21 augustus 2023|ECLI:NL:GHARL:2023:7002
cessie/contractoverneming van hun vordering niet hebben geaccepteerd. Verweerders hebben recht op onvoorwaardelijke betaling (art. 6:111 BW). Van hen kan niet worden verlangd dat zij daarvoor middels contractoverneming een contractuele relatie
- Personen- en familierechtHoger beroepPersonen- en familierecht; partneralimentatie; alimentatieplichtige in Australië; huwelijksvermogensrecht…
Gerechtshof 's-Hertogenbosch|6 juni 2019|ECLI:NL:GHSHE:2019:2037
Personen- en familierecht; partneralimentatie; alimentatieplichtige in Australië; huwelijksvermogensrecht; depot bij Engelse advocaat; pensioenverevening naar Engels recht
- Civiel recht overigEerste aanleg - enkelvoudigHuurschuld bedrijfsruimte. Ontbinding en ontruiming gevorderd. Gedaagde beroept zich op…
Rechtbank Gelderland|26 maart 2014|ECLI:NL:RBGEL:2014:2027
deze crediteringswijze te accepteren, aldus de gemachtigde. 4.2. Vooropgesteld moet worden dat uit artikel 6:111 BW en volgende volgt, dat bij het bestaan van een verbintenis tot betaling van een geldbedrag
- VerbintenissenrechtEerste aanleg - enkelvoudigAfwijzing vordering verklaring voor recht dat aanvrager faillissement onrechtmatig heeft gehandeld of…
Rechtbank Amsterdam|26 februari 2025|ECLI:NL:RBAMS:2025:1389
waarin wordt overwogen dat [gedaagden] recht heeft op onvoorwaardelijke betaling (artikel 6:111 BW) en van hem niet kan worden verlangd dat hij daarvoor door contractoverneming een contractuele relatie met een derde
- Civiel recht overigEerste aanleg - enkelvoudigGeldleningsovereenkomst. Uitlener is onder curatele gesteld. Vernietiging overeenkomst op grond van de…
Rechtbank Gelderland|23 juni 2021|ECLI:NL:RBGEL:2021:2957
maken hebben met aflossing van de lening. 4.5. Uit artikel 7:129 en 6:111 BW volgt dat een geldlening terugbetaald wordt doordat de lener ‘een overeenkomstige som geld’, het nominale bedrag
- Personen- en familierechtHoger beroepVerdeling ontbonden huwelijksgemeenschap, waaronder woning in Suriname. Deze is aan vrouw toegedeeld…
Gerechtshof Den Haag|16 juni 2026|ECLI:NL:GHDHA:2026:2339
vrouw hem in euro’s moet betalen, want dat volgt uit artikel 6:111 BW en artikel 6:112 BW. 6.8 Het hof volgt de man niet in zijn betoog en overweegt
Zoektips
Een ECLI (ook kort, zoals HR:2020:2020), LJN of vindplaats (NJ 2019/123) opent direct de uitspraak. Gebruik aanhalingstekens voor een exacte woordgroep (“ontslag op staande voet”), OR voor alternatieven (huur OR pacht), een sterretje voor woorddelen (huur* vindt ook huurder) en een minteken om een woord uit te sluiten.