2 uitspraken gevonden
Sorteer op: Relevantie
- Personen- en familierechtGeschil over de uitleg van een bepaling - betaling van een huwelijksgift - in een tussen partijen onder…
Parket bij de Hoge Raad|10 februari 2006|ECLI:NL:PHR:2006:AU5275
plaats klaagt het middel erover dat het hof het nominaliteitsbeginsel, als neergelegd in art. 6:111 BW, heeft miskend (onderdeel 1.3). In de derde plaats verwijt het middel het hof te hebben … huwelijk vertegenwoordigde) voor juist moet worden gehouden. Dit oordeel is niet strijdig met art. 6:111 BW: het hof heeft kennelijk en niet onbegrijpelijk geoordeeld dat uit de rechtshandeling van partijen volgt
- Civiel recht overigVoorlopige voorzieningVerzoekster verzoekt de voorzieningenrechter op grond van artikel 2:110 jo. 111 BW haar te machtigen tot het…
Rechtbank Rotterdam|13 januari 2006|ECLI:NL:RBROT:2006:AU9620
verweerster komen. Tevens heeft verzoekster ter zitting de voorzieningenrechter verzocht ambtshalve (ex art. 6:111 BW) te bepalen dat de notaris van verweerster wordt aangewezen als degene die met de leiding … belang dat verzoekster heeft geen redelijk belang in de zin van artikel 6:111 BW oplevert? 5.2 Voor wat betreft de onder a. vermelde vraag heeft verzoekster aangevoerd dat zij besluitvorming over
Zoektips
Een ECLI (ook kort, zoals HR:2020:2020), LJN of vindplaats (NJ 2019/123) opent direct de uitspraak. Gebruik aanhalingstekens voor een exacte woordgroep (“ontslag op staande voet”), OR voor alternatieven (huur OR pacht), een sterretje voor woorddelen (huur* vindt ook huurder) en een minteken om een woord uit te sluiten.