35 uitspraken gevonden
Sorteer op: Relevantie
- Civiel recht overigOp tegenspraakvruchtgebruik gelegateerde goederen. Opeisbaarheid legaat, art. 4:124 BW. Tijdsbepaling voor afgifte in…
Rechtbank Noord-Holland|5 februari 2020|ECLI:NL:RBNHO:2020:648
BW. Tijdsbepaling voor afgifte in legaat is geen tijdsbepaling in zin van art. 6:38 BW vonnis RECHTBANK NOORD-HOLLAND Handel, Kanton en Bewind Zittingsplaats Alkmaar zaaknummer / rolnummer: C/15/292591 … regeling getroffen voor de opeisbaarheid van een legaat, niet zijnde een geldsom. Uit artikel 6:38 BW vloeit daarom voort dat, tenzij de erflater anders heeft bepaald, de vordering tot afgifte
- Civiel recht overigHoger beroepvordering tot nakoming verbintenis tot betaling van een geldsom; termijn voor de nakoming; art. 6:38 BW. Zie…
Gerechtshof Amsterdam|15 december 2020|ECLI:NL:GHAMS:2020:3471
vordering tot nakoming verbintenis tot betaling van een geldsom; termijn voor de nakoming; art. 6:38 BW. Zie ECLI:NL:GHAMS:2019:1470. GERECHTSHOF AMSTERDAM afdeling civiel recht en belastingrecht, team … geschil dat partijen geen termijn voor de nakoming door [geïntimeerde] zijn overeengekomen. Artikel 6:38 BW bepaalt voor dat geval dat terstond nakoming kan worden gevorderd. [appellante] heeft echter niet terstond nakoming
- Personen- en familierechtHoger beroepUitleg schuldbekentenis. Verjaring deelbetaling. Deelbetaling houdt in het algemeen niet de erkenning in van…
Gerechtshof Amsterdam|21 januari 2020|ECLI:NL:GHAMS:2020:183
Indien geen termijn voor de nakoming van de terugbetalingsverplichting is bepaald volgt uit artikel 6:38 BW dat dan terstond nakoming kan worden gevorderd, zodat de opeisbaarheid onmiddellijk is ingetreden … gesteld dat geen termijn voor de nakoming van de terugbetalingsverplichting was bepaald. Uit artikel 6:38 BW
- Civiel recht overigEerste aanleg - enkelvoudigOvk van geldlening; geen termijn terugbetaling; art 6:38 BW direct opeisbaar; verjaringstermijn art 3:307 lid…
Rechtbank Rotterdam|4 december 2020|ECLI:NL:RBROT:2020:11248
geldlening; geen termijn terugbetaling; art 6:38 BW direct opeisbaar; verjaringstermijn art 3:307 lid 1 en lid 2 BW; verjaringstermijn moment mededeling opeisen; terugbetalingstermijn art 7A:1797 BW, geen rente overeengekomen … nakoming is bepaald, betekent in beginsel dat de verbintenis krachtens het bepaalde in artikel 6:38 BW direct opeisbaar is en de verjaringstermijn meteen begint te lopen zoals bepaald in artikel
- Civiel recht overigHoger beroep616 Rv en 224 Rv. Beëindiging samenwerkingsovereenkomst Opeisbaarheid 6:38 BW. Boetebeding en matiging 6:94 BW.
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden|24 maart 2020|ECLI:NL:GHARL:2020:2711
Beëindiging samenwerkingsovereenkomst Opeisbaarheid 6:38 BW. Boetebeding en matiging 6:94 BW. GERECHTSHOF ARNHEM-LEEUWARDEN locatie Arnhem afdeling civiel recht, handel zaaknummer gerechtshof 200.231.314 (zaaknummer rechtbank Gelderland, zittingsplaats Arnhem, 295965) arrest … partijen geen tijd voor de nakoming hebben bepaald, heeft op grond van artikel 6:38 BW te gelden dat de verbintenis terstond kan worden nagekomen en dat daarvan terstond nakoming kan worden
- Civiel recht overigKort gedingKort geding. Vordering tot nakoming van de uit de koopovereenkomst van 1 mei 1999 voortvloeiende verplichting…
Rechtbank Oost-Brabant|14 april 2020|ECLI:NL:RBOBR:2020:2250
koopovereenkomst van 1 mei 1999, waarin geen termijn voor levering is overeengekomen. Artikel 6:38 BW bepaalt dat indien geen tijd voor de nakoming is bepaald, de verbintenis (tot levering) terstond … verbintenis tot levering van de (juridische) eigendom, op grond van het bepaalde in artikel 6:38 BW, terstond opeisbaar. Volgens art. 3:307 lid 1 BW gaat de verjaringstermijn
- Civiel recht overigHoger beroepVerjaring vordering tot betaling exploitatiebijdrage.
Gerechtshof Den Haag|28 januari 2020|ECLI:NL:GHDHA:2020:1752
Voor de bepaling van het moment van de opeisbaarheid van de vordering geeft artikel 6:38 BW het kader. Op grond van dit artikel kan de verbintenis terstond worden nagekomen … hoeverre partijen hiermee hebben willen afwijken van de hoofdregel van onmiddellijke opeisbaarheid van artikel 6:38 BW. De standpunten hierover lopen uiteen. 5.4. In de visie van [appellant] hebben partijen met artikel
- Civiel recht overigHoger beroepUitleg exploitatie-overeenkomst. Verjaring vordering tot betaling van exploitatiebijdrage.
Gerechtshof Den Haag|28 januari 2020|ECLI:NL:GHDHA:2020:97
Voor de bepaling van het moment van de opeisbaarheid van de vordering geeft artikel 6:38 BW het kader. Op grond van dit artikel kan de verbintenis terstond worden nagekomen … hoeverre partijen hiermee hebben willen afwijken van de hoofdregel van onmiddellijke opeisbaarheid van artikel 6:38 BW. De standpunten hierover lopen uiteen. 5.4. In de visie van Anthura hebben partijen met artikel
- Civiel recht overigKort gedingToewijzing vordering afgifte legaat onder voldoening/zekerheidsstelling bedrag oplegging. Legaat geen schuld…
Rechtbank Rotterdam|4 december 2020|ECLI:NL:RBROT:2020:11129
regeling getroffen voor de opeisbaarheid van een legaat, niet zijnde een geldsom. Uit artikel 6:38 BW vloeit daarom voort dat, tenzij de erflater anders heeft bepaald, de vordering tot afgifte … testament van erflaatster moet worden gezien als een tijdsbepaling als bedoeld in artikel 6:38 BW. De (veelvoorkomende) tijdsbepaling in het testament van erflaatster is, zo is de voorzieningenrechter met Dordrechts Dierentehuis
- VerbintenissenrechtEerste aanleg - enkelvoudigPerikelen rond betalingen en leningen van stichting aan (thans ex-) bestuurder. Décharge? Vernietigbaarheid…
Rechtbank Rotterdam|26 augustus 2020|ECLI:NL:RBROT:2020:7915
Perikelen rond betalingen en leningen van stichting aan (thans ex-) bestuurder. Décharge? Vernietigbaarheid bestuursbesluit? Verval van recht? Onverschuldigde betaling? Verjaring? Verrekening? (Ex-)bestuurder dient bewijs en tegenbewijs te leveren.
- VerbintenissenrechtHoger beroepvordering tot schadevergoeding op grond van tekortkoming overeenkomst van cessie; vordering tot nakoming…
Gerechtshof 's-Hertogenbosch|22 december 2020|ECLI:NL:GHSHE:2020:3972
worden aangenomen, dan heeft te gelden dat die verbintenis op grond van artikel 6:38 BW onmiddellijk opeisbaar was waardoor zij ook is verjaard. Daarnaast - naar het hof begrijpt: subsidiair - beroept [geïntimeerde
- Civiel recht overigHoger beroepPremievordering Bpf Schoonmaak is een periodieke vordering in de zin van artikel 3:308 BW en verjaart door…
Gerechtshof Amsterdam|28 april 2020|ECLI:NL:GHAMS:2020:1198
uitvoeringsreglement geen rechtsgeldige termijn voor nakoming bepaald en zijn de vorderingen ingevolge artikel 6:38 BW direct opeisbaar. Ten slotte stelt [appellant] dat sprake is van een nietig beding omdat … nakoming in verzuim is. Het uitvoeringsreglement bevat derhalve een termijn voor nakoming, zodat artikel 6:38 BW waarin is bepaald dat een verbintenis terstond moet worden nagekomen indien geen tijd voor
- Civiel recht overigHoger beroepVerjaring vordering tot terugbetaling uit leningsovereenkomst .
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden|4 februari 2020|ECLI:NL:GHARL:2020:931
verjaringstermijn het moment van het opeisbaar worden van de vordering. Op grond van artikel 6:38 BW kan terstond nakoming worden gevorderd als geen tijd voor nakoming is bepaald. Nu de geldleningsovereenkomsten … terstond weer door [geïntimeerde] zouden kunnen worden teruggevorderd, zoals [appellante] op grond van artikel 6:38 BW aanvoert, is dus niet in overeenstemming met de kennelijke bedoeling van partijen bij het aangaan
- Civiel recht overigEerste aanleg - enkelvoudigVordering tot nakoming van koopovereenkomst, waarbij geen termijn van levering of overdracht van onroerende…
Gerecht in eerste aanleg van Sint Maarten|23 oktober 2020|ECLI:NL:OGEAM:2020:77
levering van een onroerende zaak is overeengekomen, geldt de bepaling van artikel 6:38 BW. Nakoming van de verbintenis tot levering kan dan terstond worden gevorderd. Hierna zal het Gerecht dienen … overwogen dat als geen termijn voor levering is overeengekomen de bepaling van artikel 6:38 BW meebrengt dat terstond nakoming mag worden gevorderd. Daarvan zal het Gerecht niet uitgaan. Uit de koopovereenkomst
- Civiel recht overigEerste aanleg - enkelvoudigHet gaat om een geldlening die niet is terugbetaald, vanwege spoedeisend belang is het bedrag teruggevorderd…
Rechtbank Rotterdam|12 juni 2020|ECLI:NL:RBROT:2020:5796
stand gekomen, waarbij geen termijn voor terugbetaling is overeengekomen. Artikel 6:38 BW schrijft voor dat een overeenkomst dan ter stond kan worden gevorderd. Op grond hiervan is [gedaagde] gehouden
- Burgerlijk procesrechtEerste aanleg - enkelvoudigvernietiging verstekvonnis.
Rechtbank Rotterdam|10 juli 2020|ECLI:NL:RBROT:2020:6400
betaling van het geleende bedrag in termijnen van € 300,- met [gedaagde] is overeengekomen. Artikel 6:38 BW bepaalt dat als geen tijd voor de nakoming is bepaald, terstond nakoming kan worden gevorderd
- Civiel recht overigHoger beroepBeheer vermogen familielid. Ongerechtvaardigde verrijking? Zie ECLI:NL:GHAMS:2018:4814.
Gerechtshof Amsterdam|12 mei 2020|ECLI:NL:GHAMS:2020:1361
Beheer vermogen familielid. Ongerechtvaardigde verrijking? Zie ECLI:NL:GHAMS:2018:4814.
- Personen- en familierechtHoger beroepDe man moet de vaststellingsovereenkomst met betrekking tot de betaling van de alimentatieachterstand nakomen.
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden|17 september 2020|ECLI:NL:GHARL:2020:7455
vaststellingsovereenkomst van 2015 kwijtgescholden alimentatieachterstand (opnieuw) opeisbaar geworden en kon op basis van artikel 6:38 BW direct nakoming worden verzocht. Verzuim was daarvoor niet vereist. Dat de man op een gegeven
- Civiel recht overigEerste aanleg - enkelvoudigOvereenkomst van geldlening, gesloten vóór 1 januari 2017. Partijen zijn ex-partners van elkaar. Zij hebben…
Rechtbank Oost-Brabant|27 februari 2020|ECLI:NL:RBOBR:2020:1165
hoofdregel geldt dan dat [eiseres] terstond nakoming van de overeenkomst kan vorderen (artikel 6:38 BW). Artikel 7A:1797 BW biedt de rechter echter de mogelijkheid om enig uitstel voor terugbetaling
- BelastingrechtHoger beroepBelanghebbende is erfgenaam in een nalatenschap waartoe een aanmerkelijk belang in een BV behoort. De…
Gerechtshof Den Haag|1 juli 2020|ECLI:NL:GHDHA:2020:1225
Aangezien erflaatster niet anders heeft bepaald, was het legaat van de aandelen ingevolge artikel 6:38 BW opeisbaar bij haar overlijden. De legatarissen zijn door de levering van de aandelen door
Zoektips
Een ECLI (ook kort, zoals HR:2020:2020), LJN of vindplaats (NJ 2019/123) opent direct de uitspraak. Gebruik aanhalingstekens voor een exacte woordgroep (“ontslag op staande voet”), OR voor alternatieven (huur OR pacht), een sterretje voor woorddelen (huur* vindt ook huurder) en een minteken om een woord uit te sluiten.