16 uitspraken gevonden
Sorteer op: Relevantie
- SocialezekerheidsrechtHoger beroepBezwaar van appellante terecht kennelijk niet-ontvankelijk verklaard. Appellante heeft niet binnen de termijn…
Centrale Raad van Beroep|15 juni 2016|ECLI:NL:CRVB:2016:2208
appellante terecht kennelijk niet-ontvankelijk verklaard. Appellante heeft niet binnen de termijn van artikel 6:7 Awb bezwaar gemaakt en er is geen sprake van een verschoonbare termijnoverschrijding als bedoeld in artikel
- BestuursprocesrechtProces-verbaalRaad voor Rechtsbijstand. Bevoegdheidsverdeling rechtbanken indien eiser in het buitenland woont. Hoofdregel…
Rechtbank Oost-Brabant|21 oktober 2016|ECLI:NL:RBOBR:2016:5922
Raad voor Rechtsbijstand. Bevoegdheidsverdeling rechtbanken indien eiser in het buitenland woont. Hoofdregel artikel 8:7 Awb. RECHTBANK OOST-BRABANT Bestuursrecht Zaaknummer: SHE 16/1303 PV musp Proces-verbaal van de mondelinge uitspraak
- Bestuursrecht overigEerste aanleg - enkelvoudigInvordering verbeurde dwangsom. Bewoning bedrijfswoning zonder dat huisvesting in bedrijfswoning noodzakelijk…
Rechtbank Amsterdam|23 februari 2016|ECLI:NL:RBAMS:2016:854
noodzakelijk was. Geen bijzondere omstandigheden om af te zien van invordering. Schending van artikel 7:7 Awb wordt gepasseerd met artikel 6:22 Awb. RECHTBANK AMSTERDAM Bestuursrecht zaaknummer: AMS 15/6327 uitspraak
- BelastingrechtCassatieHR verklaart het beroep in cassatie n-o.
Hoge Raad|15 januari 2016|ECLI:NL:HR:2016:63
binnengekomen. Het beroepschrift in cassatie is derhalve niet ontvangen binnen de in artikel 6:7 Awb gestelde termijn van zes weken, die in het onderhavige geval eindigde op 31 augustus
- BelastingrechtCassatieHR verklaart het beroep in cassatie n-o.
Hoge Raad|2 december 2016|ECLI:NL:HR:2016:2728
Raad binnengekomen. Het beroepschrift in cassatie is derhalve niet ontvangen binnen de in artikel 6:7 Awb gestelde termijn van zes weken, die in het onderhavige geval eindigde op 26 juli
- BelastingrechtCassatieHR verklaart het beroep in cassatie n-o.
Hoge Raad|17 juni 2016|ECLI:NL:HR:2016:1226
Raad binnengekomen. Het beroepschrift in cassatie is derhalve niet ontvangen binnen de in artikel 6:7 Awb gestelde termijn van zes weken, die in het onderhavige geval eindigde op 6 april
- BelastingrechtCassatieHR verklaart het beroep in cassatie n-o.
Hoge Raad|11 november 2016|ECLI:NL:HR:2016:2559
Raad binnengekomen. Het beroepschrift in cassatie is derhalve niet ontvangen binnen de in artikel 6:7 Awb gestelde termijn van zes weken, die in het onderhavige geval eindigde op 2 juni
- BelastingrechtCassatieHR verklaart het beroep in cassatie n-o.
Hoge Raad|9 september 2016|ECLI:NL:HR:2016:2040
Raad binnengekomen. Het beroepschrift in cassatie is derhalve niet ontvangen binnen de in artikel 6:7 Awb gestelde termijn van zes weken, die in het onderhavige geval eindigde op 9 maart
- BelastingrechtCassatieHR verklaart het beroep in cassatie n-o.
Hoge Raad|18 maart 2016|ECLI:NL:HR:2016:449
Raad binnengekomen. Het beroepschrift in cassatie is derhalve niet ontvangen binnen de in artikel 6:7 Awb gestelde termijn van zes weken, die in het onderhavige geval eindigde op 25 juli
- BelastingrechtHoger beroepBelanghebbende betaalt per vergissing - via Parkline - de parkeerbelasting aan Rotterdam in plaats van…
Gerechtshof Amsterdam|4 februari 2016|ECLI:NL:GHAMS:2016:313
hoger beroepschrift tijdig ingediend indien het voor het einde van de in artikel 6:7 Awb genoemde termijn van zes weken is ontvangen. 4.1.2. De uitspraak van de rechtbank waartegen het hoger
- BelastingrechtHoger beroepBelanghebbendes bezwaar tegen de aan hem opgelegde aanslag parkeerbelasting is terecht niet-ontvankelijk…
Gerechtshof 's-Hertogenbosch|15 april 2016|ECLI:NL:GHSHE:2016:1485
ontvangen. De termijn voor het indienen van een bezwaarschrift bedraagt zes weken (artikel 6:7 Awb). De termijn van zes weken vangt aan met ingang van de dag na die waarop
- BelastingrechtHoger beroepDe gemachtigde maakt niet aannemelijk dat het door hem verlenen van rechtsbijstand een vast onderdeel vormt…
Gerechtshof Amsterdam|19 mei 2016|ECLI:NL:GHAMS:2016:2019
Hierbij tekent het Hof aan dat de inspecteur op de voet van artikel 8.41, lid 7, Awb de door belanghebbende betaalde griffierechten heeft vergoed. Slotsom Het vorenstaande leidt tot de slotsom
- BelastingrechtHoger beroepHoger beroep niet-ontvankelijk. Weliswaar is de uitspraak van de rechtbank niet op de voorgeschreven bekend…
Gerechtshof Amsterdam|5 juli 2016|ECLI:NL:GHAMS:2016:2561
hoger beroepschrift tijdig ingediend indien het voor het einde van de in artikel 6:7 Awb genoemde termijn van zes weken is ontvangen, dan wel bij verzending per post indien het voor
- BelastingrechtHoger beroepHoger beroep niet-ontvankelijk. Weliswaar is de uitspraak van de rechtbank niet op de voorgeschreven bekend…
Gerechtshof Amsterdam|5 juli 2016|ECLI:NL:GHAMS:2016:2560
hoger beroepschrift tijdig ingediend indien het voor het einde van de in artikel 6:7 Awb genoemde termijn van zes weken is ontvangen, dan wel bij verzending per post indien het voor
- BelastingrechtVoorlopige voorzieningBelanghebbende heeft haar zetel in het Verenigd Koninkrijk. Zij heeft de inspecteur verzocht (i) haar een…
Rechtbank Zeeland-West-Brabant|4 maart 2016|ECLI:NL:RBZWB:2016:1625
haar vestigingsplaats is. In zodanig geval is op grond van het bepaalde in artikel 8:7 Awb bevoegd de rechtbank binnen het rechtsgebied waarvan het bestuursorgaan, dat het bestreden besluit heeft genomen
- BelastingrechtHoger beroepWelke brief is de uitspraak op bezwaar? Niet-ontvankelijkheid. Toerekenen handelen gemachtigde. Het Hof merkt…
Gerechtshof Amsterdam|11 oktober 2016|ECLI:NL:GHAMS:2016:4072
beroepschrift tijdig ingediend indien het voor het einde van de in artikel 6:7 Awb genoemde termijn van zes weken is ontvangen, dan wel - bij verzending per post - indien het voor
Zoektips
Een ECLI (ook kort, zoals HR:2020:2020), LJN of vindplaats (NJ 2019/123) opent direct de uitspraak. Gebruik aanhalingstekens voor een exacte woordgroep (“ontslag op staande voet”), OR voor alternatieven (huur OR pacht), een sterretje voor woorddelen (huur* vindt ook huurder) en een minteken om een woord uit te sluiten.