35 uitspraken gevonden
Sorteer op: Relevantie
- BelastingrechtHoger beroepOntvankelijkheid bezwaar. Art. 6:7 Awb jo. 6:11 Awb. Bewijslastverdeling verzonden stukken. Een vermoeden van…
Gerechtshof 's-Hertogenbosch|26 januari 2022|ECLI:NL:GHSHE:2022:192
Ontvankelijkheid bezwaar. Art. 6:7 Awb jo. 6:11 Awb. Bewijslastverdeling verzonden stukken. Een vermoeden van ontvangst is naar het oordeel van het hof in dit geval niet gerechtvaardigd. Belanghebbende heeft … indiener van het bezwaarschrift in verzuim is geweest. 4.2. De bezwaartermijn uit artikel 6:7 Awb is van openbare orde en aldus dwingend en definitief. In het geval sprake
- SocialezekerheidsrechtHoger beroepConclusie van advocaat-generaal Wattel over het toetsingskader bij het terugkomen van in rechte onaantastbaar…
Centrale Raad van Beroep|6 december 2022|ECLI:NL:CRVB:2022:2623Aangehaald in 28 uitspraken
Conclusie van advocaat-generaal Wattel over het toetsingskader bij het terugkomen van in rechte onaantastbaar geworden boetebesluiten. In de conclusie wordt gesteld dat het in beginsel evident onredelijk is om heroverweging van een boetebesluit te weigeren als die boete onmiskenbaar onjuist is in de zin dat bij…
- BelastingrechtCassatieHeffing in box 3 voor de jaren 2015-2016 en 2017-2018; ambtshalve vermindering; artikel 9.6 Wet IB 2001…
Hoge Raad|20 mei 2022|ECLI:NL:HR:2022:720Aangehaald in 58 uitspraken
tegen die aanslagen bezwaar gemaakt. De bezwaren zijn niet ingediend binnen de in artikel 6:7 Awb gestelde termijn. De Inspecteur heeft de bezwaren niet-ontvankelijk verklaard, de bezwaarschriften aangemerkt als verzoeken
- BelastingrechtCassatieArtikelen 8:41 en 8:74, lid 2, Awb; beroep niet-ontvankelijk omdat de Ontvanger alsnog aan bezwaren is…
Hoge Raad|29 april 2022|ECLI:NL:HR:2022:660Aangehaald in 10 uitspraken
uitspraak heeft de Rechtbank verder geoordeeld dat het bestuursorgaan, gelet op artikel 8:41, lid 7, Awb, niet is gehouden om het griffierecht aan belanghebbende te vergoeden omdat belanghebbende, nadat de Ontvanger
- BelastingrechtCassatieHR verklaart het beroep in cassatie n-o.
Hoge Raad|27 mei 2022|ECLI:NL:HR:2022:773
Raad ontvangen. Het beroepschrift in cassatie is dus niet ingediend binnen de in artikel 6:7 Awb gestelde termijn van zes weken, die in dit geval eindigde op 3 januari
- BelastingrechtCassatieHR verklaart het beroep in cassatie n-o.
Hoge Raad|21 oktober 2022|ECLI:NL:HR:2022:1539
ontvangen. Het beroepschrift in cassatie is dus niet ingediend binnen de in artikel 6:7 Awb gestelde termijn van zes weken, die in dit geval eindigde op 27 januari
- BelastingrechtVerzoek om wraking van raadsheren van de belastingkamer en rolraadsheer. Opmerkingen ten overvloede met…
Parket bij de Hoge Raad|28 januari 2022|ECLI:NL:PHR:2022:158
juli 2021 – gelet op art. 29f lid 1 AWR in verband met art. 6:7 Awb mijns inziens tijdig – een beroepschrift in cassatie ingediend tegen de uitspraak op verzet van 8 juni
- BelastingrechtCassatieHR verklaart het beroep in cassatie n-o.
Hoge Raad|25 maart 2022|ECLI:NL:HR:2022:432
ontvangen. Het beroepschrift in cassatie is dus niet ingediend binnen de in artikel 6:7 Awb gestelde termijn van zes weken, die in dit geval eindigde op 10 september
- BelastingrechtCassatieHR verklaart het beroep in cassatie n-o.
Hoge Raad|14 oktober 2022|ECLI:NL:HR:2022:1457
ontvangen. Het beroepschrift in cassatie is dus niet ingediend binnen de in artikel 6:7 Awb gestelde termijn van zes weken, die in dit geval eindigde op 15 april
- BelastingrechtCassatieHR verklaart het beroep in cassatie n-o.
Hoge Raad|21 oktober 2022|ECLI:NL:HR:2022:1499
ontvangen. Het beroepschrift in cassatie is dus niet ingediend binnen de in artikel 6:7 Awb gestelde termijn van zes weken, die in dit geval eindigde op 22 april
- BelastingrechtCassatieHR verklaart het beroep in cassatie n-o.
Hoge Raad|21 januari 2022|ECLI:NL:HR:2022:52
bepaalde in artikel 6:15, lid 3, Awb, niet ingediend binnen de in artikel 6:7 Awb gestelde termijn van zes weken, die in dit geval eindigde op 29 december
- Civiel recht overigVordering tot cassatie in het belang der wet. Kan een vordering tot verwijdering van persoonsgegevens worden…
Parket bij de Hoge Raad|9 december 2022|ECLI:NL:PHR:2022:1154
indienen van het beroepschrift bij de bestuurs rechter: die termijn volgt uit artikel 6:7 Awb. Kennelijk heeft de wetgever de (voordien in de Wpr op acht weken gestelde) termijn voor indiening
- Bestuursrecht overigEerste aanleg - meervoudigISDE-subsidie. Verweerder heeft het bezwaar van appellante terecht niet-ontvankelijk verklaard, omdat het…
College van Beroep voor het bedrijfsleven|26 juli 2022|ECLI:NL:CBB:2022:428
gelegenheid heeft gehad het verzuim te herstellen binnen een hem daartoe gestelde termijn. Artikel 6:7 Awb De termijn voor het indienen van een bezwaarschrift bedraagt zes weken. Artikel 6:8 Awb
- BelastingrechtHoger beroepVerzoek kostenveroordeling na intrekking hoger beroep.
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden|12 juli 2022|ECLI:NL:GHARL:2022:5900
verplichting om het betaalde griffierecht te vergoeden reeds voort uit artikel 8:41, lid 7, Awb, zodat het Hof de Inspecteur hierin niet hoeft te veroordelen. Het Hof zal evenwel gelasten
- BelastingrechtHoger beroepIB/PVV. Ontvankelijkheid bezwaar. Termijnoverschrijding. Bekendmaking aanslag.
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden|28 juni 2022|ECLI:NL:GHARL:2022:5410
voorgeschreven wijze aan belanghebbende bekend zijn gemaakt, is de bezwaartermijn van 6 weken (artikel 6:7 Awb) aangevangen op 19 januari 2017 - de dag na die van de dagtekening - en loopt deze
- BestuursprocesrechtEerste aanleg - enkelvoudigProceskostenvergoeding, te laag, terecht beroep, zeer lichte proceskostenvergoeding wegens omvang van geschil
Rechtbank Midden-Nederland|3 augustus 2022|ECLI:NL:RBMNE:2022:3668
Verweerder moet ook het griffierecht aan verzoeker betalen (artikel 8:41, lid 7, Awb ) , dit is € 184,-. Daarvoor is geen beslissing van de rechtbank nodig. Beslissing De rechtbank: - veroordeelt verweerder tot betaling
- BelastingrechtHoger beroepBPM. Ontvankelijk beroep. Termijnoverschrijding.
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden|29 november 2022|ECLI:NL:GHARL:2022:10321
Rechtbank. 4.2. De termijn voor het indienen van een beroepschrift bedraagt zes weken (artikel 6:7 Awb). De termijn voor het instellen van beroep vangt aan met ingang
- BelastingrechtEerste aanleg - meervoudigvoor deze uitspraak is geen samenvatting gemaakt.
Rechtbank Zeeland-West-Brabant|6 april 2022|ECLI:NL:RBZWB:2022:1576
griffierecht. De inspecteur moet dat echter wel uit zichzelf doen (artikel 8:41, lid 7, Awb). Beslissing De rechtbank: - laat de beslissing van de inspecteur over de kostenvergoeding in bezwaar in stand
- BelastingrechtHoger beroepArt. 6:10, art. 6:15, art. 6:22, art. 7:1a, en art. 8:51a Awb. Prematuur ingediend beroep is terecht…
Gerechtshof Den Haag|13 december 2022|ECLI:NL:GHDHA:2022:2822
geoordeeld dat dit ruimschoots na het verstrijken van de beroepstermijn als bepaald in artikel 6:7 Awb is ingediend. Niet aannemelijk is geworden dat de termijnoverschrijding verschoonbaar was. 5.2. Belanghebbende stelt
- BelastingrechtEerste aanleg - enkelvoudigVoor deze uitspraak is geen samenvatting gemaakt.
Rechtbank Zeeland-West-Brabant|11 mei 2022|ECLI:NL:RBZWB:2022:2579
volgt. 2.3.1. De termijn voor het indienen van een bezwaarschrift bedraagt zes weken (artikel 6:7 Awb). Deze termijn vangt aan op de dag na dagtekening dan wel bekendmaking van de bestreden
Zoektips
Een ECLI (ook kort, zoals HR:2020:2020), LJN of vindplaats (NJ 2019/123) opent direct de uitspraak. Gebruik aanhalingstekens voor een exacte woordgroep (“ontslag op staande voet”), OR voor alternatieven (huur OR pacht), een sterretje voor woorddelen (huur* vindt ook huurder) en een minteken om een woord uit te sluiten.