Ambtenarenrecht

Uitspraak tot rectificatie van de uitspraak van de Raad van 14 januari 2016, 15/3921 AW, 15/3923 AW…

Centrale Raad van Beroep, 7 april 2016

Zaakgegevens

Op 7 april 2016 heeft de Centrale Raad van Beroep in hoger beroep uitspraak gedaan in een zaak over ambtenarenrecht.

Instantie
Centrale Raad van Beroep
Datum uitspraak
7 april 2016
Datum publicatie
8 april 2016
Zaaknummer
15/3921 AW-R
Procedure
Hoger beroep
ECLI
ECLI:NL:CRVB:2016:1286
E-mail
Inhoud van deze uitspraak

Samenvatting

Uitspraak tot rectificatie van de uitspraak van de Raad van 14 januari 2016, 15/3921 AW, 15/3923 AW, ECLI:NL:CRVB:2016:144 , zie voor de gerectificeerde tekst.

Uitspraak

15/3921 AW-R, 15/3923 AW-R

Datum uitspraak: 7 april 2016

Centrale Raad van Beroep

Enkelvoudige kamer

Uitspraak tot rectificatie van de uitspraak van de Raad van 14 januari 2016, 15/3921 AW, 15/3923 AW

Partijen:

[Appellant] te [woonplaats] (appellant)

de Minister van Economische Zaken (minister)

PROCESVERLOOP

De Raad heeft vastgesteld dat zijn uitspraak van 14 januari 2016 een kennelijke fout bevat.

De Raad heeft daarin aanleiding gezien partijen in de gelegenheid te stellen zich schriftelijk uit te laten over het voornemen van de Raad om de uitspraak te verbeteren.

Beide partijen hebben van die gelegenheid geen gebruik gemaakt.

OVERWEGINGEN

1. In de beslissing staat ten onrechte vermeld dat de naam van partij de Minister van Defensie is in plaats van de Minister van Economische Zaken.

2. De Raad zal de onder 1 vermelde vergissing herstellen door de uitspraak van 14 januari 2016 in evenvermelde zin te rectificeren.

3. Aan deze uitspraak tot rectificatie is een gerectificeerd exemplaar van de oorspronkelijke uitspraak gehecht. De gerectificeerde uitspraak zal worden gepubliceerd op rechtspraak.nl.

BESLISSING

De Centrale Raad van Beroep rectificeert zijn uitspraak van 14 januari 2016, 15/3921 AW, 15/3923 AW, als in de overwegingen aangegeven.

Deze uitspraak is gedaan door N.J. van Vulpen-Grootjans, in tegenwoordigheid van A. Stuut als griffier. De beslissing is uitgesproken in het openbaar op 7 april 2016.

(getekend) N.J. van Vulpen-Grootjans

(getekend) A. Stuut

HD