Socialezekerheidsrecht
Afwijzing veroek om herziening. Geen feiten of omstandigheden als bedoeld in artikel 8:88 van de Algemene wet…
ECLI:NL:CRVB:2012:BV1356 · Centrale Raad van Beroep · 19 januari 2012
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/centrale-raad-van-beroep/bestuursrecht/socialezekerheidsrecht/herziening/ecli-nl-crvb-2012-bv1356
Zaakgegevens
Op 19 januari 2012 heeft de Centrale Raad van Beroep in een herzieningsprocedure uitspraak gedaan in een zaak over socialezekerheidsrecht.
- Instantie
- Centrale Raad van BeroepCentrale Raad van BeroepDe hoogste bestuursrechter voor sociale zekerheid en ambtenarenzaken.Meer uitleg
- Datum uitspraak
- 19 januari 2012
- Datum publicatie
- 5 april 2013
- Zaaknummer
- 10/4801 WAO + 10/4802 WAO
- Rechtsgebied
- Bestuursrecht Socialezekerheidsrecht
- Procedure
- HerzieningHerzieningEen onherroepelijke uitspraak wordt opnieuw bekeken, omdat er nieuwe feiten zijn die de rechter niet kende.Meer uitleg
- ECLI
- ECLI:NL:CRVB:2012:BV1356
Samenvatting
Afwijzing veroek om herziening. Geen feiten of omstandigheden als bedoeld in artikel 8:88 van de Algemene wet bestuursrecht. Geen termen aanwezig voor een proceskostenveroordeling.
Uitspraak
10/4801 WAO en 10/4802 WAO
Centrale Raad van Beroep
Meervoudige kamer
U I T S P R A A K
op het verzoek om herziening van de uitspraak van de Centrale Raad van Beroep van 23 juli 2010, 08/5625 WAO en 09/2587 WAO, in het geding tussen:
[Verzoeker], wonende te [woonplaats] (hierna: verzoeker),
en
de Raad van bestuur van het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen (hierna: Uwv).
Datum uitspraak: 19 januari 2012
I. PROCESVERLOOP
Mr. W.C. de Jonge, advocaat te Vlaardingen, heeft namens verzoeker verzocht om herziening van de uitspraak van de Raad van 23 juli 2010, 08/5625 WAO en 09/2587 WAO.
Het Uwv heeft een verweerschrift ingediend.
Het geding is ter behandeling aan de orde gesteld op de zitting van 8 december 2011, waar partijen niet zijn verschenen.
II. OVERWEGINGEN
1. Verzoeker heeft verzocht om herziening van de uitspraak van 23 juli 2010 op grond van “evidente onjuistheid, foutieve uitleg van de eigen jurisprudentie en op grond van nieuwe feiten en omstandigheden en vanwege het niet kunnen uitoefenen van bij wet gegeven bevoegdheden”. De gronden van het verzoek zijn uiteengezet in het aanvullend verzoekschrift van 22 oktober 2010. Ter onderbouwing van zijn standpunt is een rapport van Instituut Psychosofia van 23 september 2010 overgelegd.
2. In hetgeen verzoeker in zijn verzoek heeft aangevoerd noch in het rapport Instituut Psychosofia van 23 september 2010, ziet de Raad feiten of omstandigheden als bedoeld in artikel 8:88 van de Algemene wet bestuursrecht. Daarom dient het verzoek om herziening te worden afgewezen.
3. Er zijn geen termen aanwezig voor een proceskostenveroordeling.
III. BESLISSING
De Centrale Raad van Beroep,
Recht doende:
Wijst het verzoek om herziening af.
Deze uitspraak is gedaan door J.W. Schuttel als voorzitter en J. Brand en J.P.M. Zeijen als leden, in tegenwoordigheid van J.R. Baas als griffier. De beslissing is uitgesproken in het openbaar op 19 januari 2012.
(get.) J.W. Schuttel.
(get.) J.R. Baas.
TM