Socialezekerheidsrecht
Verzoek om veroordeling in de kosten van rechtsbijstand in hoger beroep i.v.m. intrekking hoger beroep door…
Centrale Raad van Beroep, 24 februari 2010
ECLI:NL:CRVB:2010:BL6825 · Centrale Raad van Beroep · 24 februari 2010
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/centrale-raad-van-beroep/bestuursrecht/socialezekerheidsrecht/hoger-beroep/ecli-nl-crvb-2010-bl6825
Zaakgegevens
Op 24 februari 2010 heeft de Centrale Raad van Beroep in hoger beroep uitspraak gedaan in een zaak over socialezekerheidsrecht.
- Instantie
- Centrale Raad van BeroepCentrale Raad van BeroepDe hoogste bestuursrechter voor sociale zekerheid en ambtenarenzaken.Meer uitleg
- Zittingsplaats
- Utrecht
- Datum uitspraak
- 24 februari 2010
- Datum publicatie
- 5 april 2013
- Zaaknummer
- 08-6514 WMO
- Rechtsgebied
- Bestuursrecht » Socialezekerheidsrecht
- Procedure
- Hoger beroepHoger beroepEen hogere rechter behandelt de zaak opnieuw, zowel de feiten als het recht, omdat een partij het niet eens is met de eerste uitspraak.Meer uitleg
- ECLI
- ECLI:NL:CRVB:2010:BL6825
Samenvatting
Verzoek om veroordeling in de kosten van rechtsbijstand in hoger beroep i.v.m. intrekking hoger beroep door het bestuursorgaan.
Uitspraak
08/6514 WMO
Centrale Raad van Beroep
Enkelvoudige kamer
U I T S P R A A K
als bedoeld in artikel 21a van de Beroepswet in verband met het hoger beroep van:
het College van burgemeester en wethouders van de gemeente Elburg, (hierna: appellant)
tegen de uitspraak van de rechtbank Zutpen van 30 september 2008, 07/1288 (hierna: aangevallen uitspraak),
in het geding tussen:
[Betrokkene], wonende te [woonplaats], (hierna: betrokkene)
en
appellant.
Datum uitspraak: 24 februari 2010
I. PROCESVERLOOP
W. Peters, werkzaam bij de Stichting Stimulansz te Utrecht, heeft namens appellant hoger beroep ingesteld tegen de aangevallen uitspraak.
Bij brief van 24 maart 2008 (lees: 2009) heeft W. Peters het hoger beroep ingetrokken.
Bij brief van 26 maart 2009 heeft mr. H.G. Righolt, werkzaam bij Stichting De Ombudsman te Hilversum, namens betrokkene aan de Raad verzocht appellant te veroordelen in de proceskosten.
Appellant heeft geen gebruik gemaakt van de gelegenheid een verweerschrift in te dienen.
Met toestemming van partijen heeft de Raad bepaald dat het onderzoek ter zitting achterwege blijft, waarna het onderzoek is gesloten.
II. OVERWEGINGEN
Artikel 21a, eerste lid, eerste volzin, van de Beroepswet bepaalt dat in geval van intrekking van het hoger beroep door het bestuursorgaan, het bestuursorgaan op verzoek van een partij bij afzonderlijke uitspraak met overeenkomstige toepassing van artikel 8:75 van de Algemene wet bestuursrecht kan worden veroordeeld in de proceskosten.
De Raad stelt vast dat appellant het hoger beroep heeft ingetrokken en dat namens betrokkene een verzoek om veroordeling van appellant in de kosten van rechtsbijstand in hoger beroep is gedaan.
De Raad ziet aanleiding om appelant te veroordelen in de kosten die betrokkene in verband met de behandeling van het hoger beroep redelijkerwijs heeft moeten maken. De kosten van rechtsbijstand worden, ingevolge het Besluit proceskosten bestuursrecht, begroot op € 322,-- in hoger beroep.
III. BESLISSING
De Centrale Raad van Beroep,
Recht doende:
Veroordeelt appellant in de kosten van betrokkene tot een bedrag van € 322,--, te betalen door de gemeente Elburg.
Deze uitspraak is gedaan door J.N.A. Bootsma, in tegenwoordigheid van T. Hemelrijk-van den Oudenalder als griffier. De beslissing is uitgesproken in het openbaar op 24 februari 2010.
(get.) J.N.A. Bootsma.
(get.) T. Hemelrijk-van den Oudenalder.
mm