Socialezekerheidsrecht
Niet-ontvankelijk bezwaar in verband met het buiten termijn indienen van het bezwaarschrift.
Centrale Raad van Beroep, 17 september 2019
ECLI:NL:CRVB:2019:3096 · Centrale Raad van Beroep · 17 september 2019
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/centrale-raad-van-beroep/bestuursrecht/socialezekerheidsrecht/hoger-beroep/ecli-nl-crvb-2019-3096
Zaakgegevens
Op 17 september 2019 heeft de Centrale Raad van Beroep in hoger beroep uitspraak gedaan in een zaak over socialezekerheidsrecht.
- Instantie
- Centrale Raad van BeroepCentrale Raad van BeroepDe hoogste bestuursrechter voor sociale zekerheid en ambtenarenzaken.Meer uitleg
- Datum uitspraak
- 17 september 2019
- Datum publicatie
- 26 september 2019
- Zaaknummer
- 18-887 WWB-PV
- Rechtsgebied
- Bestuursrecht » Socialezekerheidsrecht
- Procedure
- Hoger beroepHoger beroepEen hogere rechter behandelt de zaak opnieuw, zowel de feiten als het recht, omdat een partij het niet eens is met de eerste uitspraak.Meer uitleg
- ECLI
- ECLI:NL:CRVB:2019:3096
Inhoud van deze uitspraak
Samenvatting
Niet-ontvankelijk bezwaar in verband met het buiten termijn indienen van het bezwaarschrift.
Uitspraak
18 887 WWB-PV
Centrale Raad van Beroep
Enkelvoudige kamer
Proces-verbaal van de mondelinge uitspraak op het hoger beroep tegen de uitspraak van de rechtbank Den Haag van 28 december 2017, 14/11588 (aangevallen uitspraak)
Partijen:
[Appellante] te [woonplaats] (appellante)
het college van burgemeester en wethouders van Leiderdorp (college)
Datum uitspraak: 17 september 2019
Zitting heeft: A. Stehouwer
Griffier: V.Y. van Almelo
Appellante is verschenen. Het college heeft zich niet laten vertegenwoordigen.
BESLISSING
De Centrale Raad van Beroep bevestigt de aangevallen uitspraak.
Deze beslissing is uitgesproken in het openbaar. Zij is gebaseerd op de volgende overwegingen.
In de aangevallen uitspraak heeft de rechtbank geoordeeld dat het beroep van appellante
niet-ontvankelijk is, omdat het college het bezwaarschrift van appellante op
4 augustus 2014 – en daarmee buiten de termijn – heeft ontvangen. De door appellante ook in de beroepsprocedure aangevoerde familieomstandigheden zijn door de rechtbank terecht niet als verschoonbare reden geaccepteerd voor de termijnoverschrijding. Dit oordeel van de rechtbank is in overeenstemming met vaste rechtspraak van de Raad.
Waarvan proces-verbaal.
De griffier Het lid van de enkelvoudige kamer
(getekend) V.Y. van Almelo (getekend) A. Stehouwer