Civiel recht overig
Aruba. Kinderalimentatie.
Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba, 25 april 2023
ECLI:NL:OGHACMB:2023:59 · Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba · 25 april 2023
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/gemeenschappelijk-hof-van-justitie-van-aruba-curacao-sint-maarten-en-van-bonaire-sint-eustatius-en-saba/civiel-recht/civiel-recht-overig/hoger-beroep/ecli-nl-oghacmb-2023-59
Zaakgegevens
Op 25 april 2023 heeft het Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba in hoger beroep uitspraak gedaan in een zaak over civiel recht.
- Datum uitspraak
- 25 april 2023
- Datum publicatie
- 3 mei 2023
- Zaaknummer
- AUA2022H00102
- Rechtsgebied
- Civiel recht » Civiel recht overig
- Procedure
- Hoger beroepHoger beroepEen hogere rechter behandelt de zaak opnieuw, zowel de feiten als het recht, omdat een partij het niet eens is met de eerste uitspraak.Meer uitleg
- ECLI
- ECLI:NL:OGHACMB:2023:59
Inhoud van deze uitspraak
Samenvatting
Aruba. Kinderalimentatie.
Uitspraak
Burgerlijke zaken over 2023
Registratienummers: AUA202101814 – AUA2022H00102
Uitspraak: 25 april 2023
GEMEENSCHAPPELIJK HOF VAN JUSTITIE
van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en
van Bonaire, Sint Eustatius en Saba
B E S C H I K K I N G
in de zaak van:
[de vader],
wonende in Aruba,
in eerste aanleg verweerder, thans appellant,
gemachtigde: mr. R.L.F. Dijkhoff,
tegen
[de moeder],
wonende in Aruba,
in eerste aanleg verzoekster, thans geïntimeerde,
gemachtigde: mr. D.G. Croes.
Partijen worden hierna de vader en de moeder genoemd.
1 Het verloop van de procedure
Bij op 6 mei 2022 ingekomen beroepschrift is de vader in hoger beroep gekomen van de tussen partijen gegeven en op 28 maart 2022 uitgesproken beschikking van het Gerecht in eerste aanleg van Aruba (hierna: het Gerecht). Hierbij heeft de vader het hoger beroep toegelicht. Zijn conclusie strekt ertoe dat het Hof de beschikking zal vernietigen en de kinderalimentatie alsnog zal bepalen op Afl. 200 per kind per maand, althans op een door het Hof te bepalen bedrag.
De moeder heeft geen verweerschrift in hoger beroep ingediend.
De mondelinge behandeling van het hoger beroep heeft plaatsgehad op 28 maart 2023. Partijen zijn verschenen met hun gemachtigden. Zij hebben hun standpunten toegelicht en vragen van het Hof beantwoord. De advocaat van de moeder heeft gebruikgemaakt van pleitaantekeningen, waarvan exemplaren zijn overgelegd. Aan de pleitaantekeningen zijn producties gehecht. Het Hof heeft bepaald dat het acht zal slaan op die producties. De advocaat van de vader heeft te kennen gegeven daartegen geen bezwaar te hebben.
Beschikking is aangezegd en bij vervroeging bepaald op vandaag.
2 De beoordeling
Gelet op het overgelegde bewijs van onvermogen zal het Hof de vader toelating verlenen om in hoger beroep kosteloos te procederen. Nu de moeder is toegelaten in eerste aanleg kosteloos te procederen en zij in hoger beroep als geïntimeerde optreedt, kan ook zij in hoger beroep kosteloos procederen, maar zij heeft daarvoor geen toelating van het Hof nodig.
Het Hof gaat uit van de volgende feiten. Partijen zijn op 17 juli 2015 in Aruba in gemeenschap van goederen met elkaar getrouwd. Zij zijn de ouders van:
- [ kind 1], geboren op [datum] 2013 in [plaats], en
- [ kind 2], geboren op [datum] 2017 in [plaats],
hierna te noemen: de kinderen.
In deze rechtszaak heeft de moeder echtscheiding verzocht, met als verzochte nevenvoorziening onder meer de bepaling dat de vader Afl. 450 per kind per maand aan kinderalimentatie betaalt. Bij beschikking van 1 november 2021 heeft het Gerecht de echtscheiding tussen partijen uitgesproken, enige nevenvoorzieningen getroffen en over het verzoek om kinderalimentatie iedere beslissing aangehouden. Bij de bestreden beschikking van 28 maart 2022 heeft het Gerecht de door de vader te betalen kinderalimentatie bepaald op Afl. 300 per kind per maand vanaf 1 april 2022. Hiertegen komt de vader in hoger beroep op. Hij betoogt dat zijn draagkracht niet meer toelaat dan kinderalimentatie van Afl. 200 per kind per maand.
Kosten van verzorging en opvoeding
Het Gerecht heeft de kosten van verzorging en opvoeding gesteld op Afl. 450 per kind per maand. Hiertegen hebben partijen in hoger beroep geen bezwaar gemaakt. Het Hof verenigt zich ermee.
Draagkracht moeder
Het Gerecht heeft de draagkracht van de moeder bepaald op Afl. 76 per maand. Hiertegen hebben partijen in hoger beroep geen bezwaar gemaakt. Het Hof verenigt zich ermee. Dit komt overeen met Afl. 38 per kind per maand.
Draagkracht vader
Het Gerecht heeft de draagkracht van de vader als volgt berekend:
Gemiddeld netto-loon Afl. 2.178
Kosten eigen levensonderhoud 946
Lening (Island Finance) 374
---------------- -
Draagkracht Afl. 858
De vader is in hoger beroep niet opgekomen tegen de door het Gerecht gehanteerde bedragen voor netto-loon en lening van Island Finance. Hij heeft echter aangevoerd dat zijn vaste lasten hoger zijn (Afl. 1.724 in totaal inclusief de lening, dat komt overeen met Afl. 1.350 exclusief de lening). Tot deze opgevoerde vaste lasten behoren onder meer een bijdrage van Afl. 200 per maand voor zijn dochter [kind 3], Afl. 50 per maand voor karatelessen voor [kind 1] en Afl. 50 per maand voor zwemlessen voor [kind 1].
Bij de mondelinge behandeling van het hoger beroep is besproken dat [kind 3] meerderjarig is, in het laatste jaar van een opleiding tot verpleegster zit en waarschijnlijk recht heeft op studiefinanciering. Verder is besproken dat
[kind 1] geen karatelessen en geen zwemlessen meer volgt, maar wel voetbalt. Daaraan zijn geen (noemenswaardige) kosten verbonden.
Op grond van het voorgaande is het Hof van oordeel dat de draagkracht van de vader voldoende is om Afl. 300 per kind per maand te kunnen betalen.
Kosten van verzorging en opvoeding en draagkracht in samenhang beschouwd
Indien de vader Afl. 300 per kind per maand bijdraagt en de moeder Afl. 38 per kind per maand, komt het totaal uit op Afl. 338 per kind per maand. Dat is minder dan de behoefte die op Afl 450 per kind per maand is berekend. De draagkracht van de vader laat echter geen hogere kinderalimentatie toe. Een hogere kinderalimentatie kan in dit hoger beroep ook niet worden bepaald, aangezien de moeder niet in hoger beroep is gegaan tegen de beschikking van het Gerecht.
Slotsom
De beschikking waarvan beroep dient te worden bevestigd.
B E S L I S S I N G
Het Hof:
verleent de vader toelating om in hoger beroep kosteloos te procederen;
verstaat dat ook de moeder in hoger beroep kosteloos kan procederen;
bevestigt de beschikking waarvan beroep.
Deze beschikking is gegeven door mrs. G.C.C. Lewin, E.A. Saleh en C.G. ter Veer, leden van het Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba en ter openbare terechtzitting van het Hof in Aruba uitgesproken op 25 april 2023 in tegenwoordigheid van de griffier.