Civiel recht overig
Verzoek ex artikel 1:26 BW afgewezen
Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba, 15 maart 2016
ECLI:NL:OGEAA:2016:174 · Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba · 15 maart 2016
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/gerecht-in-eerste-aanleg-van-aruba/civiel-recht/civiel-recht-overig/beschikking/ecli-nl-ogeaa-2016-174
Zaakgegevens
Op 15 maart 2016 heeft het Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba uitspraak gedaan in een zaak over civiel recht.
- Instantie
- Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba
- Datum uitspraak
- 15 maart 2016
- Datum publicatie
- 23 maart 2016
- Zaaknummer
- EJ. nr. 2289 van 2015
- Rechtsgebied
- Civiel recht » Civiel recht overig
- Procedure
- BeschikkingBeschikkingEen beslissing van de rechter in een zaak die met een verzoekschrift is begonnen, zoals een echtscheiding of faillissement.Meer uitleg
- ECLI
- ECLI:NL:OGEAA:2016:174
Inhoud van deze uitspraak
Samenvatting
Verzoek ex artikel 1:26 BW afgewezen
Uitspraak
Beschikking van 15 maart 2016
behorend bij EJ. nr. 2289 van 2015
GERECHT IN EERSTE AANLEG VAN ARUBA
BESCHIKKING
op het verzoek van
X,
wonende in Aruba,
VERZOEK, hierna: de vader,
gemachtigde: de advocaat mr. T.D. Croes-Fernandes.
Belanghebbenden:
Y, hierna de moeder,
Z, hierna de minderjarige,
DE AMBTENAAR VAN DE BURGERLIJKE STAND, hierna: de ambtenaar, gemachtigde: J.A.. Koolman LLM.
1 DE PROCEDURE
De procedure blijkt uit:
- het verzoekschrift, ingediend op 2 oktober 2015,
- het verweerschrift van de ambtenaar van de burgerlijke stand, ingediend op 14 januari 2016;
- de griffiersaantekeningen van de mondelinge behandeling van 19 januari 2016, waaruit blijkt dat zijn verschenen de man in persoon bijgestaan door zijn gemachtigde voornoemd. De moeder is, ondanks daartoe behoorlijk te zijn opgeroepen, niet verschenen.
De uitspraak is bepaald op heden.
2 DE FEITEN
De minderjarige is op [datum] 2005 in de Dominicaanse Republiek uit de moeder geboren. Op haar geboorteakte staat verzoeker als vader vermeld.
Bij uitspraak van 14 januari 2014 van “Sala Civil del Tribunal de niños, niñas y adolescentes del Distrito Judicial de Santo Domingo” is goedkeurd de overeenkomst tussen de ouders van de minderjarige om de voogdij (custodia) en zorg (guarda) voor de minderjarige aan de vader over te dragen.
3 HET VERZOEK
Het verzoek strekt - naar het gerecht begrijpt - tot afgifte van een verklaring als bedoeld in artikel 1:26 van het Burgerlijk Wetboek (hierna: BW) ter zake van voornoemde uitspraak van 14 januari 2014.
4 DE BEOORDELING
Op grond van artikel 1:26 BW kan het gerecht een verklaring voor recht afgeven dat een buiten Aruba gedane uitspraak overeenkomstig plaatselijke voorschriften door een bevoegde instantie is opgemaakt of gedaan, en naar zijn aard vatbaar is voor opneming in een register van de burgerlijke stand.
Voornoemde uitspraak van 14 januari 2014 is naar zijn aard niet vatbaar voor opneming in een register van de burgerlijke stand, aangezien die registers geen informatie omtrent voogdij c.q. gezag over minderjarigen bevatten. Het verzoek is daarom niet toewijsbaar.
5 DE BESLISSING
Het gerecht:
wijst het verzoek af.
Deze beschikking is gegeven door mr. N.K. Engelbrecht, rechter in dit gerecht en in het openbaar uitgesproken ter terechtzitting van dinsdag 15 maart 2016in tegenwoordigheid van de griffier.