Civiel recht overig

Gerechtelijke vaststelling vaderschap wordt afgewezen.

Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba, 9 februari 2016

Zaakgegevens

Op 9 februari 2016 heeft het Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba uitspraak gedaan in een zaak over civiel recht.

Datum uitspraak
9 februari 2016
Datum publicatie
15 februari 2016
Zaaknummer
E.J. nr. 671 van 2013
Procedure
Beschikking
ECLI
ECLI:NL:OGEAA:2016:72
E-mail
Inhoud van deze uitspraak

Samenvatting

Gerechtelijke vaststelling vaderschap wordt afgewezen.

Uitspraak

Beschikking van 9 februari 2016

Behorend bij E.J. nr. 671 van 2013

GERECHT IN EERSTE AANLEG VAN ARUBA

BESCHIKKING

op het verzoek van:

X,

wonende in Aruba,

VERZOEKSTER, hierna: de moeder,

voorheen bijgestaan door de advocaat mr. L.J. Pieters, thans procederend in persoon,

tegen

Y,

wonende in Aruba,

VERWEERDER, hierna: de man,

gemachtigde: de advocaat mr. H.F. Falconi.

Belanghebbende:

Z, de minderjarige.

1 DE PROCEDURE

Het eerdere verloop van de procedure blijkt uit de beschikking van dit gerecht van 28 oktober 2014. Het verdere verloop van de procedure blijkt uit:

  • het rapport van Verilabs d.d. 9 juli 2015 van het verwantschapsonderzoek, ingediend op 31 augustus 2015;

  • de griffiersaantekeningen van de behandeling van 27 oktober 2015, waaruit blijkt dat is verschenen de man, bijgestaan door zijn gemachtigde voornoemd. De vrouw is hierna in de gelegenheid gesteld zich ter zitting van 8 december 2015 schriftelijk uit te laten op het rapport van Verilabs. Hiervan heeft zij geen gebruik gemaakt.

De uitspraak is bepaald op heden.

2 DE VERDERE BEOORDELING

2.1

Bij voornoemde beschikking van 28 oktober 2014 is een onderzoek gelast naar de mate van waarschijnlijkheid dat de man, de biologische vader is van de minderjarige. Het verwantschapsonderzoek heeft uitgemaakt, zo blijkt uit het rapport van Verilabs, dat het uitgesloten is dat de man de biologische vader is van de minderjarige.

2.2

Gelet op dit resultaat dient het verzoek van de moeder, om de vaderschap van de man ten aanzien van de minderjarige vast te stellen, te worden afgewezen.

2.3

De moeder zal worden veroordeeld tot betaling aan de man van het bedrag van Afl. 848,-, als vergoeding van het door hem voorgeschoten bedrag voor het verrichtte verwantschapsonderzoek.

3 DE BESLISSING

Het gerecht:

wijst het verzoek af,

veroordeelt X om tegen behoorlijk bewijs van kwijting aan Y te betalen het bedrag van Afl. 848,-,

verklaart deze beschikking uitvoerbaar bij voorraad.

Deze beschikking is gegeven op dinsdag 9 februari 2016 door mr. N.K. Engelbrecht, rechter in dit gerecht, in tegenwoordigheid van de griffier