Civiel recht overig

Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba · Beschikking · Civiel recht overig

Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba, 18 oktober 2016

Zaakgegevens

Op 18 oktober 2016 heeft het Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba uitspraak gedaan in een zaak over civiel recht.

Datum uitspraak
18 oktober 2016
Datum publicatie
16 november 2016
Zaaknummer
EJ. nr. 280 van 2015
Procedure
Beschikking
ECLI
ECLI:NL:OGEAA:2016:725
E-mail
Inhoud van deze uitspraak

Samenvatting

civiel-ej-gezag

Uitspraak

Beschikking van 18 oktober 2016

Zaaknummer EJ. nr. 280 van 2015

GERECHT IN EERSTE AANLEG VAN ARUBA

BESCHIKKING

op het verzoek van:

[X],

wonende in Aruba,

VERZOEKER, hierna: de vader,

gemachtigde: de advocaat mr. N.S. Gravenstijn,

tegen:

[Y],

wonende in Aruba,

VERWEERSTER, hierna: de moeder,

gemachtigde: de advocaat mr. M.M. Malmberg,

Belanghebbenden:

[Z], de minderjarige.

1 DE PROCEDURE

Het eerdere verloop van de procedure blijkt uit de beschikking van 15 maart 2016, waarbij onder meer is bepaald dat partijen eerst begeleiding zullen krijgen van de psycholoog van de Voogdijraad alvorens de Voogdijraad een (definitief) advies met betrekking tot de gezagsvoorziening zou uitbrengen. Het verdere verloop van de procedure blijkt uit:

- het rapport van de Voogdijraad van 24 juni 2016;

- de griffiersaantekeningen van de mondelinge behandeling van 6 september 2016, waaruit blijkt dat de vader in persoon en de moeder in persoon bijgestaan door haar gemachtigde zijn verschenen, en dat mevrouw A. Flanders en mevrouw R. Kelly namens de Voogdijraad aanwezig waren.

De uitspraak is bepaald op heden.

2 DE VERDERE BEOORDELING

Het ouderlijk gezag

2.1

Aan de orde is het verzoek van de vader om gezamenlijk met de moeder met het gezag over de minderjarige te worden belast.

2.2

De Voogdijraad schrijft in zijn rapport, dat partijen na de begeleiding goed en positief met elkaar communiceren en dat zij afspraken kunnen maken over aangelegenheden aangaande de minderjarige. Geconcludeerd wordt dat de ontwikkeling van de minderjarige niet verstoord dreigt te raken indien de ouders gezamenlijk het gezag uitoefenen. Geadviseerd wordt de ouders gezamenlijk met het gezag te belasten.

2.3

Ter zitting hebben partijen zich met dit advies verenigd. Het gerecht is gelet op het advies van de Voogdijraad, de andere in dit geding overgelegde stukken en het verhandelde ter zitting, van oordeel dat het in het belang van de minderjarige is dat de vader voortaan samen met de moeder belast zal zijn met het gezag over hem.

2.4

Het gerecht ziet in de aard van het verzoek aanleiding de kosten te compenseren, in die zin dat elke partij de eigen kosten draagt.

3 DE BESLISSING

Het gerecht:

bepaalt dat de vader, [X], voortaan gezamenlijk met de moeder het gezag over [Z], geboren op [datum] 2007 in Aruba zal uitoefenen,

verklaart de beschikking tot zover uitvoerbaar bij voorraad,

compenseert de kosten aldus dat elke partij de eigen kosten draagt,

wijst af het anders of meer verzochte.

Deze beschikking is gegeven door mr. N.K. Engelbrecht, rechter in dit gerecht, ter zitting van dinsdag 18 oktober 2016 in tegenwoordigheid van de griffier.