Civiel recht overig

Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba · Beschikking · Civiel recht overig

Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba, 5 december 2017

Zaakgegevens

Op 5 december 2017 heeft het Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba uitspraak gedaan in een zaak over civiel recht.

Datum uitspraak
5 december 2017
Datum publicatie
7 december 2017
Zaaknummer
EJ. nr. 2807 van 2016 / AUA201601476
Procedure
Beschikking
ECLI
ECLI:NL:OGEAA:2017:943
E-mail
Inhoud van deze uitspraak

Samenvatting

EJ. Adoptie.

Uitspraak

Beschikking van 5 december 2017

behorend bij EJ. nr. 2807 van 2016 / AUA201601476

GERECHT IN EERSTE AANLEG VAN ARUBA

BESCHIKKING

op het verzoek (ex artikel 1:227 BW) van:

[Verzoeker],

wonende in Aruba,

VERZOEKER,

gemachtigde: de advocaat mr. D.G. Kock.

Belanghebbenden:

[naam minderjarige], de minderjarige,

[naam moeder], de moeder,

[naam vader], de vader, zonder bekende woon- en of verblijfplaats.

1 DE PROCEDURE

De eerdere procedure blijkt uit de beschikking van dit gerecht van 7 maart 2017, waarbij aan de Voogdijraad is verzocht om onderzoek te verrichten of adoptie in het kennelijk belang is van de minderjarige. Het verdere verloop van de procedure blijkt uit:

- het rapport van de Voogdijraad, ingediend op 1 september 2017;

- de griffiersaantekeningen van de voortzetting van de behandeling van 24 oktober 2014, waaruit blijkt dat zijn verschenen de verzoeker bijgestaan door zijn gemachtigde, de moeder in persoon en de Voogdijraad bij mevrouw A. Flanders.

De uitspraak is bepaald op heden.

2 DE BEOORDELING

2.1

De moeder van de minderjarige heeft verklaard het verzoek niet tegen te spreken. De vader van de minderjarige is onvindbaar. De Voogdijraad heeft in zijn rapport alsook ter zitting geadviseerd het verzoek van verzoeker in te willigen en de adoptie van het kind door de verzoeker uit te spreken.

2.2

Gebleken is dat de verzoeker, de moeder, het broertje, de dochters van de stiefvader en de minderjarige al jaren in gezinsverband samenwonen en dat de verzoeker en de minderjarige elkaar over en weer als vader en dochter beschouwen. De biologische vader is amper betrokken geweest in het leven van de minderjarige.

2.3

Op grond van het voorgaande acht het gerecht de verzochte adoptie zowel uit het oogpunt van verbreking van de banden met de vader als uit het oogpunt van bevestiging van de banden met de verzoeker in het kennelijk belang van het kind. Nu voorts aan de wettelijke voorwaarden wordt voldaan, zal het gerecht het verzoek toewijzen.

3 DE BESLISSING

Het gerecht:

spreekt uit de adoptie van [naam minderjarige], geboren op [geboortedatum] 2002 in [geboorteplaats], door [verzoeker], geboren op [geboortedatum] 1965 in [geboorteplaats],

verstaat dat de geslachtsnaam van de geadopteerde [achternaam] zal luiden.

Deze beschikking is gegeven door mr. A.H.M. van de Leur, rechter in dit gerecht, ter zitting van 5 december 2017 in aanwezigheid van de griffier.