Civiel recht overig
civiel recht, rechtsmiddel herroeping ten onrechte ingeroepen, art. 382 RV
Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba, 13 september 2017
ECLI:NL:OGEAA:2017:716 · Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba · 13 september 2017
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/gerecht-in-eerste-aanleg-van-aruba/civiel-recht/civiel-recht-overig/eerste-aanleg-enkelvoudig/ecli-nl-ogeaa-2017-716
Zaakgegevens
Op 13 september 2017 heeft het Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba in eerste aanleg uitspraak gedaan in een zaak over civiel recht.
- Instantie
- Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba
- Datum uitspraak
- 13 september 2017
- Datum publicatie
- 14 september 2017
- Zaaknummer
- A.R. 2182 van 2016 / AUA201600769
- Rechtsgebied
- Civiel recht » Civiel recht overig
- Procedure
- Eerste aanleg - enkelvoudigEnkelvoudige kamerDe zaak is behandeld door één rechter.Meer uitleg
- ECLI
- ECLI:NL:OGEAA:2017:716
Inhoud van deze uitspraak
Samenvatting
civiel recht, rechtsmiddel herroeping ten onrechte ingeroepen, art. 382 RV
Uitspraak
Vonnis van 13 september 2017
Behorend bij A.R. 2182 van 2016 / AUA201600769
GERECHT IN EERSTE AANLEG VAN ARUBA
VONNIS
in de zaak van:
[eiseres],
wonende te Aruba,
hierna te noemen: [eiseres],
procederend in persoon,
tegen:
de besloten vennootschap
REAL ESTATE CARIBISOL N.V.
h.o.d.n. Real Estate Caribe,
gevestigd te Curacao,
hierna te noemen: REC,
gemachtigde: mr. D. Canwood.
1 DE PROCEDURE
Het verloop van de procedure blijkt uit:
- het verzoekschrift, strekkende tot herroeping van het vonnis van 8 juni 2016 (AR 1270/2016);
- de conclusie van antwoord;
- de conclusie van repliek;
- de conclusie van dupliek.
De zaak is daarna verwezen naar de rol voor vonnis.
2 DE VASTSTAANDE FEITEN
Tussen partijen is op 24 september 213 een overeenkomst van dienstverlening tot stand gekomen waarbij REC op zich heeft genomen om het woonhuis van [eiseres] gelegen te [adres] te Curacao binnen 4 maanden te verkopen. De aanbiedingsprijs bedroeg Naf 465.000,00 k.k. In verband met lekkage van het dak mocht de koopsom met Naf 7.500,00 verlaagd worden. De overeengekomen courtage bedroeg 4% ( +6% OB.)
De woning is door [eiseres] verkocht, nadat zij de overeenkomst met REC ontbonden had.
Bij vonnis d.d. 8 juni 2016 is [eiseres] veroordeeld tot betaling aan REC van makelaarscourtage ad Naf. 15.688,00, te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf 27 februari 2014 tot dag der voldoening. Dit vonnis is in kracht van gewijsde.
3 DE STANDPUNTEN VAN PARTIJEN
eiseres] vordert herroeping van het vonnis van 8 juni 2016, omdat REC bedrog zou hebben gepleegd.
REC voert gemotiveerd verweer dat zo nodig bij de beoordeling aan de orde komt.
4 DE BEOORDELING
Voorop wordt gesteld dat een vonnis dat in kracht van gewijsde is gegaan slechts herroepen worden indien:
a. het berust op bedrog, door de wederpartij in het geding gepleegd;
b. het berust op stukken, waarvan de valsheid na het vonnis is erkend of bij gewijsde is vastgesteld;
c. de partij na het vonnis stukken van beslissende aard in handen heeft gekregen die door toedoen van de wederpartij waren achtergehouden.
Het bedrog waar [eiseres] zich op beroept, dient gepleegd te zijn gedurende de tijd dat de zaak aanhangig was bij het gerecht in eerste aanleg te Aruba, welke procedure uitmondde in het vonnis van 8 juni 2016. Uit dit vonnis, waarvan [eiseres] thans herroeping vraagt, volgt dat de rechter van oordeel is dat REC jegens [eiseres] niet tekort is geschoten in de nakoming van de overeenkomst tussen partijen.
Waar het volgens [eiseres] door REC gedurende de bodemprocedure gepleegde bedrog precies uit zou hebben bestaan, is het gerecht niet duidelijk. Uit de stellingen van [eiseres] volgt naar het oordeel van het gerecht dat dit gepleegd zou zijn tijdens de onderhandelingen tussen REC met de uiteindelijke koper van de woning van [eiseres]. [eiseres] verwijt REC immers onzorgvuldig handelen tijdens het verkooptraject. De verwijten die [eiseres] REC maakt hebben betrekking op ’vermeende wanprestatie’ doch het gerecht heeft hierover reeds geoordeeld.
Het rechtsmiddel van herroeping staat alleen open, indien een rechter, op basis van door een partij gedurende een rechtsgeding gepleegd bedrog, een onjuist oordeel vormt. Hiervan is geen sprake geweest. Tijdens de bodemprocedure waren beide partijen voorzien van rechtsbijstand en zijn alle stellingen en weren aan de orde geweest. Voor zo ver REC stellingen naar voren zou hebben gebracht die in de ogen van [eiseres] onjuist waren, had zij deze kunnen betwisten. In de onderhavige zaak tracht [eiseres] wederom een oordeel uit te lokken over het in haar ogen onzorgvuldige handelen van REC, dit maal onder de noemer bedrog. Tegen het vonnis van 8 juni 2016 stond het rechtsmiddel van hoger beroep open, doch [eiseres] heeft dit om haar moverende redenen niet benut. De onderhavige herroeping is naar het oordeel van het gerecht een verkapt appel, omdat de appeltermijn reeds verstreken is.
Nu het rechtsmiddel herroeping ten onrechte is ingeroepen, wordt [eiseres] in de kosten hiervan veroordeeld.
5 DE UITSPRAAK
wijst het gevorderde af;
veroordeelt [eiseres] in de kosten van REC, welke tot op heden begroot worden op Afl. 2.500,00 voor salaris gemachtigde.
Dit vonnis is gewezen door mr. Y.M. Vanwersch, rechter in dit gerecht, en werd uitgesproken ter openbare terechtzitting van woensdag 13 september 2017 in aanwezigheid van de griffier.