Civiel recht overig
Civiel. Verzet zaak. Kwaad opposant.
Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba, 28 augustus 2019
ECLI:NL:OGEAA:2019:543 · Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba · 28 augustus 2019
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/gerecht-in-eerste-aanleg-van-aruba/civiel-recht/civiel-recht-overig/eerste-aanleg-enkelvoudig/ecli-nl-ogeaa-2019-543
Zaakgegevens
Op 28 augustus 2019 heeft het Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba in eerste aanleg uitspraak gedaan in een zaak over civiel recht.
- Instantie
- Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba
- Datum uitspraak
- 28 augustus 2019
- Datum publicatie
- 29 augustus 2019
- Zaaknummer
- AUA201802785
- Rechtsgebied
- Civiel recht » Civiel recht overig
- Procedure
- Eerste aanleg - enkelvoudigEnkelvoudige kamerDe zaak is behandeld door één rechter.Meer uitleg
- ECLI
- ECLI:NL:OGEAA:2019:543
Inhoud van deze uitspraak
Samenvatting
Civiel. Verzet zaak. Kwaad opposant.
Uitspraak
Vonnis van 28 augustus 2019
A.R. no. AUA201802785
GERECHT IN EERSTE AANLEG VAN ARUBA
VONNIS op het verzet van:
[OPPOSANT],
te Aruba,
OPPOSANT, hierna ook te noemen: [OPPOSANT],
gemachtigde: mr. P.M.E. Mohamed, later procederend in persoon,
tegen:
de naamloze vennootschap
RENTCAR N.V. H.O.D.N. HERTZ,
te Aruba,
GEOPPOSEERDE, hierna ook te noemen: Hertz,
gemachtigde: mr C.J. Hart.
1 DE PROCEDURE
Het verloop van de procedure blijkt uit:
- het op 6 juni 2018 bij verstek uitgesproken vonnis van dit gerecht, aan [OPPOSANT] betekend op 23 augustus 2018;
- het op 5 september 2018 ter griffie ingekomen verzetschrift;
- de op 21 november 2018 ingediende conclusie van eis in oppositie;
- de conclusie van antwoord in oppositie
- de akte niet dienen ten aanzien van de conclusie van repliek in oppositie;
2 HET GESCHIL EN DE BEOORDELING
Bij voormeld verstekvonnis is [OPPOSANT] op vordering van Hertz veroordeeld tot betaling van Afl. 7.777,22 vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 9 november 2015 tot de dag der voldoening, alsmede tot betaling van Afl. 600,- aan proceskosten.
[OPPOSANT] heeft, samengevat, bij verzet aangevoerd dat hij een auto heeft gehuurd van Hertz en op 31 januari 2016 betrokken is geraakt bij een verkeersongeval en dat de daardoor ontstane schade is vergoed door de verzekeraar van het aansprakelijke voertuig. Hij bestrijdt dat hij enig bedrag aan Hertz verschuldigd is.
Bij conclusie van antwoord in oppositie heeft Hertz aangevoerd dat de vordering bestaat uit onbetaalde huur van de auto, benzinekosten, verzekeringspremie, eigen risico en overige schade - niet zijnde die van het ongeval. Die laatste kosten zijn inderdaad door de verzekeraar van een derde voldaan. Daarnaast zijn schoonmaakkosten en administratiekosten in rekening gebracht.
[OPPOSANT] heeft dit standpunt van Hertz niet bestreden, nu hij niet voor dupliek heeft geconcludeerd, waartoe hij wel in de gelegenheid is gesteld. Dit betekent dat de gronden van het verzet niet zijn komen vast te staan en het verzet ongegrond is.
[OPPOSANT] wordt in de kosten van het verzet veroordeeld.
3 DE UITSPRAAK IN OPPOSITIE
De rechter in dit gerecht, recht doende:
verklaart [OPPOSANT] kwaad opposant;
bekrachtigt het op 6 juni 2018 tussen partijen gewezen vonnis;
veroordeelt [OPPOSANT] in de kosten van de verzetprocedure, aan de zijde van Hertz begroot op Afl. 500,-.
Dit vonnis is gewezen door mr J. Sap, rechter, en werd uitgesproken ter openbare terechtzitting van woensdag 28 augustus 2019 in aanwezigheid van de griffier.