Civiel recht overig

Civiel, nakoming vaststellingsovereenkomst.

Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba, 17 februari 2016

Zaakgegevens

Op 17 februari 2016 heeft het Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba in kort geding uitspraak gedaan in een zaak over civiel recht.

Datum uitspraak
17 februari 2016
Datum publicatie
11 april 2016
Zaaknummer
K.G. 2134 van 2015
Procedure
Kort geding
ECLI
ECLI:NL:OGEAA:2016:217
E-mail
Inhoud van deze uitspraak

Samenvatting

Civiel, nakoming vaststellingsovereenkomst.

Uitspraak

Vonnis in kort geding van 17 februari 2016

Behorend bij K.G. 2134 van 2015

GERECHT IN EERSTE AANLEG VAN ARUBA

VONNIS IN KORT GEDING

in de zaak van:

Eiser,

te Aruba,

hierna ook te noemen: Eiser,

gemachtigde: de advocaat mr. G.L. Griffith,

tegen:

Gedaagde,

te Aruba,

hierna ook te noemen: Gedaagde,

gemachtigde: de advocaat mr. M.B. Boyce.

DE PROCEDURE

Het verloop van de procedure blijkt uit:

- het tussenvonnis van 11 november 2015; verzoekschrift;

- de akte uitlating ter zitting van 18 november 2015 zijdens Eiser;

- de akte uitlating ter zitting van 18 november 2015 zijdens Gedaagde;

- de akte uitlating ter zitting van 6 januari 2016 zijdens Eiser.

Aan partijen is kenbaar gemaakt dat vandaag vonnis zou worden gewezen.

2 DE VERDERE BEOORDELING IN CONVENTIE EN IN RECONVENTIE.

2.1

Uit de door partijen genomen aktes blijkt dat de akte van verdeling inmiddels is getekend. Verder heeft Eiser de nodige machtigingen aan Gedaagde verstrekt waarmee deze de voor haar benodigde informatie bij de bank kan opvragen.

2.2

Over en weer is daarmee aan de vorderingen voldaan.

2.3

Nu partijen ex-echtelieden zijn zal de kort gedingrechter de proceskosten compenseren.

3 DE UITSPRAAK

De rechter in dit gerecht:

verstaat dat partijen in middels over en weer aan de vorderingen hebben voldaan zodat zij geen belang meer hebben bij toewijzing of afwijzing daarvan;

compenseert de proceskosten aldus dat iedere partij de eigen kosten draagt.

Dit vonnis is gewezen door mr. W.J. Noordhuizen rechter, en werd uitgesproken ter openbare terechtzitting van woensdag 17 februari 2016 in aanwezigheid van de griffier.