Strafprocesrecht

Voorlopige hechtenis, schorsen alleen met een concreet plan

Gerechtshof Amsterdam, 17 oktober 2018

Zaakgegevens

Op 17 oktober 2018 heeft het Gerechtshof Amsterdam in hoger beroep uitspraak gedaan in een zaak over strafprocesrecht.

Instantie
Gerechtshof Amsterdam
Zittingsplaats
Amsterdam
Datum uitspraak
17 oktober 2018
Datum publicatie
21 december 2018
Zaaknummer
13/684377-18
Procedure
Hoger beroep
ECLI
ECLI:NL:GHAMS:2018:4721
E-mail
Inhoud van deze uitspraak

Samenvatting

Voorlopige hechtenis, schorsen alleen met een concreet plan

Uitspraak

GERECHTSHOF AMSTERDAM,

MEERVOUDIGE STRAFKAMER, RAADKAMER

BESCHIKKING in raadkamer op het hoger beroep in de zaak van

[verdachte],

geboren te [geboorteplaats] (Nederlandse Antillen) op [geboortedatum 1] 1967,

wonende te [adres],

thans verblijvende in het huis van bewaring Justitieel Complex Zaanstad,

tegen de beschikking van de rechtbank Amsterdam van 24 september 2018, voor zover houdende bevel tot zijn gevangenhouding.

De feiten en de rechtsgang

Het hof heeft kennis genomen van de akte van de griffier van de rechtbank Amsterdam van 1 oktober 2018, waarbij namens de verdachte hoger beroep is ingesteld tegen voormelde beschikking van die rechtbank.

Het hof heeft gezien de beschikking waarvan beroep en heeft kennis genomen van de stukken betrekking hebbend op de voorlopige hechtenis van de verdachte en heeft gehoord de advocaat-generaal en de verdachte, bijgestaan door diens raadsman mr. H.J.J. Hendrikse.

Bij de behandeling in raadkamer heeft de raadsman namens de verdachte een mondeling schorsingsverzoek gedaan.

De beoordeling

Het hof verenigt zich met de beschikking waarvan beroep, voor zover aan het oordeel van het hof onderworpen, en de gronden waarop deze berust.

Met betrekking tot het door de verdachte mondeling gedane verzoek tot schorsing van de voorlopige hechtenis overweegt het hof dat nu er geen concreet met de reclassering afgestemd plan van aanpak voorhanden is niet kan worden beoordeeld of het recidivegevaar met het stellen van schorsingsvoorwaarden voldoende kan worden ingeperkt. Mocht een dergelijk plan alsnog worden opgesteld, al dan niet met de inbreng van verdachtes woonbegeleidster, dan kan op dat moment een nieuw schorsingsverzoek worden ingediend en de situatie opnieuw worden beoordeeld.

De beslissing

Het hof:

WIJST AF het beroep tegen de bestreden beschikking, voor zover aan het oordeel van het hof onderworpen.

WIJST AF het verzoek tot schorsing van de voorlopige hechtenis.

Deze beschikking is gegeven op 17 oktober 2018 in raadkamer van dit hof door

mr. J.L. Bruinsma, voorzitter,

mrs. A.M. Kengen en P.H.M. Kuster, raadsheren,

in tegenwoordigheid van mr. S. Grote Ganseij als griffier.

De advocaat-generaal bij dit gerechtshof brengt vorenstaande beschikking ter kennis van de verdachte.

Amsterdam, 17 oktober 2018,

de advocaat-generaal