Strafrecht overig
Afwijzing van het verzoek tot opheffing van de voorlopige hechtenis van de verdachte.
ECLI:NL:GHAMS:2017:4573 · Gerechtshof Amsterdam · 8 november 2017
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/gerechtshof-amsterdam/strafrecht/strafrecht-overig/hoger-beroep/ecli-nl-ghams-2017-4573
Zaakgegevens
Op 8 november 2017 heeft het Gerechtshof Amsterdam in hoger beroep uitspraak gedaan in een zaak over strafrecht.
- Instantie
- Gerechtshof AmsterdamGerechtshofDe rechter in hoger beroep in civiele zaken, strafzaken en belastingzaken. Nederland heeft vier gerechtshoven.Meer uitleg
- Zittingsplaats
- Amsterdam
- Datum uitspraak
- 8 november 2017
- Datum publicatie
- 9 november 2017
- Zaaknummer
- 15/860048-17
- Rechtsgebied
- Strafrecht Strafrecht overig
- Procedure
- Hoger beroepHoger beroepEen hogere rechter behandelt de zaak opnieuw, zowel de feiten als het recht, omdat een partij het niet eens is met de eerste uitspraak.Meer uitleg
- ECLI
- ECLI:NL:GHAMS:2017:4573
Samenvatting
Afwijzing van het verzoek tot opheffing van de voorlopige hechtenis van de verdachte.
Uitspraak
Inhoudsopgave
15/860048-17
GERECHTSHOF AMSTERDAM,
MEERVOUDIGE STRAFKAMER, RAADKAMER
BESCHIKKING in raadkamer op het hoger beroep in de zaak van
[verdachte],
geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum],
zonder vaste woon- of verblijfplaats hier te lande,
thans verblijvende in het huis van bewaring Ter Apel te Ter Apel,
tegen de beslissing van de rechtbank Noord-Holland, locatie Haarlem van 2 oktober 2017, voor zover houdende afwijzing van het verzoek tot opheffing van de voorlopige hechtenis van de verdachte.
De feiten en de rechtsgang
Het hof heeft kennis genomen van de akte van de griffier van de rechtbank Noord-Holland, locatie Haarlem van 6 oktober 2017, waarbij namens de verdachte hoger beroep is ingesteld tegen voormelde beslissing van die rechtbank.
Het hof heeft gezien de beslissing waarvan beroep en heeft kennis genomen van de stukken betrekking hebbend op de voorlopige hechtenis van de verdachte en heeft gehoord de advocaat-generaal en de verdachte, bijgestaan door diens raadsman, mr. O.O. van der Lee.
De beoordeling
Het hof verenigt zich met de beslissing waarvan beroep, voor zover aan het oordeel van het hof onderworpen, en de gronden waarop deze berust.
Het hof verenigt zich met de beslissing waarvan beroep, voor zover aan het oordeel van het hof onderworpen, en de gronden waarop deze berust. Het hof verwijst in dit verband naar hetgeen de rechtbank heeft overwogen en beslist ter terechtzitting van 2 oktober 2017 (proces-verbaal van de terechtzitting van 2 oktober 2017, pagina 4 en 5) en voor zover nodig naar hetgeen het hof heeft overwogen en beslist in zijn beslissing van heden op het hoger beroep tegen het bevel tot de gevangenneming van de verdachte.
Het hof is van oordeel dat een omstandigheid als bedoeld in artikel 67a, derde lid, Sv zich thans niet voordoet.
Met betrekking tot het door de verdachte mondeling gedane verzoek tot schorsing van de voorlopige hechtenis geldt dat dit verzoek moet worden afgewezen. Het hof overweegt dat het vluchtgevaar onvoldoende kan worden ingeperkt door het stellen van schorsingsvoorwaarden en dat de aangeboden borgsom daar niet aan af doet.
15/860048-17
De beslissing
Het hof:
WIJST AF het beroep tegen de bestreden beslissing, voor zover aan het oordeel van het hof onderworpen.
WIJST AF het verzoek tot schorsing van de voorlopige hechtenis.
Deze beschikking is gegeven op 8 november 2017 in raadkamer van dit hof door
mr. J.L. Bruinsma, voorzitter,
mrs. M.M.H.P. Houben en A.M. Kengen, raadsheren,
in tegenwoordigheid van mr. S.A.M. Borg als griffier.
De advocaat-generaal bij dit gerechtshof brengt vorenstaande beschikking ter kennis van de verdachte.
Amsterdam, 8 november 2017,
de advocaat-generaal