Strafrecht overig
Vernietiging vonnis (378a). Vrijspraak. Met de raadsman van de verdachte en de advocaat-generaal is het hof…
ECLI:NL:GHAMS:2026:1870 · Gerechtshof Amsterdam · 26 juni 2026
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/gerechtshof-amsterdam/strafrecht/strafrecht-overig/hoger-beroep/ecli-nl-ghams-2026-1870
Zaakgegevens
Op 26 juni 2026 heeft het Gerechtshof Amsterdam in hoger beroep uitspraak gedaan in een zaak over strafrecht.
- Instantie
- Gerechtshof AmsterdamGerechtshofDe rechter in hoger beroep in civiele zaken, strafzaken en belastingzaken. Nederland heeft vier gerechtshoven.Meer uitleg
- Zittingsplaats
- Amsterdam
- Datum uitspraak
- 26 juni 2026
- Datum publicatie
- 8 juli 2026
- Zaaknummer
- 23-002533-22
- Rechtsgebied
- Strafrecht Strafrecht overig
- Procedure
- Hoger beroepHoger beroepEen hogere rechter behandelt de zaak opnieuw, zowel de feiten als het recht, omdat een partij het niet eens is met de eerste uitspraak.Meer uitleg
- ECLI
- ECLI:NL:GHAMS:2026:1870
Samenvatting
Vernietiging vonnis (378a). Vrijspraak. Met de raadsman van de verdachte en de advocaat-generaal is het hof van oordeel dat niet wettig en overtuigend bewezen kan worden hetgeen aan de verdachte onder 1, 2 en 3 is tenlastegelegd, zodat de verdachte hiervan moet worden vrijgesproken. Het hof kan niet met de voor een bewezenverklaring vereiste mate van zekerheid vaststellen dat de verdachte wist wat zich in de woning bevond en wat daar werd gedaan, dan wel dat sprake is geweest van bewustheid bij de verdachte van de aanmerkelijke kans dat anderen in de woning strafbare feiten begingen die verband hielden met het telen van hennep.
Uitspraak
Inhoudsopgave
afdeling strafrecht
parketnummer: 23-002533-22
datum uitspraak: 26 juni 2026
TEGENSPRAAK (gemachtigd raadsman ex art. 279 Sv)
Arrest van het gerechtshof Amsterdam gewezen op het hoger beroep, ingesteld tegen het vonnis van de politierechter in de rechtbank Noord-Holland van 6 september 2022 in de strafzaak onder parketnummer 15-122132-22 tegen
[verdachte] ,
geboren te [adres 1] op [geboortedatum] ,
adres: [adres 2] .
Onderzoek van de zaak
Dit arrest is gewezen naar aanleiding van het onderzoek ter terechtzitting in hoger beroep van 5 juni 2025 en 12 juni 2026.
De verdachte heeft hoger beroep ingesteld tegen voormeld vonnis.
Het hof heeft kennisgenomen van de vordering van de advocaat-generaal en van hetgeen de raadsman naar voren heeft gebracht.
Tenlastelegging
Aan de verdachte is tenlastegelegd dat:
1.
hij op een of meer tijdstip(pen) in of omstreeks de periode van 10 april 2021 tot en met 29 juli 2021 te Heiloo (telkens) een hoeveelheid/heden water, in elk geval enig goed, dat/die (telkens) geheel of ten dele aan de [bedrijf 1] , in elk geval aan een ander toebehoorde(n) (telkens) heeft weggenomen met het oogmerk om het zich wederrechtelijk toe te eigenen, terwijl verdachte dat weg te nemen water (telkens) onder zijn bereik heeft gebracht door middel van braak en/of verbreking;
2.
hij in of omstreeks de periode van 10 april 2021 tot en met 29 juli 2021 te Heiloo opzettelijk heeft geteeld, bereid, bewerkt, verwerkt, verkocht, afgeleverd, verstrekt en/of vervoerd, in elk geval opzettelijk aanwezig heeft gehad, een grote hoeveelheid als bedoeld in artikel 11 lid 5 van de Opiumwet, te weten 887 hennepplanten, zijnde een middel als bedoeld in de bij de Opiumwet behorende lijst II, dan wel aangewezen krachtens het vijfde lid van artikel 3a van die wet,
3.
hij op een of meer tijdstip(pen) in of omstreeks de periode van 10 april 2021 tot en met 29 juli 2021 te Heiloo (telkens) een hoeveelheid/heden stroom, in elk geval enig goed, dat/die (telkens) geheel of ten dele aan [bedrijf 2] , in elk geval aan een ander toebehoorde(n) (telkens) heeft weggenomen met het oogmerk om het zich wederrechtelijk toe te eigenen, terwijl verdachte dat/die weg te nemen water (telkens) onder zijn bereik heeft gebracht door middel van braak en/of verbreking.
Voor zover in de tenlastelegging taal- en/of schrijffouten voorkomen, zal het hof deze verbeterd lezen. De verdachte wordt daardoor niet in de verdediging geschaad.
Vonnis waarvan beroep
Het vonnis zal worden vernietigd, omdat daarvan slechts aantekening is gedaan ingevolge artikel 378a van het Wetboek van Strafvordering.
Vordering van het Openbaar Ministerie
De advocaat-generaal heeft gevorderd dat de verdachte zal worden vrijgesproken.
Vrijspraak
Met de raadsman van de verdachte en de advocaat-generaal is het hof van oordeel dat niet wettig en overtuigend bewezen kan worden hetgeen aan de verdachte onder 1, 2 en 3 is tenlastegelegd, zodat de verdachte hiervan moet worden vrijgesproken.
Het hof kan namelijk niet met de voor een bewezenverklaring vereiste mate van zekerheid vaststellen dat de verdachte wist wat zich in de woning bevond en wat daar werd gedaan, dan wel dat sprake is geweest van bewustheid bij de verdachte van de aanmerkelijke kans dat anderen in de woning strafbare feiten begingen die verband hielden met het telen van hennep.
Vordering van de benadeelde partij [bedrijf 1]
De benadeelde partij heeft zich in eerste aanleg in het strafproces gevoegd met een vordering tot schadevergoeding. Deze bedraagt € 4.448,01. De vordering is bij het vonnis waarvan beroep toegewezen.
De verdachte wordt niet schuldig verklaard ter zake van het onder 3 bewezenverklaarde tenlastegelegde handelen waardoor de gestelde schade zou zijn veroorzaakt. De benadeelde partij kan daarom in de vordering niet worden ontvangen.
BESLISSING
Het hof:
Vernietigt het vonnis waarvan beroep en doet opnieuw recht:
Verklaart niet bewezen dat de verdachte het onder 1, 2 en 3 tenlastegelegde heeft begaan en spreekt de verdachte daarvan vrij.
Vordering van de benadeelde partij [bedrijf 1]
Verklaart de benadeelde partij Liander N.V. niet-ontvankelijk in de vordering tot schadevergoeding.
Bepaalt dat de benadeelde partij en de verdachte ieder hun eigen kosten dragen.
Dit arrest is gewezen door de meervoudige strafkamer van het gerechtshof Amsterdam, waarin zitting hadden mr. N.R.A. Meerbeek, mr. M.J.A. Duker en mr. B. de Wilde, in tegenwoordigheid van mr. R.C.E. van Tilburg, griffier, en is uitgesproken op de openbare terechtzitting van dit gerechtshof van 26 juni 2026.
Mr. B. de Wilde is buiten staat dit arrest mede te ondertekenen.
=========================================================================
[…]