Strafrecht overig

Ontnemingszaak. Betrokkene niet-ontvankelijk in het hoger beroep op grond van artikel 416(2) Sv,

Zaakgegevens

Op 30 juni 2026 heeft het Gerechtshof Amsterdam in hoger beroep uitspraak gedaan in een zaak over strafrecht.

Instantie
Gerechtshof Amsterdam
Zittingsplaats
Amsterdam
Datum uitspraak
30 juni 2026
Datum publicatie
14 juli 2026
Zaaknummer
23-001698-24
Procedure
Hoger beroep
ECLI
ECLI:NL:GHAMS:2026:1919
E-mailBekijk op rechtspraak.nl

Samenvatting

Ontnemingszaak. Betrokkene niet-ontvankelijk in het hoger beroep op grond van artikel 416(2) Sv,

Procesgang

  1. Rechtbank Amsterdam · 11 juli 2024

    ECLI:NL:RBAMS:2024:6818
  2. Gerechtshof Amsterdam · 30 juni 2026deze uitspraak

    ECLI:NL:GHAMS:2026:1919

Uitspraak

Inhoudsopgave

afdeling strafrecht

parketnummer: 23-001698-24

datum uitspraak: 30 juni 2026

VERSTEK (niet-gemachtigd raadsvrouw)

Arrest van het gerechtshof Amsterdam gewezen op het hoger beroep, ingesteld tegen het vonnis van de rechtbank Amsterdam van 11 juli 2024 op de vordering van het openbaar ministerie ingevolge artikel 36e van het Wetboek van Strafrecht, in de ontnemingszaak met nummer 13-106582-22 tegen de betrokkene

[verdachte] ,

geboren te [geboorteplaats] ( [geboorteland] ) op [geboortedag] 1988,

adres: [adres 1] , [nummer] te [adres 2] ).

Onderzoek van de zaak

Dit arrest is gewezen naar aanleiding van het onderzoek ter terechtzitting in hoger beroep van 30 juni 2026.

Namens de betrokkene is hoger beroep ingesteld tegen voormeld vonnis.

De advocaat-generaal heeft gevorderd dat de betrokkene niet-ontvankelijk zal worden verklaard in het hoger beroep.

Ontvankelijkheid van de verdachte in het hoger beroep

Door of namens de betrokkene is geen schriftuur houdende grieven ingediend. Evenmin zijn mondeling bezwaren tegen het vonnis opgegeven. Ook overigens is niet gebleken van enig rechtens te respecteren belang dat is gediend met enig onderzoek van de zaak. Om die reden wordt de betrokkene niet-ontvankelijk verklaard in het ingestelde hoger beroep, gelet op het bepaalde in artikel 416, tweede lid, van het Wetboek van Strafvordering.

BESLISSING

Het hof:

Verklaart de betrokkene niet-ontvankelijk in het hoger beroep.

Dit arrest is gewezen door de meervoudige strafkamer van het gerechtshof Amsterdam, waarin zitting hadden mr. A.M. Koolen - Zwijnenburg, mr. J.J. Roos en mr. M.F.J.M. de Werd, in tegenwoordigheid van mr. S. Egidi, griffier, en is uitgesproken op de openbare terechtzitting van dit gerechtshof van 30 juni 2026.

Mr. A.M. Koolen – Zwijnenburg is buiten staat dit arrest mede te ondertekenen.