Strafrecht overig

Vernietiging vonnis wegens andere beslissing dan de politierechter. Vrijspraak voor mishandeling en…

Gerechtshof Amsterdam, 16 oktober 2026

Zaakgegevens

Op 16 oktober 2026 heeft het Gerechtshof Amsterdam in hoger beroep uitspraak gedaan in een zaak over strafrecht.

Instantie
Gerechtshof Amsterdam
Zittingsplaats
Amsterdam
Datum uitspraak
16 oktober 2026
Datum publicatie
16 oktober 2026
Zaaknummer
23-002901-25
Procedure
Hoger beroep
ECLI
ECLI:NL:GHAMS:2026:2954
E-mail
Inhoud van deze uitspraak

Samenvatting

Vernietiging vonnis wegens andere beslissing dan de politierechter. Vrijspraak voor mishandeling en vernieling. Dossier bevat verschillende verklaringen en onvoldoende objectieve aanknopingspunten om de feitelijke gang van zaken vast te kunnen stellen. Vordering benadeelde partij niet-ontvankelijk.

Uitspraak

afdeling strafrecht

parketnummer: 23-002901-25

datum uitspraak: 16 oktober 2026

TEGENSPRAAK

Arrest van het gerechtshof Amsterdam, gewezen op het hoger beroep ingesteld tegen het vonnis van de politierechter in de rechtbank Amsterdam van 9 december 2025 in de strafzaak onder parketnummer

13-019536-23 tegen

[verdachte] ,

geboren te [geboorteplaats] ( [geboorteland] ) op [geboortedag] 1987,

adres: [adres] .

Onderzoek van de zaak

Dit arrest is gewezen naar aanleiding van het onderzoek ter terechtzitting in hoger beroep van

2 oktober 2026 en naar aanleiding van het onderzoek ter terechtzitting in eerste aanleg.

De verdachte heeft hoger beroep ingesteld tegen voormeld vonnis.

Het hof heeft kennisgenomen van de vordering van de advocaat-generaal en van hetgeen de verdachte en zijn raadsvrouw naar voren hebben gebracht.

Tenlastelegging

Aan de verdachte is tenlastegelegd dat:

1.
hij op of omstreeks 18 januari 2023 te Amsterdam, in elk geval in Nederland, [slachtoffer] heeft mishandeld door deze [slachtoffer] een of meerdere malen (telkens met kracht) te slaan en/of te stompen in het gezicht, in elk geval tegen het hoofd;

2.
hij op of omstreeks 18 januari 2023 te Amsterdam, in elk geval in Nederland, opzettelijk en wederrechtelijk een telefoon, in elk geval enig goed, dat geheel of ten dele aan [slachtoffer] , in elk geval aan een ander toebehoorde(n) heeft vernield, beschadigd en/of onbruikbaar gemaakt.

Voor zover in de tenlastelegging taal- en/of schrijffouten voorkomen, zal het hof deze verbeterd lezen. De verdachte wordt daardoor niet in de verdediging geschaad.

Vonnis waarvan beroep

Het vonnis waarvan beroep zal worden vernietigd, omdat het hof tot andere beslissingen komt dan de politierechter.

Vrijspraak

Standpunt van de partijen

De advocaat-generaal heeft gevorderd dat de verdachte voor de tenlastegelegde feiten zal worden veroordeeld tot een taakstraf van 40 uur, subsidiair 20 dagen hechtenis met aftrek van voorarrest.

De raadsvrouw heeft bepleit dat de verdachte moet worden vrijgesproken van de tenlastegelegde feiten wegens gebrek aan overtuigend bewijs.

Oordeel van het hof

Het hof constateert dat over het incident op 18 januari 2023 in het ‘ [winkel] meerdere en ook verschillende verklaringen zijn afgelegd door enerzijds de aangeefster en haar vriendinnen en anderzijds door de verdachte. Die twee aan elkaar tegengestelde lezingen over de gang van zaken bevatten naar het oordeel van het hof beide discrepanties en onwaarschijnlijkheden. Het procesdossier bevat evenwel onvoldoende objectieve aanknopingspunten om de feitelijke gang van zaken te kunnen vaststellen en zodoende de lezing van één van de partijen terzijde te kunnen schuiven. Zo bevat het procesdossier geen verklaringen van onafhankelijke getuigen en is door verbalisanten niks gerelateerd over het vermeende letsel bij de aangeefster of over de manier waarop zij de winkel hebben aangetroffen toen zij ter plaatste kwamen.

Al met al staat het voor het hof gelet op al het voorgaande niet met een voor een bewezenverklaarde mate van zekerheid vast dat de verdachte zich schuldig heeft gemaakt aan de tenlastegelegde feiten, zodat hij hiervan integraal moet worden vrijgesproken.

Vordering van de benadeelde partij [slachtoffer]

De benadeelde partij heeft zich in eerste aanleg in het strafproces gevoegd met een vordering tot schadevergoeding. Deze bedraagt € 682,00 aan materiële schade. De vordering is bij het vonnis waarvan beroep toegewezen. De benadeelde partij heeft zich in hoger beroep opnieuw gevoegd voor het bedrag van de oorspronkelijke vordering.

De verdachte wordt niet schuldig verklaard ter zake van het onder 1 en 2 tenlastegelegde handelen waardoor de gestelde schade zou zijn veroorzaakt. De benadeelde partij kan daarom in de vordering niet worden ontvangen.

BESLISSING

Het hof:

Vernietigt het vonnis waarvan beroep en doet opnieuw recht:

Verklaart niet bewezen dat de verdachte het onder 1 en 2 tenlastegelegde heeft begaan en spreekt de verdachte daarvan vrij.

Vordering van de benadeelde partij [slachtoffer]

Verklaart de benadeelde partij [slachtoffer] niet-ontvankelijk in de vordering tot schadevergoeding.

Bepaalt dat de benadeelde partij en de verdachte ieder hun eigen kosten dragen.

Dit arrest is gewezen door de meervoudige strafkamer van het gerechtshof Amsterdam, waarin zitting hadden mr. D.A.C. Koster, mr. T. de Bont en mr. L.M.G. de Weerd, in tegenwoordigheid van

mr. L.C. de Groot, griffier, en is uitgesproken op de openbare terechtzitting van dit gerechtshof van

16 oktober 2026.

Mrs. De Bont en De Groot zijn buiten staat dit arrest mede te ondertekenen.

=========================================================================

[…]