Civiel recht overig

Vervolg op tussenarrest van 19 maart 2013. Vernietiging van arbitraal vonnis voor zover dat vonnis betrekking…

Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, 20 augustus 2013

Zaakgegevens

Op 20 augustus 2013 heeft het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden in hoger beroep uitspraak gedaan in een zaak over civiel recht.

Instantie
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
Zittingsplaats
Arnhem
Datum uitspraak
20 augustus 2013
Datum publicatie
21 augustus 2013
Zaaknummer
200.093.262
Procedure
Hoger beroep
Advocaat
mr. E.W Kingma, mr. E.J.A. Vilé
ECLI
ECLI:NL:GHARL:2013:6207
E-mail
Inhoud van deze uitspraak

Samenvatting

Vervolg op tussenarrest van 19 maart 2013.

Vernietiging van arbitraal vonnis voor zover dat vonnis betrekking heeft op de door Harkemase Boys aan <gedaagde> te betalen ontbindingsvergoeding.

Procesgang

  1. Gerechtshof Arnhem · 28 augustus 2012

    ECLI:NL:GHARN:2012:BX6583
  2. Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden · 19 maart 2013

    ECLI:NL:GHARL:2013:BZ5724
  3. Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden · 20 augustus 2013deze uitspraak

    ECLI:NL:GHARL:2013:6207

Uitspraak

GERECHTSHOF ARNHEM-LEEUWARDEN

locatie Arnhem

afdeling civiel recht

zaaknummer gerechtshof 200.093.262

arrest van de derde kamer van 20 augustus 2013

in de zaak van

de vereniging met volledige rechtsbevoegdheid

Harkemase Boys,

gevestigd te Harkema, gemeente Achtkarspelen,

eiseres,

hierna: Harkemase Boys,

advocaat: mr. E.W. Kingma,

tegen:

[gedaagde] ,

wonende te [woonplaats] ,

gedaagde,

hierna: [gedaagde] ,

advocaat: mr. E.J.A. Vilé.

1 Het verloop van het geding

1.1

Voor het verloop van het geding tot het tussenarrest van 19 maart 2013 verwijst het hof naar dat tussenarrest.

1.2

Ingevolge dat tussenarrest heeft op 17 juni 2013 een comparitie van partijen plaatsgevonden. De partijen zijn niet tot overeenstemming gekomen. De zaak is vervolgens naar de rol verwezen voor arrest.

2 De verdere motivering van de beslissing in hoger beroep

2.1

Het hof verwijst naar en volhardt bij de inhoud van het tussenarrest van 19 maart 2013.

2.2

Bij dat arrest heeft het hof een comparitie van partijen bepaald om de partijen in de gelegenheid te stellen zich uit te laten over hetgeen in dat arrest is overwogen en om te onderzoeken of een regeling tussen hen mogelijk is. De partijen hebben ter comparitie geen overeenstemming bereikt over het al dan niet betalen van een schadevergoeding door Harkemase Boys aan [gedaagde] en de hoogte daarvan.

2.3

[gedaagde] heeft ter gelegenheid van de comparitie alsnog bezwaar gemaakt tegen gedeeltelijke vernietiging van het arbitrale vonnis. Het hof acht echter geen termen aanwezig om terug te komen op zijn oordeel dat is neergelegd in het tussenarrest van 19 maart 2013. Het hof zal het arbitrale vonnis dan ook vernietigen conform de primaire vordering van Harkemase Boys, dus voor zover dat vonnis betrekking heeft op de door Harkemase Boys aan [gedaagde] te betalen ontbindingsvergoeding.

2.4

Zoals in het tussenarrest van 19 maart 2013 in rechtsoverweging 2.6 is overwogen, herleeft de bevoegdheid van de gewone rechter, de kantonrechter, om te oordelen over de vordering van [gedaagde] tot veroordeling van Harkemase Boys om aan hem een schadevergoeding te betalen, op het moment dat de vernietiging van het arbitraal vonnis, voor zover het de aan [gedaagde] te betalen vergoeding betreft, onherroepelijk wordt. [gedaagde] zal zich dan tot de kantonrechter kunnen wenden met een vordering tot vergoeding, die maximaal € 15.000,- (netto) zal kunnen bedragen.

2.5

Als de overwegend in het ongelijk te stellen partij zal het hof [gedaagde] in de kosten van deze procedure veroordelen. Deze kosten zullen worden vastgesteld op:

- explootkosten € 76,31

- griffierecht € 1.769,-

subtotaal verschotten € 1.845,31

- salaris advocaat € 2.682,- (2,5 punten x tarief II)

Totaal € 4.527,31.

3 De beslissing

Het hof, recht doende in hoger beroep:

vernietigt het tussen de partijen door het College van Arbiters van de Koninklijke Nederlandse Voetbalbond gewezen arbitrale vonnis van 28 juni 2011 (nummer 1309), voor zover dat aan het oordeel van het hof is onderworpen en betrekking heeft op de toekenning van een ontbindingsvergoeding van € 15.000,- netto;

veroordeelt [gedaagde] in de kosten van deze procedure, tot aan deze uitspraak aan de zijde van Harkemase Boys vastgesteld op € 1.845,31 voor verschotten en op € 2.682,- voor salaris overeenkomstig het liquidatietarief;

verklaart dit arrest, voor zover het de proceskostenveroordeling betreft, uitvoerbaar bij voorraad.

Dit arrest is gewezen door mrs. I.A. Katz-Soeterboek, H. van Loo en G.P.M. van den Dungen en is in tegenwoordigheid van de griffier in het openbaar uitgesproken op

20 augustus 2013.