Civiel recht overig

Huur zorgvastgoed. Wijzigingen financiering zorg door bruteringsoperatie in 1995 en gevolgen daarvan voor…

Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, 25 oktober 2016

Zaakgegevens

Op 25 oktober 2016 heeft het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden in hoger beroep uitspraak gedaan in een zaak over civiel recht.

Instantie
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
Zittingsplaats
Arnhem
Datum uitspraak
25 oktober 2016
Datum publicatie
26 oktober 2016
Zaaknummer
200.132.221
Procedure
Hoger beroep
Advocaat
mr. F.J.P Delissen, mr. J.M. van Noort
ECLI
ECLI:NL:GHARL:2016:8621
E-mail
Inhoud van deze uitspraak

Samenvatting

Huur zorgvastgoed. Wijzigingen financiering zorg door bruteringsoperatie in 1995 en gevolgen daarvan voor verhouding tussen verhuurder zorgvastgoed en zorginstelling. Vervolg op ECLI:NL:GHARL:2015:2542. In de zeven vervolgarresten heeft het hof een deskundige benoemt die heeft onderzocht (1) welke huurovereenkomst partijen in 1995 zouden hebben gesloten, als zij zich hadden gerealiseerd dat de Rijksleningen voor het complex Heidestein waren afgelost en (2) of Woonzorg nadeel heeft ondervonden van de voortijdige opzegging van de huurovereenkomst voor het complex de Klinkenberg. Het hof beslist op een groot aantal punten de verschillen van inzicht die tussen partijen zijn blijven bestaan na uitbrenging van het deskundigenbericht en een daarop gevolgede allonge en verwijst voor overleg over de laatste onderdelen naar de mondelinge behandeling.

Uitspraak

GERECHTSHOF ARNHEM-LEEUWARDEN

locatie Arnhem

afdeling civiel recht, handel

zaaknummer gerechtshof: 200.132.221

(zaaknummer rechtbank Gelderland, zittingsplaats Arnhem: 806433)

arrest van 25 oktober 2016

in de zaak van

de stichting

Stichting Vilente,

gevestigd te Ede,

appellante in het principaal hoger beroep,

verweerster in het incidenteel hoger beroep,

hierna: Vilente,

advocaat: mr. F.J.P. Delissen,

tegen:

de stichting

Stichting Woonzorg Nederland,

gevestigd te Amsterdam,

geïntimeerde in het principaal hoger beroep,

appellante in het incidenteel hoger beroep,

hierna: Woonzorg,

advocaat: mr. J.M. van Noort.

1 Het verdere verloop van het geding in hoger beroep

1.1

Voor het verloop van de procedure in hoger beroep tot aan het tussenarrest van 19 juli 2016 verwijst het hof naar dat arrest.

1.2

Na het tussenarrest hebben de deskundige en partijen per e-mail met de griffie gecorrespondeerd. Het hof heeft arrest bepaald.

2
2. De verdere motivering van de beslissing in hoger beroep

2.1

In het tussenarrest is ir. J. Heinen (hierna: Heinen), verbonden aan TNO Innovatie-
Centrum Bouw, Afdeling Vastgoed, Postbus 49, 2600 AA Delft, tot deskundige benoemd.

2.2

Bij brief (bijlage bij e-mail) van 20 september 2016 heeft TNO om redenen als toegelicht in voormelde brief het hof verzocht de benoeming tot deskundige van Heinen te wijzigen in die van dhr. ir. Henk Sijsling (hierna: Sijsling).

Desgevraagd hebben partijen bij monde van hun raadslieden (e-mails van 18 oktober 2016) het hof laten weten dat er geen overwegende bezwaren zijn tegen de voorgestelde vervangende benoeming.

2.3

Het hof overweegt, nu beide partijen zich verenigen met de vervanging van Heinen door Sijsling als deskundige, dat het hof laatstgenoemde tot deskundige zal benoemen met instandhouding van de overige beslissingen in het tussenarrest.


3 De beslissing

Het hof, recht doende in hoger beroep:

ontslaat ir. J. Heinen als deskundige en benoemt in haar plaats tot deskundige:

de heer ir. H. Sijsling, verbonden aan TNO, InnovatieCentrum Bouw, Postbus 49,
2600 AA Delft, tel. +31 (0)88 866 29 41 / +31 (0)6 535 92 661, e-mail: henk.sijsling@tno.nl, onder handhaving van hetgeen in het tussenarrest voor het overige is bepaald, behoudens voor zover hierna anders zal worden bepaald;

bepaalt dat de griffier een afschrift van dit arrest zal verzenden aan de (nieuw benoemde)
deskundige Sijsling;

bepaalt dat de deskundige het door hem uit te brengen rapport (ondertekend en met redenen omkleed) vóór 31 januari 2017 in drievoud toestuurt aan de griffie van dit hof (Postbus 9030, 6800 EM Arnhem);

verwijst de zaak naar de rol van 28 februari 2017 voor memorie na deskundigenbericht aan de zijde van Vilente;

houdt iedere verdere beslissing aan.

Dit arrest is gewezen door mrs. F.J. de Vries, D. Stoutjesdijk en G.J. Rijken, en is in tegenwoordigheid van de griffier in het openbaar uitgesproken op 25 oktober 2016.