Civiel recht overig
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden · Hoger beroep · Civiel recht overig
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, 9 maart 2021
ECLI:NL:GHARL:2021:2259 · Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden · 9 maart 2021
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/gerechtshof-arnhem-leeuwarden/civiel-recht/civiel-recht-overig/hoger-beroep/ecli-nl-gharl-2021-2259
Zaakgegevens
Op 9 maart 2021 heeft het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden in hoger beroep uitspraak gedaan in een zaak over civiel recht.
- Instantie
- Gerechtshof Arnhem-LeeuwardenGerechtshofDe rechter in hoger beroep in civiele zaken, strafzaken en belastingzaken. Nederland heeft vier gerechtshoven.Meer uitleg
- Zittingsplaats
- Arnhem
- Datum uitspraak
- 9 maart 2021
- Datum publicatie
- 9 maart 2021
- Zaaknummer
- 200.228.614
- Rechtsgebied
- Civiel recht » Civiel recht overig
- Procedure
- Hoger beroepHoger beroepEen hogere rechter behandelt de zaak opnieuw, zowel de feiten als het recht, omdat een partij het niet eens is met de eerste uitspraak.Meer uitleg
- Advocaat
- mr. E.H.M Harbers, mr. R.G. Holtz
- ECLI
- ECLI:NL:GHARL:2021:2259
Inhoud van deze uitspraak
Samenvatting
Herstelarrest
Uitspraak
GERECHTSHOF ARNHEM-LEEUWARDEN
locatie Arnhem
afdeling civiel recht, handel
zaaknummer gerechtshof 200.228.614
(zaaknummer rechtbank Noord-Nederland 5713870)
beslissing van de pachtkamer op het verzoek ex artikel 31 Rv
in de zaak van
1 [appellant 1] en
2. [appellant 2] ,
beiden wonende te [woonplaats] ,
appellanten in het principaal hoger beroep,
geïntimeerden in het incidenteel hoger beroep,
in eerste aanleg: gedaagden,
hierna: [appellanten] (mannelijk enkelvoud),
advocaat: mr. E.H.M. Harbers,
tegen:
1 [geïntimeerde 1] ,
wonende te [woonplaats] ,
2. [geïntimeerde 2] ,
wonende te [woonplaats] ,
geïntimeerden in het principaal hoger beroep,
appellanten in het incidenteel hoger beroep,
in eerste aanleg: eisers,
hierna: [geïntimeerden] (mannelijk enkelvoud),
advocaat: mr. R.G. Holtz.
Het hof heeft in deze zaak op 16 februari 2021 arrest gewezen.
Het hof heeft kennis genomen van een verzoek van mr. Harbers bij brief van 17 februari 2021 namens [appellanten] om een kennelijke schrijffout/rekenfout te verbeteren. Het gaat daarbij om de datum die onderaan het arrest is vermeld. Daar staat 16 februari 2020 in plaats van 16 februari 2021.
Mr. Holtz is in de gelegenheid gesteld op dit verzoek te reageren. Bij brief 24 februari 2021 heeft hij verklaard geen bezwaar te hebben tegen inwilliging van het verzoek.
Het hof is van oordeel dat er sprake is van een kennelijke schrijffout die zich voor eenvoudig herstel leent en wijst het verzoek toe.
Het hof bepaalt dat waar “in het openbaar uitgesproken op 16 februari 2020” staat, dit wordt gewijzigd in “in het openbaar uitgesproken op 16 februari 2021”.
Deze verbetering wordt aangebracht op de minuut.
Voor het overige blijft het arrest geheel in stand.
Dit arrest is gewezen door mrs. Th.C.M. Willemse, S.B. Boorsma en D.H. de Witte en de deskundige leden ir. W.G. Nijlant en ing. C.R.M. van Wijk-Francissen, en is in tegenwoordigheid van de griffier in het openbaar uitgesproken op 9 maart 2021.