Civiel recht overig
Art. 62b RO. Verwijzing van zaak naar ander hof wegens betrokkenheid hof; een van partijen is levensgezel van…
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, 20 april 2021
ECLI:NL:GHARL:2021:3801 · Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden · 20 april 2021
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/gerechtshof-arnhem-leeuwarden/civiel-recht/civiel-recht-overig/hoger-beroep/ecli-nl-gharl-2021-3801
Zaakgegevens
Op 20 april 2021 heeft het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden in hoger beroep uitspraak gedaan in een zaak over civiel recht.
- Instantie
- Gerechtshof Arnhem-LeeuwardenGerechtshofDe rechter in hoger beroep in civiele zaken, strafzaken en belastingzaken. Nederland heeft vier gerechtshoven.Meer uitleg
- Zittingsplaats
- Arnhem
- Datum uitspraak
- 20 april 2021
- Datum publicatie
- 20 april 2021
- Zaaknummer
- 200.275.114
- Rechtsgebied
- Civiel recht » Civiel recht overig
- Procedure
- Hoger beroepHoger beroepEen hogere rechter behandelt de zaak opnieuw, zowel de feiten als het recht, omdat een partij het niet eens is met de eerste uitspraak.Meer uitleg
- Advocaat
- mr. J.B.R Daniels, mr. W.A.M. Rupert
- ECLI
- ECLI:NL:GHARL:2021:3801
Inhoud van deze uitspraak
Samenvatting
Art. 62b RO. Verwijzing van zaak naar ander hof wegens betrokkenheid hof; een van partijen is levensgezel van een raadsheer in het hof.
Uitspraak
GERECHTSHOF ARNHEM-LEEUWARDEN
locatie Arnhem
afdeling civiel recht, handel
zaaknummer gerechtshof 200.275.114
(zaaknummer rechtbank Gelderland, zittingsplaats Zutphen, 359597)
arrest van 20 april 2021
in de zaak van
de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid
Kippersluis Holding B.V.,
gevestigd te Nijmegen,
appellante,
in eerste aanleg: eiseres,
hierna: ‘Kippersluis’,
advocaat: mr. J.B.R. Daniels,
tegen:
1. de naamloze vennootschap
Nysingh Advocaten en Notarissen N.V.,
gevestigd te Zwolle,
2. [geïntimeerde2],
wonende te [A] ,
geïntimeerden,
in eerste aanleg: gedaagden,
hierna: ‘Nysingh en [geïntimeerde2] ’,
advocaat: mr. W.A.M. Rupert.
1 Het verdere verloop van de procedure bij het hof
Het hof verwijst naar de inhoud van het tussenarrest van 23 februari 2021.
Vervolgens heeft het hof een mondelinge behandeling bepaald op 5 juli 2021.
Daarna heeft het hof arrest bepaald.
2 De beoordeling in hoger beroep
Het hof heeft kennis genomen van het feit dat gedaagde [geïntimeerde2] levensgezel van een raadsheer in dit hof is. Daardoor is het wenselijk dat het hof deze zaak naar een ander hof verwijst ter verdere behandeling.
Nu het hof op deze wijze betrokkenheid bij de zaak heeft, zal het hof op grond van
art. 62b van de Wet op de rechterlijke organisatie de zaak voor verdere behandeling verwijzen naar het gerechtshof Amsterdam. Dat hof is voor dit doel aangewezen in het Zaaksverdelingsreglement van het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, gepubliceerd in Staatscourant 2014, 11037. Het gerechtshof Amsterdam zal beslissen over de verdere voortgang van de zaak.
3
3. De beslissing
Het hof, recht doende in hoger beroep:
verwijst de zaak ter verdere behandeling naar het gerechtshof Amsterdam.
Dit arrest is gewezen door mrs. J.H. Lieber, H. Wammes en C.J.H.G. Bronzwaer en is in tegenwoordigheid van de griffier in het openbaar uitgesproken op 20 april 2021.