Civiel recht overig

Niet-ontvankelijk. Geen eenparig verzoek tot doorhaling. Geen grieven genomen. Geïntimeerde wil kostenveroordeling.

Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, 27 augustus 2024

Zaakgegevens

Op 27 augustus 2024 heeft het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden in hoger beroep uitspraak gedaan in een zaak over civiel recht.

Instantie
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
Zittingsplaats
Leeuwarden
Datum uitspraak
27 augustus 2024
Datum publicatie
27 augustus 2024
Zaaknummer
200.340.520/02
Procedure
Hoger beroep
Advocaat
mr. D.P Schildknecht te Groningen, mr. M.F. de Jong te Haarlem
ECLI
ECLI:NL:GHARL:2024:5404
E-mail
Inhoud van deze uitspraak

Samenvatting

Niet-ontvankelijk. Geen eenparig verzoek tot doorhaling. Geen grieven genomen. Geïntimeerde wil kostenveroordeling.

Uitspraak

GERECHTSHOF ARNHEM-LEEUWARDEN

locatie Leeuwarden, afdeling civiel

zaaknummer gerechtshof 200.340.520/02

zaaknummer rechtbank Noord-Nederland 186178

arrest van 27 augustus 2024

in de zaak van

J.H.P. Motorparts C.V.,

die is gevestigd in Sneek,

die hoger beroep heeft ingesteld,

en bij de rechtbank optrad als eiseres,

hierna: Motorparts,

advocaat: mr. D.P. Schildknecht te Groningen,

tegen

1 de V.O.F. Firma [geïntimeerde1] ,

die is gevestigd in [plaats1] ,

2. [geïntimeerde2] B.V.,

die is gevestigd in [plaats1] ,

3. [geïntimeerde3],

die woont in [plaats1] ,

4. [geïntimeerde4],

die woont in [plaats1] ,

5. [geïntimeerde5],

die woont in [plaats1] ,

en bij de rechtbank optraden als gedaagden,

hierna samen: [geïntimeerden],

advocaat: mr. M.F. de Jong te Haarlem.

1 Het verloop van de procedure

1.1

Motorparts heeft bij exploot van 5 maart 2024 (hersteld bij exploot van

25 maart 2024) hoger beroep ingesteld tegen het vonnis dat de rechtbank Noord-Nederland, locatie Leeuwarden, op 6 december 2023 tussen partijen heeft uitgesproken. De dagvaarding in hoger beroep is aangebracht tegen de zitting van het hof van 30 april 2024. Aan Motorparts is op die datum een uitstel verleend tot 11 juni 2024 voor het nemen van een memorie van grieven.

1.2

Op 10 juni 2024 heeft Motorparts in een H8-formulier te kennen gegeven de procedure niet voort te willen zetten en heeft zij om doorhaling verzocht. Hierop heeft het hof [geïntimeerden] in de gelegenheid gesteld zich hierover uit te laten.

1.3

Bij akte van 25 juni 2024 hebben [geïntimeerden] te kennen gegeven in te kunnen stemmen met royement, “mits appellante wordt veroordeeld tot betaling van het door [geïntimeerden] betaalde griffierecht alsmede tot betaling van de geliquideerde proceskosten.”

1.4

Het hof heeft de zaak vervolgens doorgehaald, met de opmerking “G akkoord met royement”.

1.5

[geïntimeerden] hebben de zaak vervolgens op de rol van 16 juli 2024 heropend na royement en aangegeven dat het hof de akte van 25 juni 2024 niet had mogen opvatten als een onvoorwaardelijke instemming met doorhaling van de zaak. [geïntimeerden] verzoeken het hof alsnog een arrest te wijzen waarbij Motorparts wordt veroordeeld in de proceskosten van [geïntimeerden] Het hof heeft hierop geen reactie van Motorparts ontvangen.

2 Het oordeel van het hof

2.1

Uit het verzoek tot doorhaling van de zaak en de toelichting daarbij leidt het hof af dat Motorparts afziet van het nemen van de memorie van grieven.

2.2

Nu daarmee vast is komen te staan dat Motorparts geen grieven heeft geformuleerd tegen het bestreden vonnis, en niet is gebleken dat dit vonnis in strijd is met recht van openbare orde, zal Motorparts niet-ontvankelijk worden verklaard in het hoger beroep.

2.3

Motorparts zal worden veroordeeld in de kosten van de procedure in hoger beroep aan de zijde van [geïntimeerden] Onder die kosten vallen ook de nakosten die nodig zijn voor de betekening van de uitspraak, zonder dat het hof deze kosten in het dictum hoeft te specificeren.

3 De beslissing

Het hof:

verklaart Motorparts niet-ontvankelijk in het hoger beroep;

veroordeelt Motorparts tot betaling van de volgende proceskosten van [geïntimeerden] :

€ 798,- aan griffierecht,

€ 591,50 aan salaris van de advocaat van [geïntimeerden] (½ procespunt x appeltarief II).

Dit arrest is gewezen door mrs. M.W. Zandbergen, W.F. Boele en J. Smit, en is door de rolraadsheer in tegenwoordigheid van de griffier in het openbaar uitgesproken op
27 augustus 2024.

HR 10 juni 2022, ECLI:NL:HR:2022:853.