Civiel recht overig
Vordering in hoger beroep ingetrokken. Niet-ontvankelijkheid.
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, 1 oktober 2024
ECLI:NL:GHARL:2024:6123 · Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden · 1 oktober 2024
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/gerechtshof-arnhem-leeuwarden/civiel-recht/civiel-recht-overig/hoger-beroep/ecli-nl-gharl-2024-6123
Zaakgegevens
Op 1 oktober 2024 heeft het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden in hoger beroep uitspraak gedaan in een zaak over civiel recht.
- Instantie
- Gerechtshof Arnhem-LeeuwardenGerechtshofDe rechter in hoger beroep in civiele zaken, strafzaken en belastingzaken. Nederland heeft vier gerechtshoven.Meer uitleg
- Zittingsplaats
- Arnhem
- Datum uitspraak
- 1 oktober 2024
- Datum publicatie
- 1 oktober 2024
- Zaaknummer
- 200.330.404
- Rechtsgebied
- Civiel recht » Civiel recht overig
- Procedure
- Hoger beroepHoger beroepEen hogere rechter behandelt de zaak opnieuw, zowel de feiten als het recht, omdat een partij het niet eens is met de eerste uitspraak.Meer uitleg
- Advocaat
- mr. I.P.M Vadokas-Hofmans, mr. S.B.W du Plessis
- ECLI
- ECLI:NL:GHARL:2024:6123
Inhoud van deze uitspraak
Samenvatting
Vordering in hoger beroep ingetrokken. Niet-ontvankelijkheid.
Uitspraak
GERECHTSHOF ARNHEM-LEEUWARDEN
locatie Arnhem
afdeling civiel recht
zaaknummer gerechtshof 200.330.404
(zaaknummer rechtbank Gelderland, zittingsplaats Arnhem: 10569045)
arrest van 1 oktober 2024
in de zaak van
1 Stichting Pluryn
die is gevestigd in Nijmegen
de vennootschap naar buitenlands recht
2. MS Amlin Insurance SE
die is gevestigd in Amstelveen
die hoger beroep hebben ingesteld
en bij de kantonrechter optraden als eisende partijen
hierna samen: Pluryn c.s.
advocaat: mr. I.P.M. Vadokas-Hofmans
tegen
[geïntimeerde]
die woont in [woonplaats1]
die (voorwaardelijk) ook hoger beroep heeft ingesteld
en bij de kantonrechter optrad als gedaagde partij
hierna: [geïntimeerde]
advocaat: mr. S.B.W. du Plessis
1 Het verloop van de procedure in hoger beroep
Pluryn c.s. heeft hoger beroep ingesteld tegen de beschikking die de kantonrechter in de rechtbank Gelderland, locatie Arnhem op 21 maart 2023 tussen partijen heeft uitgesproken en ten aanzien waarvan bij vonnis van 12 juli 2023 de mogelijkheid van tussentijds beroep is opengesteld.
Het procesverloop in hoger beroep blijkt uit:
• de dagvaarding in hoger beroep
• de memorie van grieven
• de memorie van antwoord tevens memorie van grieven in voorwaardelijk incidenteel hoger beroep
• de memorie van antwoord in het voorwaardelijk incidenteel hoger beroep
• het verslag (proces-verbaal) van de mondelinge behandeling die op 15 augustus 2024 is gehouden
Op 3 september 2024 heeft Pluryn c.s. om doorhaling van de zaak gevraagd. [geïntimeerde] heeft op dezelfde datum om arrest gevraagd. Hierop heeft Pluryn c.s. op 9 september 2024 haar vorderingen in appel ingetrokken.
2 De beoordeling in hoger beroep
Pluryn c.s. heeft om doorhaling van de zaak verzocht en haar vorderingen ingetrokken. Het hof maakt hieruit op dat zij de gronden van het hoger beroep niet handhaaft. Dit brengt mee dat het hof Pluryn c.s. niet-ontvankelijk zal verklaren in het hoger beroep. Aan de behandeling van het voorwaardelijk incidenteel hoger beroep komt het hof niet toe.
Pluryn c.s. wordt aangemerkt als de in het ongelijk gestelde partij in de procedure in principaal hoger beroep. Het hof ziet aanleiding een proceskostenveroordeling in het voorwaardelijk incidenteel appel achterwege te laten.
De veroordelingen in deze uitspraak kunnen ook ten uitvoer worden gelegd als een van partijen de beslissing van het hof voorlegt aan de Hoge Raad (uitvoerbaarheid bij voorraad).
3 De beslissing
Het hof, recht doende in hoger beroep:
verklaart Pluryn c.s. niet-ontvankelijk in haar vordering in hoger beroep
veroordeelt Pluryn c.s. tot de volgende proceskosten van [geïntimeerde] :
- € 343,- aan griffierechten
- € 2.428,- aan salaris van de advocaat van [geïntimeerde] (2 procespunten x tarief II)
verklaart de proceskostenveroordeling uitvoerbaar bij voorraad.
Dit arrest is gewezen door mrs. A.E.F. Hillen, S.C.P. Giesen en M.C. Ritsema van Eck-van Drempt en is in tegenwoordigheid van de griffier in het openbaar uitgesproken op 1 oktober 2024.